Jonge Bulgaar vreest de toekomst

Corruptie heerst alom en het Bulgaarse kabinet doet niets. Al maanden wordt er gedemonstreerd om premier Oresharski tot aftreden te dwingen.

SOFIA - Op de Tsaar-Bevrijder-Boulevard gaat het verkeer gezapig zijn gangetje, wanneer plots een groepje studenten zingend de straat komt opgewandeld. Gewapend met bezems en borstels beginnen ze de belangrijkste verkeersweg van Sofia schoon te vegen. De chauffeurs staan verbouwereerd toe te kijken; sommigen toeteren. 'We ruimen het vuil op dat de regeringsbetogers hebben achtergelaten', verklaren de studenten. Op de meegebrachte vuilniszakken hebben ze slogans staan als 'maffia' en 'gecorrumpeerden'.


Met die laatsten zijn de tienduizenden Bulgaren bedoeld die enkele dagen eerder op dezelfde straat hun steun aan de regering kwamen betuigen. Naar verluidt wisten velen niet eens waarom ze naar Sofia waren gekomen. Ze hadden zich laten lokken door het gratis transport en een aanmoedigingspremie van 20 leva (10 euro). Voor de meesten was het de eerste keer dat ze in Sofia waren.


Voor de demonstrerende studenten was die betoging het zoveelste bewijs dat hun land de verkeerde kant opgaat. Ondanks de beloften wordt er nauwelijks werk gemaakt van de strijd tegen de georganiseerde misdaad. Zes jaar na de toetreding van Bulgarije tot de EU slagen de autoriteiten er maar niet in criminelen achter de tralies te krijgen.


Voor jonge Bulgaren is die toestand niet bepaald hoopgevend. 'We vechten voor onze toekomst', verduidelijkt studentenleider Ivaylo Dinev. 'Ons doel is in Bulgarije te blijven. We willen niet gedwongen worden tot emigratie zoals de meeste Bulgaren.'


Om de politici wakker te schudden, hing Dinev twee maanden geleden in het parlement een spandoek op met de boodschap: 'Schamen jullie je niet?' Sindsdien houdt hij samen met tientallen andere studenten de historische aula van het rectoraat van de universiteit bezet. Bij de ingang heeft iemand een affiche opgehangen: 'En de struik zei tegen de boom: Kom naar beneden, want er is storm op komst.'


De acties volgen op protesten die al in juni begonnen. Toen benoemde de nieuwe regering van premier Plamen Oresharski de omstreden zakenman Delyan Peevski tot hoofd van de nationale veiligheidsdienst. Van iemand die enkele jaren geleden nog zelf als minister de laan was uitgestuurd vanwege 'een gebrek aan moraliteit' werd verwacht dat hij de strijd zou aanbinden met de georganiseerde misdaad.


Maar de regering, die net als haar voorgangers beloofd had werk te maken van de strijd tegen de corruptie, hield voet bij stuk. Voor de beslissende stemming in het parlement stelde de socialistische oud-premier Sergei Stanishev zijn partijgenoten voor de keuze: ofwel Peevski, ofwel nieuwe verkiezingen.


Voor veel Bulgaren was dat de druppel die de emmer deed overlopen. Via sociale netwerken als Facebook werden jongeren opgeroepen om te protesteren tegen de benoeming. De regering trok Peevski's benoeming in allerijl in.


Er wordt bijna dagelijks voor het parlement betoogd tegen de regering. De demonstranten willen weten wie er achter Peevski's benoeming zat. Op de borden in het bezette rectoraat kom je overal hetzelfde woordje tegen: Wie?


De regering doet er het zwijgen toe. Premier Oresharski, die wordt beschouwd als de stroman van de socialistische partijleider Stanishev, zei zich niet te kunnen herinneren wie hem de naam van Peevski had ingefluisterd. Ook Stanishev, sinds 2012 voorzitter van de Partij van Europese Sociaal-Democraten, wil niet vertellen waarom hij Peevski nomineerde.


Prof. Rusha Smilova, hoofd van het Centre for Liberal Strategies, en een van de vele professoren die met de studenten sympathiseren, heeft wel een vermoeden. Samen met een bevriende zakenman beheerst de jonge oligarch Peevski (32) een groot deel van de Bulgaarse media. De Bulgaarse regeringsleiders kunnen maar beter goed luisteren naar hem. En dat doen ze blijkbaar. In de meeste media worden de protesten deskundig doodgezwegen.


Veel hebben de protesten voorlopig dan ook niet uitgehaald. Hoewel de coalitie van socialisten en de partij van de Turkse minderheid alleen kan overleven dankzij de gedoogsteun van de nationalistische Ataka-partij, maakt ze geen aanstalten om op te stappen. Al moeten de studenten bekennen dat de val van de coalitie niet veel zou veranderen. De centrum-rechtse oppositie onder leiding van oud-premier Bojko Borisov is volgens hen van hetzelfde laken een pak.


Ook de met de studenten sympathiserende hoogleraren vinden dat het nog wel even kan duren voor de macht van de oligarchen aan banden wordt gelegd. 'Dit is het begin van het begin', vertelt een van hen tijdens een optocht ter ondersteuning van de protesten. Zoals veel van zijn collega's heeft hij zijn hoop gevestigd op de Europese Unie om van Bulgarije een normaal land te maken.


Een straat verderop heeft een tegenstander van de regering op een elektriciteitskastje een zakhorloge geschilderd. De boodschap eronder laat weinig aan duidelijkheid te wensen over: 'Jullie hebben de klok, wij hebben de tijd'.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden