Jaarlijks vijftigduizend kinderen door ouders mishandeld 'Herkenbaar meldpunt moet erger voorkomen'

Vroegtijdig signaleren van mishandeling is noodzakelijk voor het voorkomen van veel leed bij zowel kinderen als ouders. Nu sterven jaarlijks veertig kinderen ten gevolge van mishandeling....

Van onze verslaggeefster

Jeannine Westenberg

MAASTRICHT

Van de vijftigduizend kinderen die jaarlijks worden mishandeld, vinden er veertig de dood, vermoeden artsen. Van de helft van alle gevallen wordt geen melding gemaakt. 'Eerder ingrijpen kan veel leed voorkomen', zegt hoogleraar in de opvoedkunde J. Hermanns. 'Maar dan moet kindermishandeling wel vroegtijdig opgemerkt en gemeld worden.'

Hermanns is voorzitter van de Werkgroep Meldpunt Kindermishandeling. Donderdag overhandigde hij staatssecretaris van Volksgezondheid Terpstra een advies voor de invoering van een duidelijk herkenbaar Advies- en Meldpunt Kindermishandeling in iedere provincie.

'Kinderen die mishandeld worden, hebben er recht op dat zij en hun ouders hulp krijgen ', zegt Hermanns. 'Als het nodig is, moeten kinderen worden beschermd met civielrechtelijke maatregelen. Als er een misdrijf is gepleegd, moet strafrechtelijk gereageerd worden.'

Uit een onderzoek onder drieduizend Nederlanders, onder wie zowel privé-personen als beroepsbeoefenaars en professionele hulpverleners, bleek dat velen niet weten waar ze kunnen melden. De meldingsbereidheid is ook gering.

Om meer gevallen van mishandeling boven tafel te krijgen, wil de werkgroep dat er nu in het hele land Advies- en Meldpunten Kindermishandeling worden opgezet die zo snel mogelijk kunnen verwijzen. In Friesland, Drenthe en Amsterdam-'t Gooi bestaan al modelprojecten, waarin het Bureau Vertrouwensartsen, de Raad voor de Kinderbescherming en de politie samenwerken. Maar in de overige gebieden werken de instanties nog apart van elkaar en weinigen maken daarvan gebruik.

Slechts 23 procent van de Nederlanders die in hun omgeving kindermishandeling signaleren of vermoeden, neemt contact op met een meldpunt. 'Dat is erg, maar het schokkendst vind ik nog dat 35 procent van de beroepsbeoefenaars nalaat contact op te nemen', zegt Hermanns. Onder die groep vallen leerkrachten, jeugdartsen en mensen die in de kinderopvang werken.

Hermanns: 'Ik kan me voorstellen dat een leidster van een peuterspeelzaal het moeilijk vindt om ouders te vragen hoe een kind aan zijn blauwe plekken komt. Maar als ze naar een meldpunt gaat, worden de manieren van aanpak op een rijtje gezet. Bovendien krijgt ze net even een steuntje in de rug. Dat blijken melders vaak nodig te hebben.'

Hermanns: 'Als iemand zijn overbuurvrouw altijd hoort schreeuwen tegen de kinderen, kan hij bij een meldpunt terecht voor advies. Er wordt dan bekeken of hij in staat is zelf iets te ondernemen en hoe hij dat kan doen of dat het meldpunt de verantwoordelijkheid overneemt.'

Volgens de onderzoeker zijn veel mishandelende ouders dikwijls opgelucht dat ze een helpende hand krijgen toegestoken. 'Er zitten natuurlijk echt gestoorde ouders tussen, dan is ingrijpen de enige mogelijke oplossing. Maar een groot deel van de opvoeders voelt zich onmachtig. Ze zitten dikwijls in een sociaal isolement. Vroegtijdige opvoedingsondersteuning kan helpen.'

Hermanns: 'Uiteraard worden er dan wel voorwaarden gesteld. 'Ze krijgen hulp, maar ze worden wel gewaarschuwd, dat mishandeling niet weer mag voorkomen, anders worden er andere maatregelen genomen.'

Hermanns hoopt dat de nieuwe meldpunten minder afstand creëren tussen artsen en hulpverlening. Artsen ervaren de huidige bureaus niet echt als steunpunt. Aan de andere kant laten artsen in één op de vijf gevallen na de gemeentelijke lijkschouwer te waarschuwen na een fatale afloop. 'Huisartsen en kinderartsen hebben het gevoel in zo'n situatie alleen te staan', aldus Hermanns.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden