JEANNE PRISSER

Opzienbarende performances, kleinschalige projecten, nieuwe boeken, verrassende galerietentoonstellingen, spraakmakende lezingen en debatten - wekelijks bericht Jeanne Prisser over wat zich afspeelt in de voorhoede van de kunstwereld.

15 januari, Arnhem


Nu dan: een overpeinzing over kitsch. Haar kun je aan veel dingen herkennen - het gebruik van opgezette dwerghertjes, bijvoorbeeld - maar haar kardinale eigenschap is natuurlijk het sturende karakter; de vanzelfsprekendheid om de kijker te vertellen wat en wanneer hij moet voelen. Kitsch gaat altijd vergezeld van een emotionele bewegwijzering. Hier: lachen; daar: huilen.


Ik heb niet gehuild bij de tentoonstelling van Hans Op de Beeck.


Op de Beeck (1969) is een Vlaamse kunstenaar gestationeerd in Brussel. Zijn werk heet 'een eigentijdse visie' te zijn op 'hoe de mens zich verhoudt tot zijn omgeving', maar wat hij maakt zijn films en installaties over eenzaamheid en stilte, een desolaat wegrestaurant, een nachtelijke snelweg. Ik volg zijn werk al een tijdje en met afnemend enthousiasme. Zijn vroege installaties - ik herinner me een prachtig ijl winterlandschap in de gashouder van de Westergasfabriek in Amsterdam - waren sferisch en mysterieus, maar zijn recente films hebben iets gelikts en generieks. Alsof ze het product zijn van een franchise. Alsof aan ieder beeld een aandeelhoudersvergadering is vooraf gegaan.


Wat ze niet beter maakt: ze gaan vaak vergezeld van een emotionele bewegwijzering in de vorm van een soundtrack.


In Arnhem heb ik staan kijken naar drie recente films. Extensions, een animatiefilm van aquarellen; Staging Silence 2, een film waarin kijkdoosachtige decors van waxinelichtjes en waterflessen, een ijsvlakte, een skyline, een vijver met steiger, in realtime worden opgebouwd en afgebroken - het beste werk naar mijn smaak. En Dance, een associatieve film over, naar het zich laat aanzien, dood en afscheid. En weer stond ik te twijfelen. Het is inventief en virtuoos gemaakt, soms zelfs spectaculair, dat beeld van die smeltende suikerklontjesstad. En toch heeft het werk iets kokets en zelf-feliciterends; iets potsierlijks ook.


Die nieuwste film bijvoorbeeld, Dance. We zien een schuur of een hangar waarin een soort van afscheidsrite plaatsvindt. Men kleedt zich uit. Men gaat onder een reusachtige douche. Men trekt overalls aan, ontmoet mannen in grenswachtuniform (symboliek!) en zwaait naar iets buiten beeld. De film wekt mijn ergernis zoals die Bill Viola-films met schmierende naakte lui mijn ergernis wekken. Er is verdriet, alleen het is ongedefinieerd. Er is pathos, alleen het is niet navoelbaar.


De film is een oefening in vage bombast. Ergo: goedgemaakte kitsch.


11 januari , Amsterdam


Zoals de schrijver zei: autorijden is voor chauffeurs en dus reis ik per taxi. Verbazingwekkend hoeveel je ziet vanaf die comfortabele positie. Wolkenpracht, maar ook een krankzinnige hoeveelheid beelden in de openbare ruimte. Geen land ter wereld met zo veel kunst op straat. Een heuglijk feit, zou je denken. Maar wat zijn ze vaak triest, die goedbedoelde rotondevullers.


In Amsterdam drukte ik mijn neus verbaasd tegen de ruit, toen ik voor het eerst de sparappels zag in de Weesperstraat. Drie betonnen kokers met schubben voor een betonnen flatgebouw, een pluk roze schaamhaar bovenin. Even choquerend vond ik de Vlindermolen in Slotervaart, een rieten koker met een petje op. Wat een vormeloze gevaartes.


Ik vermoed dat Ana Navas, in 1984 geboren in Ecuador en studerend aan De Ateliers, net zo'n cultuurschok had als ik toen ik de beelden zag - en medelijden kreeg. In haar videowerk Sopor wekt ze de Amsterdamse objecten even hilarisch als liefdevol tot leven, door twee mensen te verkleden. In hun dikke stoffen pakken lijken ze als twee druppels water op de sparappel en de Vlindermolen. Zelden heb ik een komischer duo door de straat zien waggelen. De poppen gaan bij de beelden op bezoek, schurken zich tegen hen aan en spelen verstoppertje.


Zou Navas trouwens weten dat de Vlindermolen is gemaakt door de vorig najaar overleden beeldhouwer Herman Makkink? De man die ook de schommelende penis maakte voor de beroemde film A Clockwork Orange van Stanley Kubrick? Onpasselijk werd ik van het geweld in die film, maar die penis was hilarisch. Dat je voor een Britse filmer zo'n uitgesproken beeld maakt en vervolgens voor Slotervaart zo'n van alle opwinding gespeend exemplaar ontwerpt, zegt genoeg over de makke van het poldermodel.


Blijkbaar is een Zuid-Amerikaanse, magisch-realistische blik nodig om te laten zien hoe absurd het is om op elke straathoek een beeld te plaatsen dat onopvallend met het stadsdecor is versmolten. Zo sterk is de video, dat ik nooit meer met mijn taxi langs de Vlindermolen kan rijden, zonder aan Navaspoppen te denken. En dat ik medelijden heb met al die fietsers die het dag in dag uit enkel met de echte exemplaren moeten doen.


INFO


Hans Op de Beeck, Metropolitan Scenes, Museum voor Moderne Kunst Arnhem, Arnhem, te zien t/m 30/3


Ana Navas, Sopor, Tegenboschvanvreden, Amsterdam, t/m 8/2 in de groepstentoonstelling Easily Broken

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden