'Ja, ik dacht: dat doe ik wel even'

Na veertig jaar wetenschappelijk werk komt politicoloog Meindert Fennema met een roman. 'Ik ben tevreden over mijn carrière, maar achteraf was ik liever historicus geweest of romanschrijver.'

Meindert Fennema draagt een capuchontrui met in grote witte letters de opdruk 'Ask me about my book'. Speciaal aangedaan voor het interview, zegt de emeritus hoogleraar politicologie. Die trui heeft zijn oudste dochter Reina (31) laten maken. Zijn deze week verschenen debuutroman Het slachthuis is aan haar opgedragen.


De capuchontrui, de gouden kettingen om zijn nek en het feit dat Fennema (67) in het tuinhuis van zijn villa (geërfd door zijn vrouw) in Aerdenhout woont, maken hem tot atypische professor. Dat wonen in het tuinhuis is trouwens tijdelijk, de villa is verhuurd aan toeristen. In het huisje serveert Fennema brood met haring. Honden Kwispel en Snorkel liggen onder tafel.


Fennema (oud-lid van het studentencorps én van de Communistische Partij van Nederland) schreef biografieën van Hans Max Hirschfeld en Geert Wilders en publiceerde in allerlei kranten en opiniebladen over democratie, de (verdwijnende) elite, populisme en anti-immigratiepartijen. En nu dus een roman. Een autobiografisch boek, met een hoofdpersoon, de 12-jarige Jelle Feenstra, die sterk op Fennema lijkt. Allebei licht spastisch, allebei Friezen die opgroeiden in Zeist, allebei zoon van een depressieve moeder. Jelle speelt - net als Fennema vroeger - graag in het slachthuis waar zijn vader keurmeester is. 'Als mijn ouders nog geleefd hadden, had ik dit boek nooit geschreven. Mijn moeder komt er niet echt goed vanaf, hè? Je denkt niet: zo'n moeder had ik willen hebben.'


Waarom heb je dit boek een roman genoemd?

'Omdat het een roman ís!'


Het is ook heel autobiografisch.

'Klopt, maar dat geldt voor de meeste eerste romans. Heb je De avonden gelezen? Dat is sterker autobiografisch dan dit. Saskia, het Indische vriendinnetje van de hoofdpersoon, bestaat helemaal niet. Maar haar twee broers, de Blue Diamonds, bestaan weer wel. Ik heb zeker de helft van mijn boek verzonnen.'


Heb je overwogen om in plaats van een roman je memoires te schrijven?

'Nooit. Ik liep al lang rond met dit idee fictie te schrijven. Eigenlijk sinds ik in 2010 die Wilders-biografie schreef. Sommige van jouw collega's meenden dat ik van alles in dat boek had verzonnen. Dat vonden ze schandálig.'


Maar je hád toch ook dingen verzonnen?

'Ja, ik had ook dingen verzonnen. Wilders wou niet met mij spreken. Ik heb er een vie romancée van gemaakt, in de zin dat ik hem dingen laat denken en zeggen, waarvan ik nooit kan bewijzen dat hij die gedacht of gezegd heeft. Dat staat ook in het voorwoord. Maar journalisten zijn enorm kinderachtig. Die vinden dat een professor niks mag verzinnen. Er speelde misschien ook afgunst mee - want waarom hadden die journalisten zelf eigenlijk geen biografie van Wilders geschreven?'


Vond je het erg dat die Wilders-biografie matig werd besproken?

'Het heeft reuring veroorzaakt, dat was goed. En er waren ook een heleboel mensen die het een goed boek vonden.'


Waarom nu een roman?

'Ik denk dat dat mijn ongedurigheid is. Over de wetenschap dacht ik: ik heb dat kunstje veertig jaar gedaan. Dat is lang, maar kijk naar de lijst boeken die ik heb geschreven, dan zie je dat ik op zeker vier terreinen specialist ben. Ik ben erg tevreden over mijn carrière. Alleen was ik achteraf liever historicus geweest dan politicoloog, en misschien nog iets liever romanschrijver.'


Zijn debuutroman zou eerst een kinderboek worden, zegt Fennema. 'Het slachthuis leek me een goede titel voor een kinderboek. Tot mijn vrouw zei: moeders gaan niet massaal voor hun kinderen Het slachthuis kopen. Met mijn uitgever Mai Spijkers heb ik besloten er dan maar een roman van te maken. Ik heb Franca Treur nog eens gelezen, met haar confetti (Een dorsvloer vol confetti, red.) en toen dacht ik: het is makkelijker een roman te schrijven dan een kinderboek.'


Je dacht: dat doe ik wel even?

'Ik dacht: dat doe ik wel even.'


Denk je dat altijd, bij alles?

'Ja. Ik las nog een paar romans en dacht: het niveau van Heleen van Royen - van wie ik een groot fan ben - haal ik niet, maar dat van Arnon Grunberg moet toch te halen zijn.'


Laat expres een lange stilte vallen. 'Maar! Wat ik moeilijk vond, toen ik begon te schrijven, was het aanbrengen van spanning. Aanvankelijk was het té autobiografisch. Ik dacht: wie interesseert dit? Het leek wel een streekroman.'


En toen verzon je het Indische vriendinnetje Saskia?

'Ja. Maar eerst verzon ik dat mijn opa verpletterd wordt door een koe. De laatste koe die hij slacht. Dat is niet helemaal verzonnen, want ik ken een slager die op die manier aan zijn eind kwam. Alleen dat was niet mijn opa. Die was al veel langer dood.'


Ben je echt fan van Heleen van Royen? Of koketteer je nu een beetje?

'Dat weet je nooit, hè? Ik vind De gelukkige huisvrouw echt een heel goed boek. En dat laatste boek, tja, op een gegeven moment weet je het wel. Ik denk dat ik het inderdaad een beetje overdrijf. Zo vind ik het ook leuk om te schoppen tegen die Grunberg, de thermometer van de grachtengordel. Ik ben helemáál niet van de grachtengordel.'


Je woont anders wel in een villa in Aerdenhout.

'Hahaha. In een garage! Dat maakt de mensen boos op mij. Dan roepen ze: je hoort zelf bij die elite!'


Wat waren de reacties in je omgeving op het plan een roman te schrijven?

'Afgunstig, natuurlijk. Dan zeggen ze: je bent nu een van de honderdduizend gepensioneerden die een roman willen schrijven. Dan denk ik: nou en, ik doe het! Klaar! Ik word steeds zelfverzekerder.'


Heb je al plannen voor een tweede roman?

'Ik heb een titel: Het Schapenburgerpad. Dat moet een boek worden met vier ik-figuren. Moeilijker dan dit boek, snap je? Ik ben ontzettend goed bezig, de laatste tien jaar.'


Hoe komt dat?

'Voor een deel door mijn vrouw, Caroline van Dullemen, die ik nu vijftien jaar ken. Ik heb meer rust om na te denken over mezelf. In 2007 schreef ik die biografie van Hirschfeld, mijn hoofdwerk. Dat boek is magistraal. Daarin heb ik ook dingen verzonnen, maar dat vond niemand erg. Ik laat Hirschfeld in Batavia dingen meemaken die ik zelf meegemaakt heb. Niemand viel erover. Of ze hadden het niet door.'


Er zijn weinig mensen die van zichzelf zeggen: ik ben ontzettend goed bezig, mijn boek is magistraal.

'O nee? Ik vínd dat gewoon. Maar deze roman zou ik niet magistraal durven noemen. Ik vind het een geslaagd boek, maar het woord is nu aan de lezer.'


Hoe erg is het als dit boek wordt neergemaaid?

'Niet erg. Ik moet mijn uitgever rijk maken, dat is mijn streven. Dit boek is een succes als ik er tienduizend verkoop.'


Meindert Fennema: Het slachthuis

Prometheus; 296 pagina's; euro 19,90.


CV MEINDERT FENNEMA

1946 Geboren op 21 mei in Leeuwarden


1969-1973 Studie politicologie aan de Universiteit van Amsterdam


1975-2012 Als medewerker en later hoogleraar verbonden aan de Uni-versiteit van Amsterdam


2007 Biografie Dr. Hans Max Hirschfeld, Man van het grote geld


2010 Biografie Geert Wilders, Geert Wilders, tovenaarsleerling


2012 Afscheidscollege als hoogleraar, Help! De elite verdwijnt!


2013 Het slachthuis, debuutroman


Fennema is duo-gemeente-raadslid voor GroenLinks in Bloemendaal.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden