Israël gaat veiligheidsbarrière verleggen

Het Israëlische Hooggerechtshof heeft woensdag vastgesteld dat de barrière-in-aanbouw tussen Israëlisch en Palestijns gebied teveel schade toebrengt aan de Palestijnse omwonenden....

Het Hooggerechtshof erkent dat Israël in principe het recht heeft een barrière aan te leggen op de Westelijke Jordaanoever om zijn bevolking te beveiligen tegen Palestijnse zelfmoordaanslagen. 'Maar deze route heeft zoveel ellende veroorzaakt voor de lokale bevolking dat de staat een alternatief moet vinden dat misschien minder veiligheid biedt, maar de bevolking minder schade berokkent. Zulke alternatieve routes bestaan wel degelijk', luidt het vonnis van het Hooggerechtshof.

De zaak was aanhangig gemaakt door acht Palestijnse dorpen die langs een veertig kilometer lang gedeelte van de geplande barrière liggen. De 45 duizend inwoners zouden door de barrière, bestaande uit hoge hekken met prikkeldraad, betonnen muren of loopgraven, worden gescheiden van hun akkers en boomgaarden. Bovendien zou hun de weg worden versperd naar de scholen en steden in de omgeving. Hun klacht werd onderschreven door dertig Israëliërs uit een naburig dorp.

Het hof vindt dat twee kilometer reeds gebouwde muur moet worden afgebroken en dat dertig kilometer tracé moet worden verlegd. De voor de bouw onteigende grond moet worden teruggegeven aan de Palestijnse eigenaren. Het hof had de bouwwerkzaamheden eind februari al laten stilleggen, nadat twee stenengooiende Palestijnen die protesteerden tegen de aanleg van de barrière waren doodgeschoten door Israëlische soldaten.

De ontwerper van het in totaal 640 kilometer lange tracé, Dany Tirza, toonde zich teleurgesteld over het vonnis. 'De aanleg van de barrière zal hierdoor vele maanden vertraging oplopen', voorspelde hij.

Een advocaat van de Palestijnen noemde de uitspraak van het Israëlische Hooggerechtshof 'moedig en hoogst belangrijk'. 'Dit schept natuurlijk een precedent', voegde hij eraan toe, de twintig andere Palestijnse verzoekschriften over de barrière indachtig. 'Deze uitspraak is belangrijker dan die in Den Haag, want aan deze zal gehoor worden gegeven.'

In Den Haag zal het Internationaal Gerechtshof naar verwachting op 9 juli vonnis vellen over de toelaatbaarheid van de barrière. Een uitspraak van dit VN-hof heeft echter slechts de kracht van een advies. De zaak is aanhangig gemaakt door de Palestijnen, die het bouwwerk beschouwen als een verkapte poging om delen van de Westoever, waar zij hun toekomstige staat willen vestigen, in te lijven bij Israël.

De Palestijnse premier, Ahmed Qureia, is dan ook niet bijzonder ingenomen met de uitspraak van het Israëlische Hooggerechtshof. 'De muur is een daad van agressie, of hij nu blijft zoals hij is of dat het tracé wordt verlegd', zei hij in een reactie op het vonnis. 'Deze muur moet worden neergehaald zoals andere muren in de wereld, zoals die in Berlijn.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden