Johan Cruijff, de Illusionist

Waar Cruijff komt, gloort hoop. Johan Cruijff (60) tovert met illusies. Eén kik en Ajax gelooft weer in glorie...

Op een kille dinsdagavond zegt Johan Cruijff tegen vrouw Danny dat hij een eindje gaat rijden. Onderweg murmelt hij ‘verhip’ tegen zichzelf, zet koers richting Arena en spreekt de ledenraadvergadering van Ajax toe. Even later is hij gevolmachtigd om het technische beleid te hervormen.

Aldus de globale reconstructie van een machtsovername in een notendop. Van Geel, Fontein en Jaakke, eerder hoofdrolspelers in een wat ordinair steekspel, zijn gedegradeerd tot marionetten in een poppenhuis.

Zoiets kan alleen Johan Cruijff bewerkstelligen. Het fenomeen dat sinds 1996 vooral achter de schermen van de sport aan de touwtjes trok, stapt op zijn 60ste achter de coulissen vandaan om zijn jeugdliefde te behagen.

Ron Jans, de trainer van FC Groningen: ‘Soms zie ik Cruijff. Als ik dan thuiskom, zeg ik tegen mijn vrouw: vandaag heb ik met Johan Cruijff gesproken. Dat doe ik verder bijna nooit, zeggen met wie ik heb gepraat.’

In Cruijff gelooft Ajax. Euforisch is de stemming in bepaalde kringen. En er is ook scepsis, want zijn reputatie als alwetende was aan erosie onderhevig, vooral omdat hij zijn waarheid meestal verkondigde vanuit de ivoren toren.

Maar eindelijk is hij min of meer de baas bij Ajax, hoewel hij geen officiële functie bekleedt. ‘Ik los het op’, zei hij slechts, nadat een commissie na vier maanden van hoofdbrekens een rapport had afgescheiden waarin Ajax de zonderlinge opdracht krijgt weer een voetbalclub te worden.

‘Ik kies het beste’, zei hij over de twee opties voor een technisch model, zonder dat hij het rapport overigens had gelezen. Een stoet directeuren en trainers was toen reeds verdwaald in de jungle van het ongenoegen.

Ron Jans: ‘Het kan best lukken, maar het slaat natuurlijk nergens op. Ik hoop trouwens dat Cruijff de problemen oplost. Hij heeft iets magisch. Hij kan dingen die anderen niet kunnen en heeft onvoorstelbaar veel krediet.’

De sores hebben Ajax in de armen van de verlosser gedreven, volgens het klassieke model van de leider die de wanhopige volgelingen bij de hand neemt. Het is een staaltje utilistisch denken: het doel heiligt de middelen.

Janka Stoker, bijzonder hoogleraar leiderschap en organisatieverandering aan de universiteit van Groningen: ‘Het is het bekende fenomeen van de organisatie in crisis, op zoek naar een grote leider. En dat is niet een willekeurig persoon, maar iemand met veel kwaliteiten en charisma, iemand die gedroomde oplossingen aandraagt voor alle problemen en duidelijk richting geeft. Diegene krijgt veel bevoegdheden om zijn leiderschap te tonen. Het kan goed gaan, maar je stelt je als organisatie ook afhankelijk en kwetsbaar op. Vergeet dan nooit dat je allemaal moet blijven nadenken.’

Als Ajax bovenaan had gestaan en teerde op recente successen, was het nooit zo gebeurd, verzekert Stoker. Dan had Ajax de tijd genomen, een profielschets geschreven voor nieuw topkader en een sollicitatieprocedure gestart. Maar Cruijff valt buiten elke profielschets.

Hij kwam gewoon op de bonnefooi naar de Arena gereden en kreeg de baan zonder officieel karakter. Zijn toezegging alleen al om Ajax te helpen was wereldnieuws. Van China tot Zwitserland, van CNN tot The Times, overal berichtten media over zijn rentree. The Independent opperde zelfs de theorie dat Barcelona in de zomer Mourinho kan aanstellen als opvolger van Rijkaard, nu Cruijff in Amsterdam is.

Cruijff is de verspreider van illusies, de opwekker van dromen. Hij laat mensen geloven dat problemen oplosbaar zijn. ‘Cruijff is, in tegenstelling tot vele anderen, geloofwaardig’, zei ex-minister Pieter Winsemius ruim drie jaar geleden in de Volkskrant, naar aanleiding van een boek dat hij schreef, in samenwerking met Cruijff.

Dat boek met de titel ‘Je gaat het pas zien als je het doorhebt’, en als ondertitel ‘Over Cruijff en leiderschap’, werd een bestseller. Winsemius, toen: ‘Je wilt hem geloven. Hij heeft weinig kapsones en zit niet vastgeroest in voorspelbare structuren. Zijn manier van leiderschap is natuurlijk. Het gaat allereerst om inspiratie en visie.’

Bovendien hoeven de Ajax-fans hun ogen maar te sluiten en ze zien hem dartelen door De Meer. En dan komt Van Basten nog als trainer ook, het tweede icoon uit hun verleden. Diens reputatie is weliswaar enigszins bevlekt bij het Nederlands elftal, maar hij kan bogen op behoorlijke resultaten.

En dat is wat Ajax behoeft: resultaten. Cruijff x Van Basten is dan glorie in het kwadraat.

Hoewel Cruijff lang niet altijd en overal slaagde in zijn missie en soms ronduit faalde of gewoon opstapte, heeft hij krediet dankzij zijn successen en charisma.

Richard Witschge, die onder Cruijff werkte bij Ajax en Barcelona: ‘Als Cruijff bij een jeugdwedstrijd stond te kijken, stond je voor je gevoel al voor. Als we hem zagen staan, dachten we: Johan is er, even wat speciaals laten zien.’

Cruijff gaf zelfs rivaal Feyenoord weer het vertrouwen om te winnen, toen de club al tien jaar op een landstitel wachtte en hij uit nijd zijn loopbaan afsloot in Rotterdam.

Peter Houtman, spits in de kampioensploeg van 1984: ‘De fameuze 8-2 nederlaag van ons tegen Ajax in Amsterdam, in het begin van het seizoen nog, was heel belangrijk voor ons. Na afloop zei Cruijff doodleuk: niets aan de hand, we worden gewoon kampioen. Het klinkt misschien belachelijk, zeker gezien die uitslag, maar vanaf dat moment waren er meer jongens in de ploeg die zo gingen denken.’

André ‘Koko’ Hoekstra, een middenvelder met een matige techniek, maar longen als een paard, beleefde het beste seizoen van zijn loopbaan. Houtman: ‘Wij waren niet op ons mondje gevallen, maar Cruijff leerde ons op een andere manier naar voetbal kijken. Hij bedacht bijvoorbeeld dat Hoekstra en ik in andere lijnen moesten lopen. Koko liep zich een ongeluk en scoorde 19 keer dat seizoen.’

Het is duidelijk. Cruijff doorbreekt elke structuur, op én rond het veld. Hij heeft het rapport van de commissie-Coronel niet nodig, want hij kiest zijn eigen oplossingen, namelijk de beste.

Is dat zo gemakkelijk dan? Blijkbaar. Maar dat kan toch niet? Wie begrijpt het nog bij Ajax? Gaat het daar nog over voetbal? Nee, vaak niet. Dat staat zelfs in het rapport.

In die wereld van organogrammen, bijlagen, raden, directies en een NV, is Cruijff de meester van de versimpeling. En precies daaraan hebben mensen behoefte in barre tijden. Het volk loopt dan achter de politiek leider aan die belooft dat hij de welvaart zal terugbrengen. En de voetbalclub luistert gedwee naar de maestro die Ajax terugbrengt naar de top, zonder beleidsplan desnoods.

Witschge: ‘Als Johan ergens zit, wil hij alles in handen hebben. Anders stopt hij ermee. Een club die daarmee weet om te gaan, creëert rust en duidelijkheid. Iedereen weet dan waaraan hij toe is. Als Cruijff op zijn bek gaat, wil hij dat met zijn eigen visie doen.’

‘Johan kan gecompliceerde zaken herleiden tot de basis’, zegt directeur Ron van Huizen van Terre des Hommes. Van Huizen was als voormalig bestuurslid van de Cruyff Foundation twee weken met Cruijff in India. Het bijzondere was dat Cruijff het écht van zijn uitstraling moest hebben, niet van zijn naam.

Van Huizen: ‘Iedereen in hockeyland India kende directeur Carole Thate, als voormalig hockeyster. Bijna niemand kende Cruijff, want voetbal stelt daar niet veel voor. Maar toen we weggingen, kende iedereen hem, zo veel indruk had hij gemaakt.’

Zo bezocht het gezelschap een groep hardwerkende kinderen in steengroeven. ‘Zelfs voor deze lokale gemeenschappen van mensen die hun dorp nooit verlaten, sprak hij een taal die iedereen begreep. Dat deed hij op persoonlijke wijze, op een simpele, aangename manier. Hij maait alle opsmuk, alle toeters en bellen weg.’

Cruijff houdt het dus eenvoudig en wekt vertrouwen. Hij was nauw betrokken bij drie glorieperioden van Barcelona.

Hij maakte zich eerst als speler onsterfelijk, toen hij in 1974 de hegemonie van Real Madrid hielp breken. Later was hij de trainer die vier titels op rij won en de eerste Europa Cup I (nu Champions League) met Barcelona. Ten slotte was hij wegbereider voor de huidige successen, als huisvriend van voorzitter Laporta en beschermheer van trainer Rijkaard.

Bij Ajax heeft hij misschien nog een belofte in te lossen, want hier is hij slechts aan één van de twee bloeiperioden onlosmakelijk verbonden.

In 1964 dreigde de sportieve teloorgang. Ajax stond op degraderen, op het moment dat de jonge trainer Rinus Michels, de jonge voorzitter Jaap van Praag en de piepjonge voetballer Johan Cruijff kwamen. Het drietal vormde de pijler onder de professionalisering. Een wereldelftal was geboren.

Klaas Nuninga, destijds ploeggenoot van Cruijff: ‘De mensen die nu zo enthousiast zijn om hem terug te zien, identificeren zich met de Cruijff uit die tijd. Hij was niet alleen een fantastische speler, hij heeft de mensen hier een jarenlange herinnering gegeven.’

In 1989 was Ajax financieel bijna failliet, nadat een staafgooier de club in het verderf stortte. Louis van Gaal voltooide in 1995 de tweede bloeiperiode, waaraan Cruijff een piepkleine bijdrage had geleverd door de winst in de Europa Cup II (1987).

In 2008 is Ajax dicht bij wat je het morele faillissement zou kunnen noemen. Oud-voorzitter Van Praag vindt die term te zwaar beladen, maar hij kan zich iets voorstellen bij de woordkeuze, na alle onfatsoen, de intriges en het volstrekte gebrek aan continuïteit.

Van Praag: ‘Bovendien geloof ik in cycli van ongeveer 20 jaar. Er zou best een succesperiode kunnen aanbreken.’ Stoker, ter waarschuwing: ‘Een sterke leider staat of valt met de kwaliteit om hem heen.’

De hoop leeft dat Cruijff en Van Basten Ajax naar een hoger plan kunnen tillen dankzij hun naam en faam, én omdat ze alleen in voetbal denken, niet in structuren of randverschijnselen.

Misschien weten zij ook betere spelers aan te trekken, of talenten langer te behouden. Witschge: ‘Er zal wel geld loskomen. Als Ajax straks bij een speler aanklopt en Cruijff en Van Basten staan voor de deur, zeg je niet zo snel nee. Dat werkt hetzelfde als met grote spelers in het veld: je bent toch geïntimideerd.’

Nuninga: ‘Ryan Babel is twee jaar te vroeg naar Liverpool vertrokken, want hij had hier nog veel kunnen leren. Ik hoop dat dit soort spelers straks blijft, ook als er een grote portemonnee wordt getrokken in het buitenland.’

Of Cruijff alle oplossingen kan aandragen, is nu trouwens nog niet zo belangrijk. Hij heeft Ajax de illusie teruggegeven. Witschge: ‘Je voelt dat er iets staat te gebeuren.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden