JE EIGEN HALVE STIER, VERS VAN DE BOER

In hoog tempo is Nederland op weg een land te worden zonder boeren, een 'ontboerde natie'. Sietse van der Hoek schetst die ontwikkeling in een reeks reportages....

Op weg naar mijn moeder zag ik in de Noordoostpolder zes vreemde snuiters aan de ene kant van de weg en aan de andere kant borden bij drie boerderijen. Op de eerste werden aardappelen, uien en '(H)eerlijk vlees' aangeboden; op de tweede naast aardappelen en uien ook witlof, appels en eieren. En Boerke Brammetje, de derde, had nog veel meer te bieden. Is het verbeelding, vroeg ik later mijn broer die boer in Groningen is, of zijn er de laatste tijd echt veel meer boeren die aan huis verkopen? Hij dacht van wel. Ze proberen er wat bij te verdienen en wat minder overgeleverd te zijn aan de paar inkoopcombinaties die de dienst uitmaken in agrarisch Nederland.

Zo ontstond het idee voor deze reeks verhalen over de boerenstand in Nederland. Want wie boodschappen doet op het platteland, hoort weleens wat. En toevallig stuitte ik op een knipsel uit NRC Handels blad met enkele cijfers over de Nederlandse landbouw. Om 4,5 procent van het nationaal product voort te brengen is 60 procent van het oppervlak van Nederland nodig plus nog eens negen miljard gulden per jaar aan Europese subsidies, belastinggeld dus. De gemiddelde Nederlandse melkveehouder heeft een besteedbaar inkomen van 90 duizend gulden en daarvan bestaat 47.000 gulden uit subsidie. Dat is bijna evenveel als de bijdrage van de belastingbetaler aan het salaris van de gemiddelde orkestmusicus: 60.000 van de 80.000 gulden. 'Het kan dus altijd nog extremer', schreef de hoogleraar (Nijenrode) E.J. Bomhoff van wie deze cijfers afkomstig zijn, 'maar er zijn wel heel wat meer melkveehouders dan orkestmusici, en bovendien zit er aan elke koe een luchtje.'

Verbijsterend is het als je goed tot je laat doordringen dat meer dan de helft van de ruimte in dit dichtbevolkte land bestemd is voor een zo onrendabele sector, die door mest en bestrijdingsmiddelen ook nog eens steeds minder geaccepteerde schade toebrengt aan mens en milieu. Om nog maar te zwijgen van varkenspest, bse-koeien, dioxine-kippen en wat het kost om al die beesten te 'ruimen'.

De rekensom die ze op Nijenrode maakten over de grondprijzen is nog verbijsterender. Als voorbeeld diende een boer te Hazerswoude die twee miljoen gulden betaalde voor 77 hectare grasland, nog geen 3 gulden per vierkante meter. In het nabije Gouda of Waddinxveen kostte vijf jaar geleden de grond voor vrije-sectorwoningen tussen de 400 en 600 gulden per vierkante meter. Als dat grasland in het Groene Hart van Holland nou eens voor woningbouw beschikbaar zou komen, voor een bescheiden bedrag van 200 gulden de vierkante meter, ontving die Hazerswoudse boer 150 miljoen gulden en zou hij van de rente op de verkoopwinst ieder van zijn koeien voor eeuwig een mooi pensioen van 50.000 gulden per jaar kunnen geven. Bomhoff: 'Zijn wij werkelijk zo gehecht aan elke vierkante meter grasland in de provincie Zuid-Holland dat wij aan één koe per jaar evenveel spenderen als aan twee bijstandsgezinnen?'

Onderzoek heeft aangetoond dat een kwart van de 96 duizend boerengezinnen leeft onder de armoedegrens. Ruim 50 procent van de boeren is ouder dan 50 jaar en van hen heeft minder dan de helft een opvolger. Voorzichtige voorspelling van het Landbouw-Economisch Instituut: over tien jaar zullen er nog maar 75 duizend boerenbedrijven in Nederland zijn, in Noord-Brabant nog slechts de helft van de 25 duizend van nu. Vorig jaar beëindigden vierduizend boeren hun bedrijf, gemiddeld elf per dag. Gaat het in dat tempo door, en alles wijst erop dat het nog veel sneller zal gaan, dan is Nederland binnenkort een ontboerde natie en begint er een geheel nieuwe geschiedenis voor de Lage Landen.

Een vetpot is de boerderij voor de meeste boerengezinnen dus niet, maar wanneer een boer ermee ophoudt en de boel van de hand doet, is hij dik miljonair. De gemiddelde prijs van agrarische grond in Nederland is in vijf jaar tijd gestegen van 40.000 naar 70.000 gulden per hectare. Ligt boerenland in gebied dat bestemd is voor uitbreiding van dorpen en steden, wegenbouw en industrieterrein, dan stijgt de hectareprijs naar 300.000 tot 400.000 gulden. In de veehouderij kan men bovendien nog de melkrechten te gelde maken. Een betrekkelijk kleine boer, eentje met veertig koeien, beurt zomaar anderhalf miljoen gulden voor zijn melkquotum, dat hij in 1985 voor niks kreeg.

Drukdrukdruk is het op het erf van Boerke Brammetje aan de Kuin der weg in de Noordoostpolder. Er zijn zo veel klanten dat de Zeeuw Bram Goedhart (61) zijn tractor stilzet om zijn Friese echtgenote Jantje Rienstra (61) bij te staan in de schuur. Drie Nederlandse mevrouwen zijn er, een handelsreiziger en zes Aziaten uit het vlakbij gelegen opvangcentrum Luttelgeest. Het zijn de vreemde snuiters van eerder in de harde wind op het fietspad.

Van Groningen tot Utrecht en Schiphol kennen ze Boerke Bram metje en vooral diens vrouw. Ze zijn 22 jaar geleden met verkopen begonnen. Bram had op zeker moment geen zin meer om te werken voor het kleine beetje geld dat hij op de veiling beurde voor zijn gewassen. 'Wat ik kreeg', zegt hij, 'is maar een schijntje van wat jullie in de stad moeten betalen voor mijn product.' Een kilo winterwortels bijvoorbeeld verkoopt zijn vrouw voor 60 cent (5 kilo een rijksdaalder) in de schuur; op de veiling zou hij er netto 25 cent voor gebeurd hebben; in de supermarkt kosten ze rond de 1,30 gulden.

Het is de vuistregel in de boerderijwinkel: de klant betaalt half zoveel als in de supermarkt, de boer krijgt een keer zoveel als hij van de groothandel of op de veiling zou ontvangen. Dus vragen de Van Gurpen op Kuinderweg 13,50 gulden per kilo voor hun stiertjes Blonde d'Aquitaine. Gehakt, riblappen, rosbief: pakketten van 15 kilo met daarin 'een evenredig deel van wat het dier opbrengt', dat je als je wilt nog levend in de potstal kunt horen en zien snuiven.

Vader en moeder zijn naar de Landbouw-rai in Amsterdam; dochter Wendy is de automobilist behulpzaam die vlak voor Kuinre halt houdt bij het bord '(H)eerlijk vlees: Van Gurp Home-Stock-Meat'. Wanneer ze een maand of zes zijn, worden de stiertjes uit Frankrijk gehaald. In hun 22ste levensmaand zet de slager te Kuinre er zijn mes in. Het handzaam verpakte vlees wordt diepgevroren in Espel en vervolgens vanuit de diepvrieskasten op de boerderij verkocht aan de passant. Als je wilt en je er thuis de ruimte voor hebt, kun je in de potstal van de Van Gurpen je eigen kwart of halve stier voor de diepvries uitzoeken.

'Puur mager jong vlees', zegt Wendy.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden