Reportage

Jeugdbendes wekken Hutu-Tutsi-spook tot leven

Opnieuw dreigt in Burundi een bloedige strijd tussen Hutu's en Tutsi's. Gewapende jeugdmilities lopen zich al warm. 'Als het donker wordt, komen ze tevoorschijn.'

Redactie
Betogers protesteren in Bujumbura tegen president Nkurunziza, die zich verkiesbaar heeft gesteld voor een derde ambtstermijn. Beeld Sven Torfinn
Betogers protesteren in Bujumbura tegen president Nkurunziza, die zich verkiesbaar heeft gesteld voor een derde ambtstermijn.Beeld Sven Torfinn

Het floept er zomaar uit. De vraag was waarom de mensen aan de overkant van de straat, daar waar een andere wijk begint, 'de vijand' zijn. Jean, een tengere Burundees, reageert onmiddellijk: 'Omdat het Tutsi's zijn!' Hij schrikt haast zelf van deze woorden. Zijn kameraad legt snel een arm om zijn schouder.

Zo fel was het niet bedoeld, probeert de andere man duidelijk te maken. Hij heet Amos, en weigert net als Jean om zijn volledige naam te geven. Samen met Jean zegt hij de leiding te hebben over het comité dat moet zorgen dat de inwoners van Kamenge, hun volkswijk in de hoofdstad Bujumbura, veilig blijven.

Etnisch discours

Veilig dus ook voor de inwoners aan de overkant, in de wijk Cibitoke. Daar immers zijn de protesten tegen president Pierre Nkurunziza het felst. En ja, daar is een ruime meerderheid van de demonstranten Tutsi, terwijl dat volk maar zo'n 15 procent van de Burundese bevolking vormt. In Kamenge wonen vooral mensen van de Hutu-meerderheid.

Het moet gezegd, al wil niemand in het land er graag nog over spreken. De strijd tussen Hutu's en Tutsi's begon eigenlijk al direct na de onafhankelijkheid van de Belgen in 1962. Pas na het aantreden in 2005 van Nkurunziza, de Hutu die nu voor een derde keer president wil worden, slaagden de meeste Burundezen erin, na circa 300 duizend doden, om met elkaar in vrede te leven. Een broze vrede, die door de politieke onrust van de afgelopen tijd weer in gevaar kan komen.

Het etnische discours leek grotendeels verdwenen, maar het is terug. Neem de poging tot een staatsgreep, een paar weken geleden. Nadat de militairen die trouw zijn aan de president erin waren geslaagd de putschisten terug te dringen, zeiden vooraanstaande Hutu-generaals en -politici het toch 'opvallend' te vinden dat de 'eigenlijke' coupplegers Tutsi's waren.

Leden van de Jeugdbeweging van de regerende partij tijdens een bijeenkomst van de partij. In Bujumbura zijn naast acties van de politie tegen demonstranten ook steeds meer confrontaties tussen de jeugdbeweging van de regerende partij en tegenstanders. Beeld Sven Torfinn / de Volkskrant
Leden van de Jeugdbeweging van de regerende partij tijdens een bijeenkomst van de partij. In Bujumbura zijn naast acties van de politie tegen demonstranten ook steeds meer confrontaties tussen de jeugdbeweging van de regerende partij en tegenstanders.Beeld Sven Torfinn / de Volkskrant

Harde kern

De spontane woorden van Jean in de wijk Kamenge passen in dit stramien. En bij woorden blijft het niet. Jonge mensen als hij, Hutu's die loyaal zijn aan Nkurunziza en diens regerings-partij CNDD-FDD, heten in de volksmond 'Imbonerakure' te zijn, leden van de jeugdmilitie van de presiden-tiële partij. En wie Imbonerakure zegt, zegt in Burundi: intimidatie en geweld.

De harde kern van de Imbonerakure bestaat uit jongeren die voor de CNDD-FDD vochten in de burgeroorlog die tussen 1993 en 2005 in Burundi woedde. Officieel zijn ze gedemobiliseerd, maar volgens de mensenrechtenactivist Vital Nshimiyimana 'hebben ze hun oorlogsmentaliteit nooit volledig achter zich gelaten'. Hun tegenstanders zeggen dat ze over vuurwapens beschikken, maar een hard bewijs daarvoor is nog niet geleverd.

Dat de Imbonerakure ('Zij die ver zien') bij vriend en vijand als een zeer vervaarlijke parallelle macht gelden, staat wel vast. Kenners van het Grote Merengebied vergelijken hen soms met de Interahamwe, de militie in Rwanda die samen met het toenmalige Hutu-leger verantwoordelijk was voor gruwelijke misdaden tijdens de genocide op voornamelijk Tutsi's in 1994.

Felle reactie

Het is een vergelijking die een felle reactie oplevert van Jean-Bosco Girukwishaka, de 35-jarige man die verantwoordelijk is voor de ideologische lijn van de jeugdmilitie. Hij en zijn collega Jean-Bosco Nzigamiye ontvangen in de kelder van het hoofdkwartier van de regeringspartij. Tijdens het gesprek klinken buiten geweerschoten van agenten die vuren tijdens demonstraties tegen president Nkurunziza.

'Mensen zeggen dat wij intimiderend en gewelddadig zijn', zegt Girukwishaka, een Hutu. 'Maar het omgekeerde is eerder het geval. Wij worden bedreigd, wij hebben mensen vermoord zien worden. Het zijn allemaal manoeuvres van de oppositie. Hun enige doel is om ons als duivels af te schilderen. Zij zijn het die wapens hebben. De meeste daarvan vind je in de wijken waar de meerderheid Tutsi is.' Zijn collega Nzigamiye, een Tutsi, valt hem bij. 'Precies, zo zit het. Dat kan ik u voor twee miljoen procent garanderen.'

De Imbonerakure zijn volgens beide mannen vooral gericht op patriottisme. Het zou gaan om 'vele honderdduizenden' jongeren. Zij hebben 'democratie, ontwikkeling en gerechtigheid' hoog in het vaandel en begrijpen waarom het nodig is om trainingen te volgen die hen 'fysiek fit' houden en hun 'goede gedrag' bevorderen. 'Dus uitspattingen worden niet getolereerd. Onze regels zijn duidelijk. Wie bijvoorbeeld overspel pleegt, kan op een reprimande rekenen.'

Alcoholwalm

Tegenstanders gebruiken de term Imbonerakure steeds meer als een verzamelnaam voor alles wat in het heftige politieke klimaat van Burundi de aanzet kan geven tot een gewelddadige escalatie. Daarbij is het beeld soms mythisch, of minstens spookachtig. Zo staat 'de nacht van de lange jassen', vertellen inwoners van volkswijken ons, voor Imbonerakure die in het duister op patrouilles gaan, hun wapens verborgen onder hun kleding. 'Als het donker wordt, na zes uur 's avonds', klinkt het fluisterend, 'komen ze te voorschijn.'

Mensen als Jean en Amos in Kamenge spreken liever niet met journalisten. Niet omdat, zoals het geval is, hun adem in de vroege ochtend al naar alcohol ruikt, maar omdat de media hen als het kwaad willen afschilderen. 'Wij willen niet dat er betoogd wordt tegen de president, dat is alles. Wij willen in vrede leven, en zij niet.' Die 'zij' zijn de mensen aan de andere kant van de straat, hun buren.

Manifestanten demonstreren in de wijken van Bujumbura tegen een derde termijn van president Nkurunziza. Beeld Sven Torfinn / de Volkskrant
Manifestanten demonstreren in de wijken van Bujumbura tegen een derde termijn van president Nkurunziza.Beeld Sven Torfinn / de Volkskrant

Au revoir

De Imbonerakure zijn niet de enige jeugdmilitie die als gewelddadig bekend staat. Zo stuiten we tijdens een reis door de heuvels buiten de hoofdstad op het verwoestende werk van de Ivyuma Ogendege, de jeugdgroep van de Hutu-oppositiepartij FNL, die in het dorp Nyabiraba twee huizen heeft verwoest van mensen die op president Nkurunziza stemmen. Zo schuift Burundi in de richting van steeds grover geweld.

Het is een klimaat waarin de voor later deze maand geplande verkiezingen niets zullen oplossen. Op dit moment is alleen de regeringpartij CNDD-FDD hiervan dan ook een voorstander. Zij voert als enige campagne, in de stad en op de heuvels. Leden van de Imbonerakure, met hun witte T-shirts, zijn daar nadrukkelijk bij aanwezig.

Jean-Bosco Girukwishaka, de 'ideoloog', is de hoofdspreker op een van de verkiezingsbijeenkomsten, in de wijk Kanyosha. De partij, zegt hij, 'is zwanger van de overwinning. De baby wil er al uit.' En tot die tijd: 'Zeg au revoir tegen de angst. Blijf kalm. Wij zullen ons doel bereiken. Zij steken het land in brand. Wij doen ons werk.'

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden