Je zult maar in een speeltuinhuisje slapen

'Tien jaar geleden dacht iedereen aan Colombia als men het had over dakloze jongeren. Maar ze zijn hier wel degelijk.' Vijfduizend, is de schatting....

's Ochtends tegen elven komt Mo in alle staten binnenstormen. Hij zoekt een van de begeleiders. 'Sandra! Sandra, er is iets heel ergs gebeurd! Met Ronald! Ze hebben 'm aangehouden. Met de scooter. Hij zit helemaal onder het bloed. Ze hebben echt op hem ingeslagen. Dat heb ik gezien. En de scooter ligt helemaal in puin. Het was echt niet normaal wat de politie deed. Ik heb nog tegen die agenten gezegd: hij is van Singelzicht. Maar ze zeiden dat ze me zouden oppakken wegens medeplichtigheid als ik niet weg zou gaan.'

Sandra trekt Mo haar kantoortje in en gooit de deur achter hen dicht.

Vanaf twee huiskamerbanken achterin de gemeenschappelijke ruimte hebben de andere bewoners van Pension Singelzicht Mo's paniek gezien. Jeroen (24), die totaal anderhalf jaar achter de tralies doorbracht, weet precies wat de gewonde en gearresteerde Ronald te doen staat. 'Meteen aangifte doen. En Mo moet getuigen.'

Dat wil de Iraakse Koerd Mo (22) maar al te graag. Hij is nog steeds verhit, als hij even later het kantoortje van begeleidster Sandra uitstiefelt. 'Als mij dit was overkomen', roept hij tegen Jeroen en de rest, 'dan had ik die politieagenten opgezocht, hoor. Echt waar. Al wonen ze in Friesland. Of Brabant. Echt. Dit zou ik nooit van mijn leven vergeten.'

Begeleidster Sandra is hem achteropgekomen. 'Rustig blijven ademhalen, Mo.'

'Ik bén rustig', zegt Mo. 'Echt, ik ben altijd rustig. Maar dit is echt erg. Ze hadden Ronald wel dood kunnen rijden.'

Ronald (18) had Pension Singelzicht even voordien met frisse tegenzin verlaten om 'naar therapie' te gaan. Die psychische behandeling was hem min of meer opgelegd door de jeugdreclassering. Zij had hem ook aangemeld bij Singelzicht; Ronald moest na zijn detentie een dak boven zijn hoofd hebben en de kans krijgen om een zelfstandig leven te leren leiden.

En nu dit.

Alfred, een lange dunne jongen die zich graag 'hakkend' op bonkende hardcoremuziek door de huiskamer van Pension Singelzicht beweegt, heeft de situatie geanalyseerd en waarschuwt alvast: 'Weet je waar dit mij allemaal aan doet denken? Aan die rellen in Parijs. Die begonnen met een actie van de politie die hier erg veel op lijkt. Let maar op.'

Sandra gaat aan een van de lange donkerbruine tafels zitten en probeert de consternatie onder de jongeren weg te nemen. 'Je moet wel de hele film bekijken', zegt ze. 'Het begint er natuurlijk mee dat Ronald zonder helm op die scooter gaat zitten, en dat dat ding ook nog is opgevoerd. En als je dan ook nog vlucht voor de politie, tja, dan willen ze je weleens een beetje hardhandig aanpakken. En jullie weten ook dat Ronald hier al een beetje opgefokt de deur uitging.'

Haar poging lijkt geslaagd: Alfred en Mo zijn hun opwinding enigszins kwijt. Van binnen maakt Sandra zich niettemin zorgen. Wellicht komt Ronald, nu hij weer is gearresteerd, 'opnieuw in dat detentietraject terecht'. De proeftijd van zijn voorwaardelijke gevangenisstraf is immers nog niet afgelopen. 'Dat maakt het voor deze jongeren extra lastig om vooruit te komen.'

Ze zal straks de politie bellen om te vragen wat er nu verder gaat gebeuren.

Geen inkomen

'Wij zijn begonnen!', juichen de medewerkers van Pension Singelzicht in hun zojuist verschenen eerste Nieuwsbrief. Het opvanghuis, gevestigd in een groot negentiende-eeuws pand in het centrum van Utrecht, biedt sinds begin december hulp aan maximaal 25 dak- of thuisloze jongeren tussen 17 en 24 jaar. Zij kunnen in Singelzicht uitkijken naar de zogenoemde 5 B's: een bed, een bad, brood, begeleiding en buitenzorg (waarmee eigenlijk nazorg wordt bedoeld, maar die term begint met een n in plaats van een b).

Voor wie zich geen voorstelling kan maken van 'dak- of thuisloze jongeren', hebben de nieuwsbriefschrijvers in hun debuutnummer een prozaïsche toelichting geschreven. 'De jongeren hebben geen thuis om op terug te vallen', staat er, 'de familierelaties zijn ernstig verstoord en ze hebben individueel te kampen met een wirwar van persoonlijke problemen. Vaak hebben ze een laag zelfbeeld, geen opleiding en geen perspectief op werk. Ze hebben geen inkomen, hangen doelloos rond en 's avonds bivakkeren ze bij vage kennissen en uitbuiters. Singelzicht hoopt daar verandering in te brengen.'

Veel Nederlanders gingen er lange tijd van uit dat deze jongeren hier niet bestonden, zegt Raoul Menke, hoofd hulpverlening in Singelzicht. 'Tien jaar geleden dacht iedereen aan Colombia als men het had over dakloze jongeren. Maar ze zijn hier wel degelijk. Alleen: ze zien er relatief gewoon uit. Ze lopen niet met een vieze ouwe deken over straat. Ze krijgen af en toe iets toegestopt van vrienden en kennissen. Of ze ruilen onderling kleren. Maar ze hebben wel degelijk langdurige opvang nodig. Want we hebben het hier niet over jongeren die een keer na een ruzie van huis zijn weggelopen. Met deze jongeren is echt iets aan de hand.'

Frauduleuze lening

Angelique zit met een grote kop thee in een spreekkamertje tegenover Thomas, een van de begeleiders, en zegt: 'Ik wil hier leren hoe ik met geld moet omgaan. En hoe ik zo snel mogelijk van mijn schuld afkom.'

Een uur geleden kwam Angelique (20) onwennig Singelzicht binnenschuifelen; grote zwarte weekendtas om haar schouder, een kleinere rode tas in haar handen. Hoe goed je ook keek, in de kleine jonge vrouw, die d'r donkerbruine haar in een keurig knotje had gebonden en een uitbundige zilverkleurige armband droeg, vermoedde je in de verste verte geen thuisloze jongere, laat staan een dakloze.

Aan het tafeltje bij Thomas, en later op haar nieuwe kamer op de 'meisjesetage' van Singelzicht, blijkt dat schijn bedriegt. Angelique staat 20.000 euro rood en is door haar ouders op straat gezet. 'Zes, zeven maanden' heeft ze rondgezworven voordat ze hier aanklopte: een weekje bij haar zus, een maandje bij haar vriend, een dagje bij kennissen, en in het uiterste geval op straat, 'in zo'n huisje in de speeltuin'.

Angelique had een trits openstaande boetes en werkte daarom mee aan een frauduleuze lening bij een bank - naar eigen zeggen onder druk van enkele jongemannen uit de buurt. Van het geld heeft ze niets gezien, zegt ze, daar gingen de kerels direct mee vandoor. Omdat de lening op haar naam staat en zij de handtekening zette, zal ze er tot in lengte van dagen aan vast zitten, vreest ze.

Hulp van haar ouders hoeft ze niet te verwachten, die 'kunnen het er niet meer bij hebben'. Vader en moeder 'zitten zelf in een schuldsanering'. Al jaren. 'Tonnen euro's boete' kreeg haar vader, plus een jaar gevangenisstraf. 'Drugshandel.' Angelique was

7 toen de politie bij hen thuis binnenviel.

'Ze waren bijna klaar met afbetalen, toen ze merkten dat ik die lening had afgesloten', zegt Angelique. 'Ze wilden me niet meer zien. Waar moet ik dan heen?, vroeg ik. Tja, zeiden ze, dat is jouw probleem.'

Vooral die nacht in de speeltuin zal ze niet snel vergeten. Zat ze daar met opgetrokken knieën in het pikkedonker, volledig berooid, met enkel nog een tasje kleren bij zich. Hoe ze zich toen voelde, in die kou, wat ze dacht en of ze niet vreselijk bang was, daar heeft ze eigenlijk nooit over nagedacht. Is haar ook nooit zo uitgebreid gevraagd. 'Het was gewoon geen pretje', zegt ze.

Haags geld

Singelzicht voorziet, eufemistisch uitgedrukt, in een groeiende behoefte. Het Utrechtse 'pension' brengt het aantal langdurige opvangplaatsen voor hulpbehoevende jongeren tussen 17 en 24 jaar in Nederland op ongeveer 350, becijfert hoofd hulpverlening Raoul Menke in zijn kantoor. Daar staat een ontmoedigend grote vraag tegenover; de Algemene Rekenkamer schat het totaal aantal zwerfjongeren op vijfduizend - en dat zullen er volgens de instantie eerder meer dan minder worden.

Al vier jaar achtereen zegt de Algemene Rekenkamer met zoveel woorden dat de staatssecretaris van VWS er een potje van maakt, als het om de opvang van zwerfjongeren gaat. Ook in het laatste Rekenkamerrapport, dat eind december naar de Tweede Kamer ging, staat dat staatssecretaris Clémence Ross 'nog steeds geen zicht op de omvang van de zwerfjongerenproblematiek in Nederland' heeft. De informatie die Ross van gemeenten en provincies krijgt, is 'onvolledig en de kwaliteit laat te wensen over'.

De bewindsvrouw stelt dat de verantwoordelijkheid voor de aanpak van zwerfjongeren bij de provincies en gemeenten ligt - en zij heeft de indruk dat die verantwoordelijkheid 'daar goed wordt opgepakt'.

Raoul Menke heeft een andere indruk. Namen wil hij niet noemen, maar hij vermoedt dat veel gemeenten 'Haags geld' voor de opvang van jongeren liever uitgeven aan zaken waarmee iets makkelijker goede sier valt te maken. Daar komt bij dat, vanwege de grote media-aandacht voor de problemen in de jeugdzorg, bestuurders eerder geneigd zijn extra geld vrij te maken voor die (jongere) doelgroep. En dat gaat al gauw ten koste van de opvang voor jongeren van 17 jaar en ouder.

Huisregels

In Utrecht heeft Menke weinig reden tot klagen. Hoewel de bulk van de kosten worden betaald uit AWBZ-gelden, betaalt de gemeente mee en kochten de gezamenlijke woningbouwverenigingen het pand aan met het doel het als opvangcentrum voor jongeren te verhuren. Daarnaast zorgt de Stichting Vrienden van Singelzicht voor een vrij constante stroom van giften door particulieren, bedrijven en charitatieve instellingen.

Het Utrechtse tehuis is daarmee volledig gemodelleerd naar Pension Maaszicht in Rotterdam, waar dezelfde categorie jongeren al jaren met redelijk veel succes wordt geleerd op eigen benen te staan. Zelfs de huisregels zijn min of meer gelijk: 's ochtends op tijd uit bed, actief zoeken naar werk of scholing, altijd laten weten waar je heen gaat en wanneer je terugkomt, 's avonds op tijd thuis en verder geen drugs in huis, geen wapens en geen gestolen waar.

Raoul Menke, die meer dan zes jaar in Maaszicht werkte voordat hij naar Utrecht verhuisde, weet zo langzamerhand hoe makkelijk jongeren spaak lopen. 'Vergis je niet: de maatschappij is de laatste jaren zeer complex geworden. Je zult maar 18 zijn en volledig op jezelf zijn aangewezen. Belastingformulieren invullen, je huur netjes op tijd betalen, ziektekostenverzekering regelen, zorgen dat je goed met je geld omgaat.

'Stel dat je dat allemaal in je eentje moet doen. Dat lukt zelfs goed opgevoede studenten niet altijd. Hoe vaak gaan die niet bij hun ouders eten, zodat ze op donderdagavond genoeg geld hebben om te kunnen stappen? Die mogelijkheid hebben deze jongeren niet. Maar die wens hebben zij natuurlijk net zo goed.'

En dan heeft hij het nog niet eens over de mentale problemen waarmee sommigen kampen. Sympathieke en zachtaardige karakters raken volledig verstoord door de chaos in het hoofd.

Alfred (18) en Steven (23) leggen een kaartje in de huiskamer en zingen de scabreuze teksten mee van de Nederlandse rappers van THC, die op Singelzicht duidelijk favoriet zijn. Alfred en Steven bekken elkaar graag af. Of anderen. Of ze geven elkaar een doodschop. In elk geval gaat hun voorkeur uit naar gedrag dat irriteert, ontstemt, wrevel wekt, zuigt en, soms, intimideert.

Steven heeft daarbij een bloedhekel aan complimentjes. De avond tevoren is een groepje onder begeleiding van Raoul en Ramon in Rotterdam naar Millers geweest, het restaurant dat als werkervaringsplaats dient voor bewoners van Pension Maaszicht. Raoul geeft de groep een pluim voor het goede gedrag dat ze daar hebben getoond, maar Steven moet er weinig van hebben. 'Jullie moeten daar eens mee ophouden', roept hij. 'Altijd die aardige woordjes, mán, ik trek dat niet. Daar word ik echt niet goed van.'

Dat is de Steven van beneden, in de gezamenlijke woonruimte.

Boven, in zijn eigen kamer, gaat het harnas uit en toont Steven zich net als Alfred een gekrenkte, gevoelige, maar vooral aardige jongen. De Nederlandse vlag aan de muur, het opgeschoren kapsel, het Lonsdale-jack: het blijken slechts puberale middelen om buitenstaanders te provoceren.

'Ik heb niks met al die nazi's te maken, man', zegt hij. 'Het is gewoon om te pesten.'

Babyfoto's

De echte Steven ligt opgesloten in de foto van zijn mooie babydochter boven de wastafel. Of anders wel in het portret van de jongeman op de vensterbank: zijn broer, deels verscholen achter een uitgeknipte overlijdensadvertentie.

'Hij was 19 toen hij doodging', zegt Steven, zittend op bed. 'Ik was achtenhalf jaar jonger, maar nu ben ik al vier jaar ouder dan hij toen was. Da's echt een raar gevoel. Want hij was altijd echt mijn grote broer, weet je wel.'

Zijn stem trilt. Steven staat op. Loopt door zijn kamer.

'Ik was 11. En nu ben ik eigenlijk ouder dan hij. Dat voelt echt heel vaag.'

Meer wil hij er niet over zeggen. Hij praat er nooit over. Veel te heftig allemaal. Quasi opgewekt: 'Ja ja, het leven is geen krentenbol!'

Hij is slim, ja, al heeft hij slechts mavo. 'Ik kon al lezen en schrijven toen ik naar school ging.' Vwo had ie makkelijk kunnen halen, als het in die jaren na de dood van zijn broer niet was misgegaan. 'Geen concentratievermogen meer. Heel snel afgeleid. Altijd druk bezig.' Ook nu springt hij ineens van bed en zegt: 'Ik kan niet stilzitten, hoor, ik moet bewegen, ik moet geluiden horen.'

Liefst van personen. 'Ik heb mensen om mij heen nodig', zegt hij. 'Toen ik voor een inbraak in de bajes moest, duwden ze me onder de medicijnen. Om me rustig te houden. Omdat ik anders helemaal gek word. Als ik in m'n eentje zit, word ik helemaal gek. Ga ik nadenken, raak ik in paniek. Ik moet altijd bij mensen zijn, weet je. Dat is echt lastig.'

Vier jaar terug werd hij 'helemaal para' toen zijn toenmalige vriendin ineens wegging. 'Ik heb mezelf zelfs opengesneden', zegt hij. 'Ik wilde gewoon dood.'

Vorig jaar ging het in de liefde weer mis, toen zijn vriendin (en moeder van zijn kind) 'er met een ander vandoor ging terwijl ik vastzat'. Zijn dochter mag hij naar eigen zeggen niet meer zien.

Hij pakt een mapje met babyfoto's, en smelt. 'Leuk hè. Maar ze is nu al acht maanden, man. Ze kan misschien al lopen. Denk je dat ze al iets kan zeggen? Kruipen wel, hè? Leuk man. Oh, ik wil daar zo graag bij zijn hè. Echt. Ik zweer het je. Ik wil zo graag bij mijn dochtertje zijn. Ik wil haar alles leren. Ik wil haar leren lezen, schrijven, lopen, praten, álles. Ik zweer het. Ik word er gewoon helemaal gek van dat die griet, die katvanger, weg is gegaan.'

Bij Singelzicht heeft hij om psychische hulp gevraagd. 'Misschien zit er een schakeltje in mijn hersens los', zegt hij. 'Ik heb zelf aangegeven: volgens mij zit er iets niet goed, weet je, dus kunnen jullie kijken wat de mogelijkheden zijn om er iets aan te doen.'

Dat neemt niet weg dat Steven nog dromen heeft, al zou hij dat nooit zo hardop uitspreken. In elk geval hoort hij geregeld: je hebt acteertalent. En humor. En eerlijk is eerlijk: hij zou graag op de bühne staan. Maar hoe kom je daar? Bovendien: hij valt nogal uit de toon, als persoon.

Vier jaar geleden volgde hij het oriëntatiejaar van de toneelschool. 'Maar ze vonden mij daar maar een aso. Ik liet me wegbrengen door drie Marokkanen in een dikke BMW. Al die anderen kwamen natuurlijk op hun nette fietsjes. Ik vond het allemaal huftertjes. Liepen ze daar: hihi, ik hoop dat ik later bij TMF kan werken. Donder op! Ik dacht: fuck you man, gek! Ik voelde me daar helemaal niet thuis, tussen die blije kindjes.'

Hij heeft daarom weleens stiekem gedacht om gewoon aan zo'n talentenjacht mee te doen. Voor stand-up comedian. Begeleidster Sandra probeert hem al een tijd zover te krijgen. Maar het idee grijpt hem ook naar de keel. Steven kent zichzelf. 'Ik ben zo bang dat ik dan afga, weet je. Dat mensen het niet leuk vinden. Als dat gebeurt, ga ik echt spacen hoor. Begrijp je? Ik moet zeker weten dat het lukt.'

Hersenfilmpje

Beneden in de woonkamer van Singelzicht loopt Ronald langs. Zijn kin zit in het verband en naast zijn oog loopt een grote schaafwond langs zijn wang omlaag. Ronald wordt niet vervolgd, maar moet vanwege de klap tegen zijn hoofd even in de gaten worden gehouden, heeft de politiearts geadviseerd. En er moet een hersenfilmpje worden gemaakt.

Ronald doet aan zijn medebewoners voor hoe hij, naar eigen zeggen, door de politie met zijn gezicht tegen een muur werd gekwakt en omlaag werd getrokken.

'Jij hebt het gezien, toch?', vraagt Ronald aan Mo.

'Ik heb het gezien jongen, ik heb het gezien!', zegt Mo. 'En als je wilt dat ik getuig, dan zal ik dat doen, dat zal ik graag voor je doen.'

Ronald knikt oké. Eigenlijk best een toffe peer, die Mo.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden