Jeugdtheaterfestival benadrukt het experiment

Onverwachts was de foyer van Theater aan de Parade in Den Bosch zaterdagavond weer een gewone koffieruimte geworden. Een in avondkleding gestoken publiek (man parkeert auto, vrouw haalt de kaartjes) maakt zich op voor Frans Brüggens Orkest van de Achttiende Eeuw, al keuvelend over dat aardige vakantie-adresje....

RONALD OCKHUYSEN

Van onze medewerker

Ronald Ockhuysen

DEN BOSCH

Hoe anders oogde dezelfde ruimte tussen dinsdagavond en zaterdag tot in de namiddag, toen de bezoekers van het eerste Kunst jr. Festival elkaar hier troffen. Regisseurs, acteurs, musici, choreografen, dansers, beleidsmakers en doodgewone theaterliefhebbers; 's ochtends, tegen half elf, met de kreukels nog in het gezicht, dienden zij zich aan om rond middernacht, het praatuurtje Confrontaties evaluerend, huiswaarts te keren. Want het Kunst jr. Festival is in de eerste plaats een festival voor de makers en de watchers, een bijeenkomst die in andere kringen 'congres' of 'conferentie' wordt genoemd.

Het Kunst jr. Festival (voorheen Jeugdtheaterfestival), dat sinds 1984 jaarlijks in Den Bosch plaats vindt, heeft zijn horizon flink verbreed. Naast toneel konden de festivalbezoekers dansvoorstellingen en muziekprodukties bezoeken. En het accent van het Festival is door artistiek leider Loek Zonneveld op het experiment gelegd. Want behalve de zeventig voorstellingen, veelal de jeugdtheaterhits van het afgelopen jaar, waren ook voorproefjes, readings en bewegingsonderzoeken te zien, voorafschaduwingen van voorstellingen die ooit gemaakt gaan worden.

Dat niet het eindresultaat maar de ontwikkeling telt, onderstreepte Zonneveld al tijdens zijn openingswoord. Zijn festival moet als een zoektocht worden beschouwd, zo vertrouwde hij de aanwezige 'theatervrienden en theatervriendinnen' toe. Een zoektocht naar een schriftuur, naar een totaaltheater waarin de muren tussen de culturen en de kunstvormen definitief zijn geslecht.

Nadat Het Willem Breuker Kollektief het spits had afgebeten met Kleine potjes, grote oren, een melig familieconcert, kon wat Zonneveld 'het diepzeeduiken op de vierkante millimeter' noemde, beginnen. En een duik werd het, een tocht langs kleinschalige produkties die gespeend zijn van de diepgravende psychologie en de verzengende ironie die het reguliere aanbod voor jongeren moeilijk toegankelijk maken. Produkties ook, waarin de metaforen je toejuichen, waarin het spel lijkt te vragen om een reactie vanuit het publiek.

Zo kan het op het Kunst jr. Festival gebeuren dat je je bij het ogenschijnlijk gewichtloze Mikrokosmos, een concert voor bezoekers vanaf zes jaar naar Béla Bartòk, verbaast over het scala van emoties dat in een klein uur voorbij raast, terwijl je kort daarvoor de schrik van je leven krijgt wanneer blijkt dat Wies Bloemens danssolo Al 1 een onderzoek is naar het lot van een podiumkunstenaar.

De ontboezeming van Bloemen, dat ze niet anders kan en wil dan dansen ('De critici en de subsidiënten zagen mij nooit zitten. Het publiek wel. Anders zou ik hier niet staan.'); wat moet je daar, hoe openhartig ook, mee?

Dan de bewegingstaal in Mooi & Lelijk van RAZ, waarin Eelco Roovers en Lies van de Wiel voorzichtig maar zeker de antwoorden op de grote levensvragen van contouren voorzien. Een jaar oud is de voorstelling; het hart van de produktie klopte echter alsof het de eerste confrontatie met het publiek was.

Een eerste kennismaking met een jong publiek was Den Bosch wel voor Dirk Groeneveld, en dat heeft Groeneveld geweten ook. Zijn bijtende monoloog Red ons, Maria Montanelli bleek aan een publiek van rond de dertien niet besteed. Geen les? Keten! - dat is toch het eerste wat een brugklasser denkt wanneer de leraar zegt dat er klassikaal een theater wordt bezocht.

Toch bleek Groeneveld pech te hebben gehad (teveel kinderen naast elkaar, te vriendelijke docent). De meeste scholieren die overdag het festival bezochten, op instigatie van organisator LOKV, zullen zich de wereld heugen waarin mensen pal voor je neus doen alsof ze iemand anders zijn.

De tijden waarin jeugdtheater met jengelende kinderen werd geassociëerd liggen niet alleen daarom achter ons. Het jeugdtheater heeft zich definitief van de oorsprong, de jaren zeventig, toen iedereen gelijk werd geacht en kinderen recht op kunst bleken te hebben, losgemaakt. Voor moralisme is nog altijd plaats, maar pasklare antwoorden op klinkklare vragen blijven achterwege. Jeugdtoneel is al lang geen toneel voor jongeren meer; het is een stijl van theatermaken die directer dan het reguliere toneel appelleert aan het gevoel.

Voorstellingen, waaronder ook produkties uit België en Italië, een aantal korte proeven van bekende en minder bekende makers onder de noemer 'Trossen los in de grote bak', composities van scholieren gespeeld door orkest De Ereprijs, filosofische, op kunst gerichte gesprekken met kinderen, Bertolt Brecht bewerkt door jeugdtheatermakers; in Den Bosch was veel, heel veel te doen. En tussen de bedrijven was één noodkreet hoorbaar: voor de nieuwe, veelbelovende generatie jeugdtheatermakers moeten werkplaatsen worden gecreëerd.

Verder geen wanklanken. Dat de de organisatie er soms te gretig op los programmeert, moet maar voor lief worden genomen. Hans Tuerlings waarschuwde dinsdagavond al in mooi & lelijk: 'Van teveel mooi, word je ziek'.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden