Jaren niks en nu drie tegelijk

Door de open deuren schalt pianomuziek de gang in. Nog een laatste keer springen de mannen in rijtjes door de studio. In de ochtendles van Het Nationale Ballet voegen de lichamen van de dansers zich elke dag weer in de techniek en stijl van het klassieke ballet. De motor moet immers geolied blijven. Ernst Meisner (28) en Bastiaan Stoop (23) dampen net zo van het zweet als alle anderen, ongeacht de verschillen in rangen en rollen die de rest van de dag wel zullen spelen. Alleen Vincent Hoffman (20) houdt zich gedeisd; zijn enkelbanden zijn gescheurd.


De drie zijn de nieuwe Nederlandse balletjongens van het gezelschap. En dat is bijzonder, want er worden niet zo vaak en niet zo veel balletjongens van eigen bodem gecontracteerd bij Hollands meest klassieke dansgezelschap. De laatste jaren werkten er één in Nederland afgestudeerde danser en twee dansers die hier tot hun zestiende de vooropleiding hebben gevolgd. Met het nieuwe drietal, te zien in het sprookjesballet The Sleeping Beauty (1890) dat gisteren in Het Muziektheater in première ging, zijn er met een beetje goede wil dus zes Nederlandse dansers onder de 39 mannen die het tachtigkoppige gezelschap rijk is.


Jaren niks, en nu drie tegelijk? Ted Brandsen (51), de artistiek leider: 'Soms heb je een goed wijnjaar, soms niet. Ik oordeel op verschillende niveau's: Heeft iemand de juiste fysiek? Wat kan hij daar technisch en artistiek mee? En, heel belangrijk in een gezelschap, is zijn werkmentaliteit serieus, betrouwbaar? Dat laatste is op een auditie moeilijk te beoordelen, maar van Ernst, Bastiaan en Vincent wist ik al dat ze super gemotiveerd zijn omdat ik ze jarenlang op school heb gevolgd en op stage heb gehad. Wat dat betreft hebben Nederlandse dansers bij audities een streepje voor.'


In dit geval is dat meer dan waar, want Vincent en Ernst hebben niet eens auditie hoeven doen. Vincent, net afgestudeerd, was geblesseerd, maar al zo bekend bij Brandsen dat die de gok wilde wagen. Ernst danste bij het Royal Ballet toen hij in het kader van een managementcursus voor dansers een zesweekse stage bij Brandsen liep en zo weer in contact kwam met de groep. 'Ted vroeg ik of niet bij hem zou willen dansen. Tien jaar geleden was mij ook een contract aangeboden, maar toen wilde ik het buitenlandse avontuur. Inmiddels was ik een beetje op het Royal Ballet uitgekeken. Ik wilde ander repertoire dansen, meer met 'levende choreografen' werken. En zelf stukken kunnen maken. Hier kan dat.'


De enige die de gruwel van een massa-auditie moest doorstaan, was Bastiaan. Voor de jaarlijkse grote auditie van Het Nationale Ballet melden zich zo'n zevenhonderd dansers, waarvan er honderdtwintig mogen auditeren voor gemiddeld een handvol plaatsen. Het technisch niveau is over de gehele linie alleen maar hoger geworden de afgelopen jaren; wie gaan feilloze spitzentechniek heeft (vrouwen) of genoeg sprongkracht voor een double tour en l'air (mannen) komt er niet in. 'Ik zou mezelf nu niet meer aannemen', zegt Brandsen, die zelf van 1981 tot 1991 bij het gezelschap danste. Bastiaan kreeg een nummer op, deed een les en studeerde ter plekke met een choreograaf een stukje repertoire in, kijkend in de spiegel waar een hele rij beoordelaars voor zat. Hij was net enkele maanden weg bij het Bayerisches Staatsballet waar hij drie jaar had gedanst. Daar was hij door de auditie gerold na een achttien-urige rave party met slechts een broodje smeerkaas achter de kiezen. Nu waren er meer zenuwen. 'Zou ik nog genoeg stamina hebben? En mijn draaikant links, die is zwakker.' En dan, grinnikend: 'Voor de zekerheid heb ik daarom maar één of twee pirouettes linksom gemaakt in plaats van zes.'


De drie hebben kennelijk op de essentiële punten gescoord, anders waren ze niet aangenomen. Ze zijn (nog) geen solist - Vincent is adspirant, Bastiaan lid van het corps de ballet en Ernst grand sujet, de rang net onder die van tweede solist - maar ieder op hun niveau wel meer dan talentvol. Wat is dat beetje extra dat Brandsen aansprak? 'Vincent is nieuwsgierig en toegewijd. Bastiaan moet zijn enorme energie in goede banen leiden, maar is fysiek absoluut een natuurtalent. Hij heeft mooie benen, kan goed springen en is heel vanzelfsprekend en charmant op het toneel. Ernst tenslotte is een bescheiden, maar zeer intelligente en professionele danser, die ook geïnteresseerd is in choreografie en artistieke processen. Op hem kun je bouwen; hij kan op elk moment invallen alsof hij een rol altijd heeft gedanst.'


Brandsen vindt het belangrijk dat een nationaal ballet ook dansers heeft die in dat land zijn geworteld en is daarom gespitst op wat er van de academies af komt. Dat er relatief toch weinig Nederlanders in zijn groep belanden en al helemaal weinig jongens, heeft volgens hem alles te maken met het geringe aantal Nederlandse dansers in combinatie met de zware internationale concurrentie. Over de afgelopen vijf jaar studeerden er in totaal aan het Haagse Koninklijk Conservatorium slechts tien jongens af (tegenover vijftien meisjes) en aan de Amsterdamse Nationale Balletacademie zeven (tegenover twintig meisjes). Tegelijkertijd is Het Nationale Ballet vanwege de kwaliteit en de evenwichtige combinatie van romantisch, neoklassiek, modern en nieuwgemaakt balletrepertoire, wereldwijd een gewild gezelschap. Er dansen op dit moment maar liefst 24 nationaliteiten. Het eerste wat Bastiaans baas in München hem vroeg: 'Waarom dans je niet in je eigen land, bij dat prestigieuze Nationale Ballet?'


Dat er zo weinig Nederlandse kinderen balletdanser worden, komt enerzijds doordat Nederland klein is en talent altijd dungezaaid, anderzijds doordat een diepgewortelde balletcultuur ontbreekt. Voor jongens speelt bovendien mee dat ballet nog steeds een meisjesachtig imago heeft, ondanks het feit dat het ballet atletischer is geworden en daardoor al een stuk aantrekkelijker. Brandsen: 'In landen waar het ballet traditiegetrouw in hoog aanzien staat en door velen wordt gezien, zoals in Rusland, is het veel gewoner dat kinderen, ook jongens, zich aanmelden voor een dansacademie.' Ernst danste de afgelopen tien jaar bij het Royal Ballet in Engeland, ook zo'n land. Daar had hij fans aan de stagedoor, kreeg hij korting bij de wine bar. 'En als Royal Ballet-dansers op zaterdagavond een trendy club bellen, komen ze er altijd in!'


Het waarom-dansen-verhaal van Ernst, Bastiaan en Vincent is in de kiem opvallend ongemotiveerd en in gang gezet door anderen. De ouders van Ernst deden hun verlegen zoon op ballet ('dan is hij onder de mensen maar hoeft hij niet zo veel te praten') en de streetdancende Bastiaan werd als achtjarige door een balletdocent ontdekt: 'Hij voelde aan mijn benen, heel raar eigenlijk, en oordeelde: Mooi lang, goede voeten.' Vincent deed aan topturnen en zocht een alternatief toen zijn trainers ermee ophielden. 'Dansen vond ik ook wel leuk.' In alle gevallen waren het docenten die de jongens richting audities duwden, in alle gevallen werd pas bewust zelf voor de dans gekozen rond de puberteit. Ernst: 'Het vak wordt dan echt zwaar, je moet wel.'


Nu zijn ze dan bij dat gezelschap beland waar zovelen willen dansen, en dan? In The Sleeping Beauty (1890) dansen Ernst, Bastiaan en Vincent geen hoofdrollen maar een stoet aan bijrollen - van Cavalier, Gelaarsde kat en Blauwbaard, tot een van de velen in de Jachtstoet, de Mazurka of de Bloemenwals. Ze dansen ook in lang niet alles de eerste bezetting. Elk klassiek gezelschap werkt als een soort leger, met in volgorde van belangrijkheid eerste solisten, tweede solisten, grand sujets, coryphées, corps de ballet en adspiranten, en dan ook nog eens een eerste cast (waar de meeste uren in worden gestoken, goed voor een première), een tweede cast en soms zelfs een derde, vierde of vijfde cast. Los van het feit dat het fysiek niet haalbaar is om elke dag een topprestatie te leveren, kunnen op deze manier meerdere dansers aan bod komen en is er altijd back up voor blessuregevallen. Maar het kan lang duren voordat je doorschuift. En ook nooit gebeuren.


Bij de repetitie van de Bloemenwals staat Ernst fier in het midden. Hij is eerste cast. De andere casts oefenen 'droog', voor zichzelf, weggepropt aan de zijkant bij de barre of daar waar alle kleren, tassen en verdwaalde rekwisieten liggen. Bastiaan, derde cast, zwaait met een guirlande en het is zoals hij eerder zelf zei: 'Ballet kan heel stoer of emotioneel zijn, maar ook verschrikkelijk truttig.' Vincent, vierde cast, kijkt toe, in een T-shirt met daarop, hoe ironisch, het woord outside. Vincent: 'Het lijkt suf. Volg je acht jaar een opleiding mag je een beetje rondlopen in een jachtstoet. Maar als danser accepteer je de hiërarchie. Als ik meteen meer had willen doen, had ik naar een 'lager' gezelschap moeten gaan. Het is ook onze opvoeding vanuit school: wat er ook gebeurt, je bent gewoon gefocust, je drijft op doorzettingsvermogen. Je moet blijven opletten voor het geval iemand uitvalt. Het klinkt bot, maar in het ballet kun je carrière maken dankzij de blessures van anderen. In de tussentijd profileer je jezelf door in de les vooruit te gaan en bij repetities vanaf de zijkant te laten zien dat je meedenkt.'


Over deze bijna permanente auditie waar dansers zodoende aan zijn onderworpen, is ook Ernst bijzonder mild. 'Je ziet prachtige andere dansers, en ook repetitoren en choreografen kunnen inspireren. Het gaat om een energie die ze in zo'n studio creëren. Die energie hoeft niet op mij gericht te zijn. Het is vergelijkbaar met naar de film of het theater gaan.' Het lijkt nog waar ook wat hij zegt. Bij een repetitie van de proloog van The Sleeping Beauty geven de dansers elkaar spontaan open doekjes en heerst een opgewonden sfeer.


Ze hebben van de lagere school tot nu keihard gewerkt om te komen waar ze nu zijn, verkeren in een zwaar competititeve wereld en toch zijn de drie Nederlandse balletjongens over hun toekomstdromen uiterst bescheiden en realistisch. Niks 'ik wil solist worden' of 'mijn doel is New York'. Ze benadrukken dat dansen gewoon keihard werken is, dat je het voor de glamour niet doet en dat het fysieke blijft motiveren.


'Uiteindelijk gaat het om het dansen. Balletdansers zijn anatomische wonders, het is verslavend om in deze techniek te dansen', zegt Bastiaan. 'Ik hoef niet per se in een witte maillot de prins te dansen, mijn hart gaat uit naar modern ballet, maar verder... Het is niet zozeer bescheidenheid, maar pure onzekerheid dat we niks concreets over de toekomst roepen. Er zijn zoveel factoren die meespelen of je contract wordt verlengd, of je promotie krijgt, of je wordt gecast. Er kan maar net op het cruciale moment een fantastisch nieuwe danser worden aangenomen!'


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden