NIEUWS

Islamistische Palestijnse partij schrijft geschiedenis door deelname aan Israëlische regering

Aan de nieuwe Israëlische regeringscoalitie doet voor het eerst een islamistische partij mee. Partijleider Mansour Abbas heeft er veel voor over om de positie van zijn achterban, de Arabische Israëliërs, te verbeteren.

Ultranationalist Naftali Bennett (l), die een nieuwe regering zal aanvoeren, in gesprek met Mansour Abbas, voorman van de Ra’am-partij. Beeld AFP
Ultranationalist Naftali Bennett (l), die een nieuwe regering zal aanvoeren, in gesprek met Mansour Abbas, voorman van de Ra’am-partij.Beeld AFP

Het was een ongelofelijke foto: de leider van een islamistische Palestijnse partij, en de leider van een ultranationalistische Israëlische partij die besluiten samen te regeren. Daar zaten ze, met een pen in de hand, klaar om hun handtekening te zetten, en daarmee geschiedenis te schrijven.

Israël telt ongeveer twee miljoen Arabieren (20 procent van de bevolking) die een Israëlisch paspoort bezitten, kunnen stemmen, en hun eigen politieke partijen hebben. Deze zitten al decennia in de Knesset, het Israëlische parlement, maar blijven altijd in de oppositie. Samenwerken met de zionisten ligt bij de eigen achterban gevoelig, en andere Israëlische partijen dachten zelfs nooit aan samenwerking.

Je zou niet verwachten dat uitgerekend Mansour Abbas (46) dit taboe zou breken: hij is een islamist die meer gemeen heeft met de Egyptische Moslimbroederschap dan met één van de andere Israëlische partijen. Toen hij in 2019 voor het eerst een zetel won in de Knesset, maakte hij zichzelf direct berucht door te stellen dat homoseksuelen moeten worden ‘genezen’ met therapie. Zijn partij Ra’am maakte tot voor kort deel uit van de Joint List, een samenwerkingsverband van meerdere Israëlisch-Arabische partijen. Vlak voor de jongste verkiezingen stapte hij daar echter uit, en zei met iedereen samen te willen samenwerken; links, rechts, Netanyahu of geen Netanyahu, als ze maar bereid waren om de positie van zijn achterban te verbeteren.

Geen minister

Na de verkiezingen bleek dat Ra’am met vier zetels de kingmaker was geworden. Netanyahu heeft nog met Abbas om tafel gezeten, maar een ultrarechtse, racistische bondgenoot van de toenmalige premier weigerde met Arabieren in zee te gaan. Daarna waren Netanyahu’s opponenten aan de beurt om te formeren, en ook zij hadden Abbas nodig. Het ongelofelijke gebeurde: ze kwamen eruit, en ook al heeft Ra’am geen minister mogen leveren, de partij maakt wel deel uit van de regering.

Deze politieke aardschok is aan de andere kant van de grens echter nauwelijks voelbaar: de Arabische buurlanden verwachten niet dat deze nieuwe regering voor hen, of voor de Palestijnen, tot verandering leidt. De nieuwe premier, Naftali Bennett, staat net zo negatief tegenover het idee van een Palestijnse staat als Netanyahu, en heeft ooit gezegd dat hij in zijn leven ‘een heleboel terroristen heeft vermoord, en daar absoluut geen probleem in ziet’ - wat bij veel Palestijnen in het verkeerde keelgat schoot. Het ministerie van Buitenlandse Zaken van de Palestijnse Autoriteit, dat beperkt gezag heeft over de Westelijke Jordaanoever, verklaarde maandag ‘geen verschil’ met de regering van Netanyahu te verwachten. ‘Misschien wordt het zelfs erger’.

‘Terroristen’

Maar voor Israëlische Arabieren is het wel van betekenis. Netanyahu heeft hen in het verleden bestempeld als een vijfde colonne van ‘de terroristen’, en is verantwoordelijk voor een racistische wet die bepaalt dat Israël niet het thuisland van al haar ingezetenen is, maar alleen van het Joodse volk. Dergelijke provocaties hebben bijgedragen aan de woede en frustratie die vorige maand tot uiting kwam bij grote rellen in Israël.

Abbas heeft nu voor elkaar gekregen dat er aandacht komt voor de georganiseerde misdaad die zijn gemeenschap teistert, legalisering van in elk geval drie bedoeïenendorpen die nooit zijn erkend, miljoenen euro’s voor de infrastructuur in Arabische dorpen en steden, en een aanpassing van een wet waarin wordt bepaald dat Arabieren zelden met een vergunning huizen kunnen bouwen – waarna hun illegale huizen worden gesloopt.

Veel Israëliërs, zowel Arabieren als Joden, zijn sceptisch, maar volgens de journalist Merav Batito staat de handtekening van Abbas voor meer dan alleen een formele overeenkomst: het symboliseert de hoop dat Joden en Arabieren op een normale manier met elkaar kunnen samenleven, schrijft zij in de Israëlische krant Yediot Ahronot: ‘De eerste muur die door het parlement tussen deze twee groepen is gebouwd, diep in de Israëlische samenleving, is doorgebroken.’

In een eerdere versie stond dat Naftali Bennett in het verleden heeft gezegd dat hij ‘een heleboel Arabieren heeft vermoord’. Dat klopt niet: hij zei dat hij veel ‘terroristen’ heeft vermoord.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden