Islamitisch juk ging knellen

Achtergrond..

New Delhi De hoofdstad van Zuid-Waziristan, Wana, is omsingeld door Pakistaanse soldaten. Telefoonverbindingen zijn verbroken. Maar in de woning van huisarts Kaleemullah Mehsud gaat de telefoon nog gewoon over, net zoals in de huizen van het parlementslid Abdul Malik Wazir en de imam van de grote moskee. Alleen wordt er niet opgenomen, dus de families moeten zijn vertrokken, vermoedt Sailab Mehsud, die met zijn familie uit Wana in de Pakistaanse hoofdstad Islamabad verblijft.

Maar niet iedereen kon op tijd wegkomen, vertelt Abdul Mehsud over de telefoon, ook uit Islamabad. Hij schat dat er ruim driehonderdduizend mensen zijn achtergebleven. Er is onvoldoende transport, en de wegen zijn geblokkeerd door de militairen. Zijn ouders wisten vorige week weg te komen, maar verscheidene ooms en tantes verblijven nog steeds in hun dorpjes in de regio die nu door het leger wordt aangevallen. Hij maakt zich grote zorgen. Er zijn hardnekkige geruchten over vrouwen en kinderen die omkwamen bij luchtbombardementen en huizen die in puin liggen. ‘Mijn familie is in Gods handen.’

Of in die van de Taliban. Abdul’s familie woont bij het stadje Kotkai waar Talibanleider Hakimullah Mehsud zich zou verschansen.

Abdul en Sailab behoren net als de Talibanleider tot de Mehsud-stam, een van de twee grote stammen in Zuid-Waziristan. Niet dat er ook maar enige relatie met hem is. Integendeel. ‘We haten deze lokale warlords en hun aanhangers’, zeggen beiden.

Abdul Mehsud, die jaren geleden het ‘Mehsud-gebied’ verliet, is na enige aarzeling bereid om over de militante praktijken te praten van de Pakistaanse Taliban – jongens die volgens hem niet eens de lokale madrassa (koranschool) afmaakten, en die onder invloed staan van de Afghaanse Taliban.

Deze vluchtten in 2001, samen met de buitenlandse strijders van Al Qaida, na de val van hun regime over de grens, naar het bergachtige Waziristan. De nieuwkomers namen langzaam maar zeker de macht over, hierbij geholpen door de conservatieve mullahs uit het gebied.

De regio was altijd al aartsconservatief, maar nu werd ‘onfatsoenlijk gedrag’ met een wetboek in de hand door de Taliban afgestraft. ‘Mijn moeder moest plotseling een boerka dragen en mijn zusje mocht niet meer naar school’, vertelt Abdul. Lokale stamoudsten die zich verzetten tegen de veranderingen werden onthoofd.

De Pathanen in de tribale gebieden zagen in de Taliban aanvankelijk hun redders. De stammen zijn altijd fel onafhankelijk geweest, en hopen op een eigen, onafhankelijke natie, maar na de opdeling van het Brits-Indiase rijk, wilde het jonge Pakistan de buffer met Afghanistan niet kwijt.

Het gebied behield zijn aparte status, dat het onder de Britten al had gekregen, waardoor Pakistaanse wet er niet gold, het leger er geen toegang had, en er geen belasting werd geheven. Islamabad op zijn beurt, investeerde praktisch geen cent in Waziristan. ‘De regering probeerde ons dom te houden door nauwelijks scholen te bouwen. En politieke partijen verboden ze’, zegt Sailab Mehsud.

De schaarse scholen die er waren, zijn door de Taliban gesloten en worden nu al acht jaar gebruikt als trainingscentra voor jonge militanten, en als opslagplaatsen voor explosieven en wapens. Jongeren die zich niet vrijwillig bij de Taliban aansluiten, worden onder dwang naar een trainingskamp in de bergen gebracht. Veel jongeren zijn gevlucht om uit handen van de extremisten te blijven, zoals Abdul en Sailab Mehsud.

Afgelopen zaterdag viel het Pakistaanse leger Zuid-Waziristan binnen. Het parlementslid Abdul Malik Wazir, die ook in Islamabad verblijft, is boos op de regering omdat die de twintig volksvertegenwoordigers uit de tribale gebieden niet vooraf heeft geïnformeerd. Niet het leger, maar de Taliban waarschuwden de bevolking dat het offensief was begonnen.

Malik Wazir behoort tot de Waziri’s, de tweede belangrijke stam in Zuid-Waziristan. Hij is voorstander van een dialoog, zelfs al liepen vredesbesprekingen in het verleden op niets uit. ‘Wij hadden met de Taliban kunnen onderhandelen. Je kunt ze wel op één plek wegjagen, maar ze hebben zich over alle zeven stamgebieden verspreid. Je kunt niet overal met militaire operaties beginnen. De bevolking smeekt om vrede. Laten we hopen dat deze oorlog zo snel mogelijk voorbij is’, zegt het parlementslid.

‘En laat Pakistan als wijze les daarna zo snel mogelijk proberen het vertrouwen van de Pathanen voorgoed te winnen. Maak van de tribale gebieden een vijfde provincie van Pakistan. Laat politieke partijen toe en ontwikkel de economie in deze regio’, luidt zijn advies.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.