Jetsetjournalist

Cécile Narinx en John Lukken bepalen als hoofdredacteuren van Elle en Beau Monde wat hip en mooi gevonden wordt. Of is het de adverteerder?

NATHALIE HUIGSLOOT

Ze waren genomineerd, maar geen van tweeën werd vorige week gekroond tot Hoofdredacteur van het Jaar. Desondanks maken Cécile Narinx (Elle) en John Lukken (Beau Monde) samen zo'n beetje uit wat hip en mooi is in mode- en societyminnend Nederland. Ze vertellen hoe het is om bladen te maken in de wondere wereld van de glamour en de glossy. 'Hoe hoger in de hiërarchie, hoe ontluisterender het uitzicht.'

Hebben jullie al een beetje verwerkt dat jullie niet in de prijzen zijn gevallen?

John Lukken: 'Ja hoor, gelijk. Het is alleen op zo'n avond zelf niet leuk. Vooral omdat mensen met zo'n gezicht vol medelijden op je afkomen: oh, wat zielig voor je, ik had het je zo gegund.'

Cécile Narinx: 'Verschrikkelijk is dat ja. Voor de rest had ik me er al wel op ingesteld. Twee jaar geleden waren we met ELLE in drie categorieën genomineerd en had ik speciaal een gouden jurk aangetrokken en plaatsgenomen op een stoel vlak bij de trap naar het podium. Dat leek handig, maar het was niet een keer nodig. Dit jaar had ik me dan ook maar beperkt tot een gouden jasje. Gelukkig won onze artdirector wel een Mercur. Ik gunde het haar nog meer dan mezelf. Het is ook niet zo heel erg om van Linda (de Mol, red.) en Jildou (van der Bijl, red.) te verliezen, want dat zijn me toch een stel kanonnen.'

Wat hebben zij wat jullie niet hebben?

Narinx: 'Linda de Mol, dat is natuurlijk een magneet voor alles en nog wat, dat kun je niet evenaren. En het is een fantastische formule, heel origineel. Ze hebben verder het voordeel dat ze alles kunnen doen wat ze willen. Ik zit met ELLE vast aan een internationaal stramien. Vorig jaar hadden we een geborduurde cover. Daar waren ze in Parijs niet blij mee, ik kreeg in elk geval een telefoontje met de boodschap: 'We strongly recommend you to never do that again.' Ik kan dus ook geen uitklappers met blote voetballers gaan doen of zo. Dan is het geen ELLE meer.'

Jullie komen elkaar veel tegen. Wat zijn nou de aspecten van het vak waarover jullie niet uitgepraat raken?

Narinx: 'Het eisenpakket van de BN'ers. Dat wordt steeds erger. We hebben daarom nu afgesproken dat we meer een front moeten gaan vormen. Gewoon met z'n allen 'nee' zeggen als ze weer met eisen komen als: we willen alleen die fotograaf, visagist en stylist, we willen het interview helemaal kunnen afkeuren of bewerken, en we willen alle levervlekken op de handen kunnen laten weghalen. Want daarmee kijken ze eigenlijk neer op ons vak.'

Lukken: 'Het is namelijk ons werk om iemand zo te fotograferen dat diegene heel erg Beau Monde of juist heel erg ELLE wordt. En dat krijg je niet voor elkaar als bekende Nederlanders een eigen stylist en een eigen visagist eisen, want dan is het altijd hetzelfde. En wij moeten onze formule bewaken. Bij mij moet het toch meer die Dolce & Gabbana-jurk zijn, glimmend, en met haar gedaan door Leco.'

Narinx: 'Ik begrijp het ook wel, hoor. Als ik, zoals nu voor de Volkskrant, op de foto moet, denk ik ook: ja hallo, wordt het wel geretoucheerd? Wij zijn zo verwend met Photoshop dat je bijna niet meer gewend bent aan gewone mensen, aan hoe ze er echt uitzien. Zelfs modellen die een fantastische huid hebben, worden nog gephotoshopt. Bij covershoots gaat het soms zo ver dat we het hoofd van de ene opname op het lichaam van een andere take plakken, omdat het dan net mooier is. Of we shoppen er een paar plukken haar bij.'

Lukken: 'Ja, daar ontkom je niet aan. Wij hebben in het laatste nummer van Beau Monde Gerard Joling en Adèle Bloemendaal samen in een bed gelegd. Maar Gerard had net iets te lang onder de zonnebank gelegen, en Adèle is bekend om dat hele witte. Zo'n enorm kleurverschil krijg je eigenlijk alleen maar goed met Photoshop.'

Wat lopen jullie nog meer tegenaan als hoofdredacteur van een glossy?

Narinx: 'De adverteerders en hun eisen, hè?'

Lukken: 'Dat is enorm veranderd ja. Vijf jaar geleden hadden we advertentiepagina' s en een redactioneel deel. Dat begint steeds meer door elkaar heen te lopen.'

Kunnen jullie daar een voorbeeld van noemen?

Narinx: 'Nee.'

Lukken: 'Het is niet heel verstandig om hier nu concrete namen van adverteerders te gaan noemen, nee.'

Narinx: 'In zijn algemeenheid kan ik wel zeggen dat het tegenwoordig heel hard werken is om je redactionele onafhankelijkheid te bewaren, voor zover daar nog sprake van is. Steeds vaker zeggen adverteerders: 'We gaan zoveel adverteren, dan willen we er zoveel redactionele aandacht voor terug.' Dat doen wij niet, maar wij moeten wel heel hard vechten om dat niet te hoeven. Dat was jaren geleden totaal niet aan de orde.'

Lukken: 'Je blad wordt ook echt door die adverteerders gescand, hè. Je krijgt gewoon hele verslagen waarin je ziet hoeveel aandacht je aan ze hebt besteed.'

Narinx: 'Ze maken hele rapporten met daarin hun return on investment. Vinden ze dat te laag, dan moet jij op het matje komen.'

Lukken: 'Gelukkig zijn het mooie merken die perfect in het blad en bij onze lezers passen.'

Maar wat voor redactionele aandacht willen ze dan?

Narinx: 'Dan willen ze bijvoorbeeld dat een bepaald kledingstuk in een shoot terecht komt of dat je een achtergrondverhaal schrijft over hun parfum. Dat kun je wel vervelend vinden, maar je moet ook reëel blijven. Alle idealen die we ooit in de journalistiek hebben gehad, kunnen we meteen doorspoelen, want het is ook gewoon business. Hoe hoger in de hiërarchie van de bladen, hoe ontluisterender het uitzicht.'

In de Beau Monde stond laatst 'De zeven beste serums', in hoeverre zijn dat dan echt de beste?

Lukken: 'Nou, laat ik het zo zeggen, je zult op die pagina geen enkel serum zien van een merk dat niet bij ons adverteert. Ik ga geen dingen meer op de beautypagina zetten omdat het zo leuk is. Vroeger hadden we een beautyredacteur die iets een mooi potje vond, of lekker vond ruiken, en die zette dat er dan in. Die tijd is voorbij. Bij mijn chefs liggen lijsten van adverteerders die het volgende nummer erin moeten. Mensen denken dat ons werk alleen maar inhoudt dat we verhalen uitzetten. Of dat ik de hele dag in de P.C. Hooftstraat wijn zit te drinken met allerlei bekende Nederlanders. Dat laatste klopt trouwens wel, dat doe ik ook.'

Narinx: 'Maar we zitten vooral doodgewoon op de redactie, om ideeën te bedenken, het blad te maken, ons team aan te sturen.'

Lukken: 'En om te zorgen dat de budgetten kloppen, dat het blad goed wordt en goed verkoopt. Want vergis je niet, de belangen zijn erg groot. De lezers- en advertentiemarkt draait om miljoenen. De advertenties, de lezers-events, het redactionele, het moet allemaal een kloppend geheel zijn. En je kan daarin echt geen enkele misstap maken, want daar word je meteen op afgerekend.'

Narinx: 'Maar een verhaal over hoe ik achter mijn bureau zit, spreekt niet tot de verbeelding. Wel dat ik op persreis champagne sta te nippen in Venetië. Maar dat is geen vakantie, vergis je niet, dat is relatiebeheer, tegenwoordig heel belangrijk. Het klinkt leuk, al die tripjes waarvoor we worden uitgenodigd, maar je bent wel aan het werk. Je bent er immers als visitekaartje van je blad.'

Ligt het gevaar van nuffig worden op de loer?

Narinx: 'Soms wel ja. Business class vliegen bijvoorbeeld, dat verpest je voorgoed. En vijfsterrenhotels.'

John: 'En helikopters.'

Cécile: 'Ja, dat je inderdaad teleurgesteld bent als er maar een taxi staat.'

Lukken: 'Klagend in de taxi van Saint Tropez naar Nice: We waren toch heen met de helikopter?'

Narinx: Ik heb mezelf tijdens zo'n persreis ook wel eens horen zeggen: 'Die kreeft komt me nu echt mijn neus uit.' Of toen ik laatst in Parijs in het Mandarin Oriental sliep: Wat irritant, zo'n personal assistent.'

Lukken: 'Die gaat de suite waarin je slaapt dan eerst helemaal uitleggen. Ga weg!, denk ik dan.'

Narinx: 'Haha, ergens is het heel treurig. Je bent natuurlijk gewoon hoofdredacteur. Een journalist met een journalistensalaris, iets hoger dan andere journalisten, maar je leeft wel het leven dat je normaal niet zou leven. Dan sta je bij de Chanel Cruise Show in Hotel du Cap-Eden-Roc in Cap d'Antibes van: Hey, Vanessa Paradis. Hey, daar staat Caroline van Monaco.'

Lukken: 'Of: O, Roman Polanski heeft de kamer naast mij.'

In je editorial in Elle schrijf je naar aanleiding van een aantal nare dingen die in het privéleven van je redacteuren spelen: 'En dan verdiepen wij ons in de oppervlakkige wereld van de lippenstift en de kleding.' Knaagt dat weleens?

Narinx: 'Ik heb het weleens als ik met een vriendin afspreek die in Peru goed werk doet voor mensen die nauwelijks te eten hebben, maar ik krijg af en toe ook wel eens een mailtje van iemand die in het ziekenhuis lag en iedere keer zo blij was als de ELLE er was. 'Dan kan ik dromen, dan kan ik genieten', schrijft zo iemand dan.'

Hebben jullie het gevoel dat je met meer dedain wordt benaderd dan de hoofdredacteur van Vrij Nederland?

Lukken: 'Jawel. En tussen Cécile en mij verschilt het ook al. Cécile zit op rij 1 bij Chanel, ik word niet eens uitgenodigd. Cécile wordt gevraagd om bij De Wereld Draait Door over mode te praten, ik word gebeld door RTL Boulevard en Shownieuws als ze iets over glamour willen weten. Maar ik zit er niet mee hoor. Waarom zou ik hoofdredacteur moeten worden van een blad met meer aanzien, terwijl ik de leukste baan van de wereld heb?'

Narinx: 'Gelukkig wordt er wel ook steeds meer door de serieuze media over mode geschreven. Maar als er mode op televisie komt, gaat het vaak nog steeds alleen maar over doorgedraaide stylisten en hongerende modellen die elkaar de haren uittrekken. Dat stoort me mateloos. Mode is echt ambachtelijk. Hartstochtelijk. Het heeft alles met cultuur te maken. Ik vind het ook fantastisch om naar de grote modeshows te gaan. Er zijn echt momenten dat je met tranen in je ogen zit omdat het zo ontzettend mooi is.'

Maar wordt er licht meewarig naar jullie gekeken als jullie naar een reünie van de School voor Journalistiek gaan?

Lukken: 'Wij komen wel uit een generatie waarin het allemaal nog heel erg taboe was, wat wij nu doen.'

Narinx: 'Daar liepen mensen met een hamer en een sikkel op hun riem en een rat op de schouder.'

Lukken: 'Maar bij de huidige generatie is de ELLE of de Marie Claire juist het hoogst haalbare.'

Narinx: 'Er zijn zelfs van die groupies die twitteren: Ik zit in de tram met de ELLE- editor!!!'

Lukken: 'Dat soort dingen heb ik dan weer niet. Ik had laatst wel een vrouw bij de benzinepomp die steeds zat te kijken. Ik dacht: 'Oh die herkent mij uit de Beau Monde.' Dus toen ze zei: 'Ik ga het u toch gewoon vragen', dacht ik: nou komt-ie. Maar ze vroeg: 'Bent u de broer van Bastiaan Ragas?' Dat vond ik toch wel een beetje een domper. Ik zei dus: Nee, en die is nog dood ook.'

Narinx: 'Haha. Maar nee, zo'n reünie van de school voor Journalistiek, daar ga ik toch helemaal niet naartoe.' Hard lachend: 'Ik ga alleen nog ergens naartoe als ik word opgehaald en ingevlogen.'

undefined

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden