reportageMondkapjesplicht in Amsterdam

‘Jaahaa, weer een twijfelgeval!’ De lastige praktijk van een plaatselijke coronamaatregel

Sinds woensdag geldt er op drukke plaatsen in Amsterdam een mondkapjesplicht. Wat dat betekent is niet voor iedereen duidelijk. En dan: ‘Waarom wij wel maar de Dappermarkt niet?’

De meeste bezoekers en marktkooplui hebben een mondkapje op, desnoods een van de gratis blauwe kapjes die twee lopende uithangborden uitdelen. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

‘Niet betalen, hoor!’ De notenverkoper op ‘de Albert Cuyp’ stelt de drie geschrokken Londense toeristen gerust: dat ze geen idee hebben dat er sinds die ochtend een mondkapjesplicht geldt op de Amsterdamse markt, maakt niets uit. Als ze al een boete krijgen, wat niet zal gebeuren, dan is die ongrondwettelijk. Met een vriendelijke knik loopt het drietal kaploos verder.

‘Ik zou een boete sowieso aanvechten’, zegt de verkoper in Ajaxshirt, die zijn naam niet wil noemen. ‘Het is in strijd met minstens twee grondwetten. Wacht, ik pak het er even bij.’ Van zijn telefoon leest hij artikel 10 en 11: recht op eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer en recht op onaantastbaar­heid van het lichaam. ‘Dat zeiden hoogleraren van de UvA, dus die zullen het wel weten.’

Ultralokaal

Nee, van harte gaat het nog niet met de mondkapjes op de markt. Na wekenlang debat over de effectiviteit van niet-medische mond-neusmaskers en de vraag of het kabinet een landelijke plicht in moest voeren, kozen Femke Halsema en Ahmed Aboutaleb, de burgemeesters van de grootste brandhaarden, voor de ultralokale variant: een plaatselijke verordening in een paar drukke straten. 

Deze woensdag is het zover: het begin van een experiment dat in elk geval tot eind deze maand duurt. Op de Albert Cuypmarkt is het ’s ochtends uitzonderlijk rustig; er lopen haast meer journalisten dan klanten. De meeste bezoekers en marktkooplui hebben er wel een op, desnoods een van de gratis blauwe kapjes die twee lopende uithangborden uitdelen. 

‘Je raakt die dingen gewoon met je blote poten aan en dan geef je ze weg’, zegt Carry van Rheenen van de haringkraam tegen de uitdelers. ‘Zo heeft het toch geen zin?’ De maatregel ‘klopt van geen kant’, zegt de blonde vrouw, zelf zonder kapje. Bovendien: ‘Je verstaat de mensen niet eens met zo’n ding.’ 

Op de Albert Cuypmarkt is het ’s ochtends uitzonderlijk rustig; er lopen haast meer journalisten dan klanten.Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Noten bakken bij 30 graden

Ook de notenverkoper weigert vooralsnog en dat vindt zijn baas prima. ‘Het is 30 graden hiero. In die hitte ga ik niet met kapje noten bakken.’ Niet dat hij het virus niet serieus neemt, maar het gaat om ‘de manier waarop’. ‘Hier wel een mondkapje, maar een straat verder niet. Heb je gezien hoe druk het in de supermarkt is?’

Zijn kritiek vindt breed weerklank op de markt: prima zo’n kapje, maar doe het dan meteen landelijk, nu is het een warboel van uitzonderingen en twijfelgevallen. Op het terras van lunchcafé Bozz, ingeklemd tussen twee kraampjes, hoef je geen mondkapje te dragen. Maar als je een paar meter verder een portie poffertjes haalt, moet je een zijstraat in om ze op te eten. 

‘We worden gediscrimineerd’, zegt Dunja van de pantywinkel. ‘Waarom wij wel maar de Dappermarkt niet? Gelijke monniken, gelijke kappen.’ Ook zij weigert een kapje en vecht een boete aan als ze die krijgt. ‘Ik blijf vooral binnen in mijn zaak achter het spatscherm. Dan hoeft het ook niet.’

Vaste klanten Milly de Geus (56) en haar vader dragen wel een kapje. ‘Wij komen net uit Italië en daar had iedereen er een op’, zegt Milly. ‘Het is even wennen. Maar je moet je er niet tegen verzetten.’

Kruispunt

Op een kruispunt, waar twee gastheren van de gemeente de regels handhaven, steken voortdurend mensen over zonder kapje. Soms fietsend, wat hier ook niet mag. ‘Ik woon daar’, zegt een vrouw, wijzend naar de overkant. ‘En ik moet straks ook weer terug, oké?’ Veel mensen, vooral de jongeren, negeren de gastheren. ‘Ze hebben er schijt aan’, zegt host Ronny Gonesh. ‘Daar wen je aan. Boetes kan ik niet uitdelen.’

‘Sta ik nu op de Van der Helst of op de Cuyp?’, plaagt de mondkaploze marktkoopman Dennis Mourik de gastheren. ‘Jaahaa, weer een twijfelgeval!’ Even later: ‘Er is één voordeel aan die kapjes: dan hoef je minder lelijke koppen te zien.’ Jaloers op de Dappermarkt in Amsterdam-Oost is Mourik niet. Met bulderende lach: ‘Daar is het nog nooit druk geweest.’ 

Ernie van den Bergh van de tasjeskraam draagt geen mondkapje maar een doorzichtige ‘faceshield’. ‘Die kapjes zijn zo onpersoonlijk. Zo kun je tenminste lachen naar de mensen.’ Om er een positieve draai aan te geven heeft hij een slogan bedacht: ‘Kom ook winkelen op de veiligste markt van Nederland.’

Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Handhavers

Op de markt op het Plein ’40-’45, in Amsterdam Nieuw-West, is het even later zo mogelijk nóg veiliger. De metersbrede gangpaden tussen betonnen blokken zijn rond het middaguur goeddeels verlaten. De paar mensen die er wel rondlopen, hebben haast zonder uitzondering een mondkapje op. 

Er lopen drie handhavers rond, twee toezichthouders en een stuk of vier mensen van de gemeente die kapjes uitdelen. Commentaar mogen ze niet geven. Ook niet op het hardnekkige gerucht dat er in elk geval de komende drie dagen geen boetes worden uitgedeeld. 

De angst is groot dat het door de kapjesplicht nog rustiger wordt dan het al was in coronatijd. ‘Hij denkt dat het minder druk wordt, ik denk drukker’, zegt Tojindev Butter. Haar man, Pritpal Singh, heeft een wit reepje stof via zijn tulband over zijn mond gespannen. ‘Uiteindelijk is het beter om voor de veiligheid te kiezen.’

‘We zijn proefkonijnen’, zegt Abdullah, verkoper bij de olijvenkraam en een van de weinige sceptici. ‘Als het echt belangrijk was, zou het landelijk zijn ingevoerd. Aboutaleb en Halsema willen gewoon haantje de voorste zijn. En onze markt durft geen tegenstand te bieden.’

Toeristen

Op de Wallen, waar ook een mondkapjesplicht geldt, is de situatie tegengesteld aan die in Nieuw-West: veel drukker, vooral met toeristen, maar de mondkapjesdragers zijn in de minderheid. Het gebied is niet zo overzichtelijk als de markt en de waarschuwende gele borden vallen nauwelijks op in de drukte. 

Vrijwel alle toeristen die op de nieuwe regel worden gewezen  halen verbaasd een mondkapje uit hun zak. Velen lopen met het ding op de kin rond. De paar vrouwen die al achter de ramen zitten, hebben geen mondkapje op, dat hoeft ook niet. Nog een uitzondering. 

Bij de Warmoesstraat vraagt een buurtbewoner, zonder kapje, aan een handhaver hoe het nou precies zit. Die legt uit: als hij vanaf hier naar de Kalverstraat loopt, waar ook een mondkapje verplicht is, mag hij het kapje afdoen op de Dam. ‘Dat moet je maar net weten, hè?’ 

Toen hij gisteravond thuiskwam was hij een gehoorzame burger, vanochtend toen hij de deur uitging was hij in overtreding. Gelukkig riskeert hij geen boete. En afficheert vrijwel elke souvenirshop: hier mondkapjes te koop!

Kapjesplicht Rotterdam: twijfel, tevredenheid, argwaan en verzet
Dertig mensen die woensdag in het centrum van Rotterdam tegen de mondkapjesplicht demonstreerden, hebben een boete van 95 euro gekregen. We spraken mondkapjesdragers en -weigeraars in Rotterdam. ‘Het is een gekte, we wandelen allemaal in een nachtmerrie.

Lees het laatste nieuws over de pandemie in ons liveblog.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden