Japanner blijft gewoon zitten

Geen enkel volk kan zich zo fanatiek over de kop werken als de Japanners. Maar ‘hard’ werken blijkt er een relatief begrip....

tekst Anouk Kemper

‘Nederlanders en Japanners zien hard werken heel verschillend’, vertelt journalist en fotograaf Kjeld Duits, die al 25 jaar in Japan woont. ‘In Nederland werk je hard als je binnen korte tijd veel werk verricht. Een Japanner werkt hard als hij vele uren achter elkaar werkt.’

Een belangrijk interpretatieverschil. Veel Japanse kantoorwerkers maken dan ook lange dagen. ‘Het wordt bovendien als onbeleefd gezien om eerder weg te gaan dan de baas’, weet Duits. Dit geldt voornamelijk voor mannen boven de veertig in grote bedrijven. ‘Als ik contact heb met Nederlandse bedrijven valt het me altijd op dat je na vijf uur niemand meer kunt bereiken, iedereen is naar huis. Een Japanse vriendin van mij heeft een textielbedrijf en álle faxen die ze op een dag krijgt, beantwoordt ze dezelfde dag nog. Het maakt niet uit tot hoe laat ze dan bezig is.’

Volgens Duits wilden veel Japanners na de Tweede Wereldoorlog salarymen worden: gladgeschoren mannen in donkerblauwe maatpakken. Zij wonen in de grote steden en werken bij grote bedrijven. ‘Jaarlijks zijn er helaas honderden die zich letterlijk doodwerken.’ Niet door hun zware bezigheden, maar eerder door ernstig slaapgebrek en de vele uren op kantoor.

Doordat betaalbare woonruimte in de dichtbebouwde steden schaars is, zitten werknemers ook nog eens lang in de trein. De gemiddelde forens in Tokio reist drie uur per dag. Bovendien verwachten veel Japanse bedrijven dat hun werknemers na het werk socializen met de baas. Deze trend wordt de laatste tijd minder populair, doordat het veel geld kost en de nieuwe generatie er een hekel aan heeft. ‘Maar er wordt nog steeds veel gerookt en gedronken’, zegt Rogier Busser, japanoloog en nu directeur international relations van de Universiteit Leiden.

Busser werkte jarenlang in Japan en regelt er nu stageplekken voor Nederlandse topstudenten. ‘Over deze karoshi, mensen die zich hebben doodgewerkt, wordt in Japan openlijk gesproken. Een aantal nabestaanden heeft laatst de betreffende bedrijven aangeklaagd en zelfs een schadevergoeding ontvangen.’

De japanoloog weet wel te verklaren waarom de salarymen zo lang doorwerken, zonder overuren betaald te krijgen: ze zouden namelijk niet weten wat ze moesten doen als ze vroeg thuiskomen. ‘Ze zijn niet gewend aan het gezinsleven. Wat dat betreft leiden ze in de ogen van veel buitenlanders een armoedig en oppervlakkig bestaan. Maar het gezinsleven wordt door veel Japanners minder belangrijk gevonden, werk is alles.’

Dit is niet iets wat de Japanners in de genen zit, het is een mentaliteit die ontstaan is tijdens de industrialisatie, die in Japan relatief laat op gang kwam. ‘De groep en samenwerking zijn van oudsher belangrijk binnen de Japanse cultuur. Een streng arbeidsethos was nodig om Japan erbovenop te helpen, iedereen begreep dat.’

Zomaar vrij nemen doet een Japanner dan ook niet graag. Ze willen niet dat collega’s hún werk overnemen. ‘De verhoudingen op het werk wegen zwaar’, zegt Duits. ‘Je moet kunnen aanvoelen wat een ander denkt. Het wordt ook als onbeschoft gezien om een ander te belasten met je eigen gedrag.’

Het werkethos zorgt voor grote sociale problemen, vertelt Busser: ‘Steeds meer mensen vallen buiten de boot. Denk bijvoorbeeld ook aan de hikikomori. Deze jongeren komen jarenlang hun kamer niet uit en spelen alleen maar computerspelletjes. Hun ouders zetten het eten voor de deur.’ De sociale druk begint immers al op jonge leeftijd. Kleine kinderen worden geconfronteerd met toelatingsexamens, prestatiedwang en strakke discipline. ‘Ouders hebben te maken met een groot dilemma: laten we ons kind een ontspannen leventje leiden met als gevolg kleinere kansen of voeren we de druk op?’

Busser weet uit ervaring dat Japanners met plezier in Nederland werken. ‘Ze vinden het relaxter en hebben meer tijd voor hun gezin. Dat vinden ze erg prettig. Vaak kost het hen moeite om zich, terug in Japan, weer aan te passen. Ze hebben gezien hoe het ook kan.’

Ondanks de vele westerse bedrijven in bijvoorbeeld Tokio, blijft het voor hen moeilijk de werkcultuur te veranderen. Voor grote veranderingen nemen Japanse bedrijven liever westerse managers aan. Een verandering is makkelijker door te voeren door iemand van buitenaf, die het bedrijf met een frisse blik bekijkt. ‘Dat werkt als een soort breekijzer’, meent Busser.

Eén van de laatste ontwikkelingen in Japan is het parttime werken, zegt Duits. ‘De salaryman-hype is een beetje voorbij. Men blijft toegewijd werken, maar is iets minder rennerig. In Nederland moet in korte tijd veel gebeuren, in Japan nemen ze er gewoon langer de tijd voor. Dat geeft juist minder stress.’ Volgens Duits betekent ‘parttime’ werken in Japan wel iets anders dan in Nederland. Duits: ‘Het is niet minder uren werken, maar geen vast contract hebben.’

Meer dan een op de drie Japanse werknemers werkt nu als parttimers, dus zonder vast contract. Vakbonden en politici zijn hard aan het discussiëren hoe ze dit percentage kunnen verlagen. ‘En werknemers klagen dat ze geen vaste banen met sociale zekerheid kunnen vinden.’

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden