Italië kan Baggio eeuwig dankbaar zijn

De slijtageslag in Amerika wordt morgen afgesloten met het duel tussen Romario en Roberto Baggio. Beiden staan op vijf doelpunten....

Zonder Baggio lijkt de finale onbegonnen werk voor de Italianen die eerder in het toernooi Evani en Baresi met blessures zagen afhaken, en nu ook de verdedigers Tassotti en Costacurta missen. Beiden zijn geschorst. Coach Sacchi heeft er daarom een beetje spijt van Filippo Galli, de reserve-voorstopper van AC Milan, te hebben thuis gelaten, de man die in de laatste Europa-Cupfinale Romario uitschakelde.

De artsen hebben er een zwaar hoofd in dat Baggio aan de start kan komen, hoewel hij hen wel vaker voor verrassingen heeft geplaatst. Voordat de 'kleine prins' in 1990 van Fiorentina naar Juventus ging, werd hij tot drie maal toe aan zijn knie geopereerd. Het kostte hem twee jaar van zijn carrière. Hij kreeg zelfs het dringende advies met topvoetbal te stoppen en zich te laten afkeuren.

Italië is hem eeuwig dankbaar dat hij deze suggestie in de wind heeft geslagen. Zonder hem zou de ploeg op het WK reddeloos zijn geweest. De 27-jarige speler die kracht en inspiratie uit het boeddhisme put, liet pas na de drie groepswedstijden zien waarom hij Il Fenomeno wordt genoemd. Op z'n best was hij woensdag in de halve finale tegen Bulgarije.

De late herrijzenis verbaasde vriend en vijand. Het had er alle schijn van dat het doek voor hem was gevallen toen hij in de tweede wedstrijd tegen Noorwegen al na 23 minuten naar de kant werd gehaald. Sacchi moest een veldspeler wisselen omdat doelman Pagliuca de rode kaart had gekregen.

Het dramatische afscheid van Baggio bleek van tijdelijke aard. Hij keerde terug tegen Mexico, viel nog niet meteen in positieve zin op, maar zette wel de eerste, wankele passen op de weg naar boven. Zijn gelijkmaker tegen Nigeria, enkele minuten voor het eindsignaal, gaf hem een kick. Spanje en Bulgarije waren zijn volgende slachtoffers.

Romario heeft van het begin af aan de Braziliaanse kar getrokken. Zijn uitdagende voorspelling: 'Het wordt mijn wereldkampioenschap' staat op het punt uit te komen. De one man show heeft zes wedstrijden geduurd. Nu de zevende nog, de allesbeslissende. Cruijff, zijn trainer bij Barcelona, weet dat het kan verkeren. Hij dirigeerde het Nederlands elftal in 1974 naar de WKfinale, werd de uitblinker van het toernooi, maar slaagde er niet in de kroon op zijn werk te zetten.

De wegen naar Romario moeten worden afgesneden, praten de systeemdeskundigen elkaar na. Het is een waarheid als een koe. Oranje probeerde het zonder succes, de Zweden trokken een levende muur op, hielden lang stand, maar zagen de kleine dribbelkoning alsnog raak koppen. Italië beseft dat het weinig zin heeft op dezelfde manier aan de slag te gaan. Gevraagd naar zijn strijdplan zegt Sacchi: 'Wij streven ernaar de superieure tegenstander met een goede organisatie in verwarring te brengen.'

De gouden sleutel ligt op het middenveld. Daar kan Italië zich met Dino Baggio, Albertini en Donadoni waarschijnlijk redelijk handhaven. Brazilië heeft geen geniale spelverdeler meer, zoals Zico, Socrates of Falcao, maar is in staat aan de zijkanten veel druk op de ketel te brengen met Jorginho en scherpschutter Branco. De begaafde Leonardo had op de linkerflank voor nog groter gevaar kunnen zorgen, ware het niet dat hij sinds zijn elleboogstoot tegen Amerika moet toekijken.

De vorige WK-finale tussen WestDuitsland en Argentinië was een misbaksel. De aan z'n enkel geblesseerde Maradona werd rigoureus aangepakt en had geen fut meer voor geniale momenten. De op een counter gokkende Argentijnen voelden zich bestolen toen de Mexicaanse scheidsrechter een buiteling van Völler met een strafschop beloonde. Alle remmen gingen los, met rode kaarten voor de Zuidamerikanen Monzon en Dezotti als gevolg.

De wereld was niettemin getuige geweest van een boeiend, meeslepend toernooi, beweerde na afloop Franz Beckenbauer, de winnende coach. Hij probeerde daarmee knollen voor citroenen te verkopen. Die truc hoeft in Amerika niet te worden herhaald. Het vijftiende WK was boeiender dan verwacht, leverde aanzienlijk meer doelpunten op dan dat van 1990 en minder grofheden. De ruim tweehonderd gele en vijftien rode kaarten droegen ertoe bij dat de spelers hun grenzen enigszins leerden kennen.

De kostbare ledematen van Romario bleven heel. Het zou toch een ramp zijn geweest als hij vroeg in het toernooi was geëlimineerd. Door zich af en toe iets te laten terugzakken en zijn bewaker mee te trekken, wordt hij minder kwetsbaar en controleerbaar dan wanneer hij uitsluitend in het hart van de aanval op een kans blijft loeren. Eenmaal aan de bal is hij in de buurt van het strafschopgebied een latent gevaar. Beter dan wie ook ontwijkt hij de tackles, hij springt omhoog voordat zijn benen getroffen kunnen worden en schiet vervolgens als een katapult weg. Zijn de Italianen daartegen opgewassen?

Roberto Baggio die in reëcarnatie gelooft en in een volgend leven hereboer hoopt te worden, denkt van wel. 'Wij zijn in elk geval koelbloediger dan de meeste Brazilianen', zegt hij. 'Bovendien zijn wij geen favoriet, dat speelt makkelijker.'

Hoop doet leven in het Italiaanse kamp. De reeks ontsnappingen in vorige wedstrijden, met die tegen Nigeria als hoogtepunt, geeft de ploeg het gevoel door bovenaardse krachten te worden beschermd. Maar Brazilië lacht en danst alle zorgen voor morgen van zich af. En rekent op nieuwe hoogstandjes van een ex-PSV'er.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden