Interview

Jan Smeets: 'Oude vrienden vragen nu opeens om een kaartje'

Jan Smeets (69) is al 44 jaar de man achter Pinkpop. Nu hij de Stones heeft geregeld, vragen plots 'oude vrienden' om een kaartje. 'Hállo, wat denken ze wel niet?'

Pinkpop-baas Jan Smeets Beeld ANP

Vroeg opstaan of laat naar bed?
'Ik word elke dag vanzelf om 6 uur wakker, dat heb ik overgehouden aan militaire dienst. Eerst bekijk ik drie pagina's op Teletekst en de krant, dan ga ik een kwartier op de hometrainer. Tijdens het fietsen lees ik een verhaal uit een opinieblad. Om 8 uur zit ik op kantoor in Geleen.

'Als het kan, ga ik laat slapen, maar na mijn tweede hartoperatie in december vorig jaar gaat het licht sneller uit. Ik kan opeens kapot zijn. Dan tolt het en kan ik even niet helder denken, heel eng.

'Tijdens Pinkpop ga ik drie nachten niet naar bed. Nee, ook dit jaar niet. Spiegels vermijd ik, want ik weet dat ik er doodmoe uitzie. Ik rijd alleen even op en neer naar huis om te douchen. In het belang van mijn gezondheid is nu besloten dat ik naar huis wordt gebracht. De chauffeur moet wachten op de terugreis. Misschien maar goed ook dat ik niet meer alleen ga. De wereld is veranderd. Op elke straathoek staat wel een overvaller of een bandiet.'

Het gaat om het programma of om de sfeer?
'Twee edities serveerde ik een slechte maaltijd: in 1985 en 2005. Dan komen er direct minder mensen. Ik denk dus dat de meesten naar Pinkpop gaan voor het programma. Goede sfeer is een gevolg van het feit dat iedereen voor hetzelfde komt: de artiesten. Op Lowlands zal het misschien anders zijn, maar ook daar zijn de bezoekers kritisch als ze niet krijgen waarvoor ze gerend hebben.

'Het hele randprogrammagedoe is in mijn optiek doorgeslagen. Ik vind het prima wat Lowlands doet met politieke discussies, maar daarvoor ga je toch niet naar een popfestival? Zo'n voorstelling van het Scapino Ballet idem dito, ga naar het theater asjeblieft. Pas op, ik vind Lowlands een goed concept, maar sommige dingen zijn een brug te ver.'

Jan Smeets in 2005 Beeld ANP

Snel aangevallen of laat ze maar lullen?
'In Nederland kennen we geen nuances meer. Je moet kampioen zijn, een wereldrecord breken of uitverkocht zijn, anders ben je een loser. Vorig jaar hebben we een fantastisch festival gehad, maar 'gewoon' een goed festival organiseren is niet meer genoeg. NRC was heel negatief, schreef dat er alleen voorspelbare bands en ongevaarlijke tienerpop te horen waren.

'De Amsterdamse grachtengordel is geen fan van Pinkpop, ook de Volkskrant niet. Blijf thuis, denk ik dan, stuur een ander. Er waren geen opwindende heavy-metalacts te boeken inderdaad en Kings of Leon raffelde de set af. Maar daar kan ik toch niks aan doen?

'Mijn medewerkers zeggen vaak: 'Jaháán, ga erboven staan, het is één man die het schrijft.' Maar ja, zo werkt het nu eenmaal bij mij. Ik heb het al vaker gezegd, maar de woorden die ik voor dat soort recensenten heb, wil ik best nog eens herhalen: weet je wat jij moet doen? Heb jij een spiegel thuis? Ja? Ga daar maar eens in kijken en zeg tegen jezelf: waar haal ik het lef vandaan om hier kritiek te hebben terwijl ik zelf in mijn leven niks heb gepresteerd?'

De Nokia op tafel begint te trillen, de eerste en niet de laatste keer in het gesprek. Jan Smeets, fel in de telefoon: 'Nee, die moet gewoon betalen. Weet je wel hoe rijk die man is? Waarom zou ik hem gratis moeten binnenlaten, wát een onzin! Hij kan een kaartje kopen, niet krijgen.' Smeets hangt op. 'Wat er nu allemaal probeert binnen te komen hè, met een smoes. Waanzin.'

In dat kader: oude of nieuwe vrienden?
'Natuurlijk komen er mensen op de Stones af die eerder niet op Pinkpop zijn geweest, maar ik vind: je komt voor het hele festival, niet alleen voor het hoofdgerecht. Bij elk verzoekmailtje van een bekende die graag de Stones wil zien, denk ik: fuck you. Ik word opeens gebeld door ' vrienden' die ik in 1982 voor het laatst heb gezien. Hállo, wat denken ze wel niet? Dan heb je nog mensen die terminaal zijn en nog één keer willen komen. Of ik ze dan in de persruimte kan laten zodat ze daar rustig kunnen plassen. Daar kan ik niet aan beginnen.'

Opa vertelt of niks geen nostalgie?
'Ik word vaak gevraagd een lezing te geven en dan hoort iedereen het liefst anekdotes over vroeger. Ik ben een ouwe vent en organiseer dit festival al 44 jaar, dat is natuurlijk zo, maar het irriteert wel dat het zo vaak over mijn pensioen gaat. Het programma maak ik al tijden niet meer, dat heb ik in 1985 overgedragen aan Mojo. Toch roepen de mensen die het niks vinden altijd dat het komt doordat ik een ouwe lul ben die weg moet. Onzin. Ik hoor graag nieuwe muziek, al ben ik er niet meer zo actief mee bezig. Sommige bandjes die de boekers aandragen moet ik YouTuben, zeg ik dat goed? Als ik het niks vind, horen ze dat.'

IJdel of bescheiden?
'Ik vind mezelf eerder nederig dan ijdel. Wel mag ik op Pinkpop graag in een hoekje staan en denken: dat heb ik toch allemaal weer gedaan, zij het natuurlijk samen met tien man vaste staf op kantoor, 120 leidinggevenden en een paar duizend medewerkers. Zó bescheiden ben ik nu ook weer niet. Waarom ik altijd zelf een openingspraatje houd? Niet omdat ik zo nodig het hoofdpodium op moet. Het had altijd al iets gênants, maar met de leeftijd is het ongemakkelijker geworden. Als ik mezelf achteraf terugzie denk ik elk jaar weer: o nee! Zeker het afscheidswoord op maandagavond, dat klínkt gewoon niet; een combinatie van emotioneel zijn en onduidelijk spreken, ik ben geen Mart Smeets.

'Ik richt me altijd op twee of drie gezichten in het publiek en steeds vaker liplees ik dingen als fuck off. Vroeger begon ik in zes, zeven talen met goedemorgen. Tegenwoordig weet ik niet hoe snel ik moet roepen dat ik geen presentator ben en het dus overlaat aan échte presentatoren.

'Ook om me heen zeggen genoeg mensen: Smeets, doe het gewoon helemaal niet meer. Tot nu toe zag ik dat niet zitten, die ander vergeet gegarandeerd de essentiële dingen te vertellen. Dit jaar overweeg ik Giel Beelen te vragen om mij niet meer aan te kondigen. Dan zal ik hem de tekst influisteren.'

Pinkpop in 1985 Beeld ANP

Een uur voor het festival of een uur na het festival?
'De eerste twee dagen heb ik liever het uur erna, mits alles goed is verlopen natuurlijk. Maandag, de laatste dag, vind ik te emotioneel. Als het allemaal afgelopen is, blijf ik wakker tot de kranten binnenkomen. Ik kan niet rusten voor ik de recensies heb gezien. Tot die tijd lees ik de eerste berichten van sites als 3voor12. Wanneer je hard werkt aan een product, wil je ook weten of het in de smaak is gevallen. Slechte recensies mail ik direct door naar de voorzitter van mijn programmacommissie, die flipt dan mee.

'Het einde van het feest geeft een depressief gevoel dat bijna niet uit te leggen valt. Als het terrein leeg is, voel ik me in één klap eenzaam. De mensen met wie ik heb gewerkt, gaan dan hun eigen weg, die ben ik even kwijt. Als ik tijdens het festival over het veld loop, word ik continu aangesproken, moet ik de hele tijd op de foto. Na het festival is er niemand meer die wat tegen me zegt. Als je dat helemaal kapot gaat analyseren, zal het erop neerkomen dat ik dit festival organiseer om mezelf door duizenden mensen te laten adoreren. Heel gênant, want het draait niet om mij. Maar soms kan het even zo voelen, als ik achterblijf met die stinkende toiletten.

'Het beste medicijn is om zo snel mogelijk weer in een grote groep te worden opgenomen. Deze zomer ga ik met een paar medewerkers naar Rock Werchter, Pukkelpop, Zwarte Cross, noem maar op. Daar krijg ik reacties op Pinkpop of zegt iemand: 'Hé, heb je gezien hoe die tent daar staat, dat zou jij nooit goedkeuren.' Dan voel ik me weer lekker.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden