JEANNE PRISSER

Opzienbarende performances, kleinschalige projecten, nieuwe boeken, verrassende galerietentoonstellingen, spraakmakende lezingen en debatten - wekelijks bericht Jeanne Prisser over wat zich afspeelt in de voorhoede van de kunstwereld.

Amsterdam, 23 februari


Karl Lagerfeld en ik zijn het over één ding eens: Karl en ik, 'we hate the good old days'. Brrr. Als nostalgie me bespringt, denk ik gauw aan wollen ondergoed en vhs-banden en weet weer: vooruit is de enige optie.


Daarom is een bezoek aan kunstenaarssociëteit Arti et Amicitiae altijd zo dubbel: het verleden dampt daar zo zwaar op uit het schitterende trappenhuis en de lambrisering dat de hedendaagse kunst op de eerste verdieping bij voorbaat enkeldiep wegzakt in het figuurlijke tapijt. Ooit schuifelde ik er, hoe obsceen achteraf, in een lange rij langs het autowrak waarin Rob Scholte zijn benen verloor. Zelfs dat was nostalgisch.


Maar de Programma Commissie van Arti is de afgelopen twee jaar opvallend wakker en alert. Ik roeptoeter: onterecht, dat stoffige imago. Het huidige 'Luminous Flux' is een verleidelijk parcours van films en projectiewerken van zeven mij onbekende kunstenaars die me bij de kladden grepen.


En die de Karl in mij versloegen. De film LOSS (2011) van David Ferrando Giraut (Spanje, 1978) vertelt in grafisch zwartwit hoe hij geobsedeerd raakte door voorwerpen, meubels, platen, apparaten, die zijn ouders hadden vóór zijn geboorte. Het is mogelijk te verlangen naar iets dat ver buiten je tijd of je bereik ligt en het beeld - de kunst, interpreteerde ik bij gelukzalig gebrek aan zaalteksten - is dan het enige acceptabele surrogaat.


Water borrelde op in zijn filmbeeld en verlangen in mijn binnenste.


Thuis, 25 februari


Post. 85 Belgische kunstenaars ploften in boekvorm op de mat. 85 (!) interviews door Hilde Van Canneyt, een Vlaamse kunstblogster met een pony en in een overgooier - ze gaat ook graag met kunstenaars op de foto.


Elke kunstinterviewer voelt weleens 'David Sylvester-kramp': wat nog te doen na diens monumentale Francis Bacon-interviews? Zo niet Hilde Van Canneyt. Die vraagt en vraagt. En typt en typt. Begint haar interviews gewoon met: 'Hallo Rachel, hoe zag je als kleine meid je toekomst?' of sluit af met: 'Bedankt meneer Tuymans, succes met je expo en de rest van je carrière en tot een volgend interview!'


Hilde vraagt is bomvol, schreeuwt om een redacteur en is vormgegeven als een verzekeringspolis. Maar Hilde is ook manisch nieuwsgierig, ingevoerd, wars van pose en niet bang. En ontfutselt in die lappen tekst veel moois aan de kunstenaars. Zo weet ik nu dat Wim Delvoye niet in een graf wil liggen, maar 'in een sarcofaag in een frigo in het huis van mijn naasten'. Kijk, zoiets weet ik dan weer niet over Francis Bacon. Rotterdam, 26 februari


Dit is een oudje: combineer dingen die niets met elkaar te maken hebben - een setje spijkers en een strijkijzer - en zie: de betekenis van beide verandert. Dat begreep Salvador Dalí al toen hij een replica van de Venus van Milo nam en laden met donzen knoppen monteerde in borsten, buik en knie. En dat begrijpt ook Alexandra Bircken (Keulen, 1967).


Die eerste kent u; die tweede vermoedelijk niet.


Alexandra Bircken exposeerde eerder in Stedelijk Museum CS; deze tentoonstelling in Boijmans Van Beuningen toont haar werk vanaf 2004. Haar objecten, een combinatie van readymades en traditionele beeldhouwkunst, roepen herinneringen op aan Franz West en Erwin Wurm, aan Dalí en de surrealisten, en ook aan de uitzonderlijk smerige kunstenaar John Bock. Het werk 'gaat' over van alles en nog wat: kwetsbaarheid en letsel, het lichaam als machine, het lichaam zoals voorgesteld in de pornoindustrie, maar de achterliggende methode is vrijwel identiek: Bircken neemt een ding. Dat ding haalt ze uit zijn of haar context. Het wordt gecombineerd met een ander ding of opnieuw gemaakt van vreemd materiaal. Nu is het oude ding een nieuw ding.


Die nieuwe dingen zijn vaak mooi. Bijvoorbeeld: twee racefietsframes gespiegeld aan de wand gehangen; ga er tussen staan en je hebt vleugels. Een Aprilia-motor minutieus in twee delen gezaagd; schuif ze uiteen en je hebt een anatomische studie. En dan is er nog dat ene ding. Dat onbeschrijfbare. Het is zacht en vissig en het zwemt niet in de zee. Maar gegoten in brons ziet het eruit als iets waarmee je bierflesjes kunt ontkurken.


Het leuke van zulk werk, van veel surrealistische kunst, is dat het besmettelijk werkt; toen ik later door de Witte de Withstraat wandelde, zag ik opeens overal het potentieel van oude dingen. Doe een stoplicht een shawl om en je hebt een mannetje. Bevestig vier wasknijpers aan een spons en je hebt een tafel. Waarom geen afgedankte kerstboom vastgetimmerd op een skateboard?


Birckens objecten maken de surrealist in je wakker. Een goed ding.


INFO


Luminous Flux, Arti et Amicitiae Amsterdam, t/m 23/3.


Hilde vraagt, 29,50 euro via hildevraagt.be. Blog: hildevancanneyt.blogspot.nl


Alexandra Bircken, museum Boijmans Van Beuningen Rotterdam, t/m 1 /6.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden