Jan heeft iets met taal, alleen taal heeft niets met Jan

Mia

Zet intuïtief de juiste woorden naast elkaar en je raakt mensen in hun ziel

In de rubriek 'Nieuwsbreak' op de Volkskrant-site werd gisteren columnist, schrijver, ballonnenvouwer, suikerspinnenmaker en hondentrimmer Jan Kuitenbrouwer geïnterviewd over de actualiteit. Jan heeft iets met taal, alleen heeft taal helaas niets met Jan. Dat blijkt als aan Jan wordt gevraagd of hij de overleden Vlaamse zanger Luc De Vos kent.

Heel Vlaanderen rouwt, een carillon in Gent speelt de melodie van zijn bekendste liedje en om de kerk heen hebben zich honderden huilende mensen verzameld, maar Jan moet dat even aan zijn vrouw vragen, of zij Luc De Vos kent. Dat blijkt niet het geval. Op Twitter vraagt Jan even later of iemand de tekst begrijpt. Na wat research mailt Kuitenbrouwer de interviewer. Hij is er wel uit: 'Het gaat over vergeefsheid, vergetelheid en genade, heb ik de indruk. Muzikaal is het niet erg interessant.'

Die expertise vergat ik zojuist nog te vermelden in het rijtje Kuitenbrouwerbezigheden. Compositieduider.

De nagekomen mededeling van Jan Kuitenbrouwer stelt mij gerust. Gelukkig vindt hij het niets. Het is een liedje dat een beroep doet op de verbeelding. Niks voor Jan dus. Een liedje vol prachtige zinnen die ertoe leiden dat je keel langzaam wordt dichtgesnoerd. Daar heeft Kuitenbrouwer niets mee. Je hebt taal, mensen zetten woorden achter elkaar en daarna legt Jan Kuitenbrouwer aan ons uit hoe het allemaal in elkaar zit. Als mensen, buiten hem om, opeens van alles over teksten gaan vinden en er van alles bij gaan voelen, dan ben je bij Jan aan het verkeerde adres.

Ik vind Mia een prachtig liedje. Luc De Vos zet mooie, romantische woorden als 'sterren', 'licht' en 'dromen' keihard naast rauwe woorden als 'middenstand', 'afwas' en 'Elvis'. En dat ontroert. Jan Kuitenbrouwer zou zeggen: dat werkt.

De eerste twee zinnen van het liedje zijn wonderschoon. 'Toen ik honger had kwam ik naar je toe. Je zei: eten kan als je de afwas doet.' Dat is nog eens een begin van een lied. Je staat meteen in de keuken, met kleding die zes dagen niet is gewassen, en je verlangt naar de geur van gebakken spek. Die afwas, daar kom je nog wel onderuit. Mia lacht naar je.

En zo gaat dat maar door in het liedje Mia, Elvis verschijnt uit het niets en Mia heeft het licht gezien. De overleden Luc De Vos heeft gedaan wat Jan Kuitenbrouwer nooit zal begrijpen: hij heeft mensen in de ziel geraakt door op intuïtie de goede woorden naast elkaar te zetten. Er gelden geen taalwetten in dit liedje. Alles kan. Het is een op het eerste gehoor onbegrijpelijke tekst, die je doet nadenken over je eigen leven.

Er is geen sprake van een hype. Dit liedje heeft zich jaren geleden, ver vanuit de achterhoede, in de hoofden van alle Vlamingen genesteld. Het kwam uit als de B-kant van een single. En dat ontroert mij. Dat geeft mij hoop voor de toekomst. Dat iets wat eenvoudig en oprecht is zonder spierballentekstdichterij toch rechtstreeks de harten binnenwaait.

Het is een wonder van een liedje. Je hoort de gitaar, de piano en na de laatste zin: 'Ze vraagt: kun jij nog dromen' zit je opeens met natte wangen, al weet je niet waarom.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.