ISBN

'Ik verlang erg naar je, broertje Slaaf', schrijft Gerard Reve op 5 november 1975 aan Joop Schafthuizen. 'We moeten maar bij elkaar blijven....

Tussen 1789 en 1798 schreef Giacomo Girolama Casanova, chevalier De Seingalt, in het Boheemse kasteel Dux zijn Histoire de ma vie, een autobiografie die wereldberoemd werd omdat ze zo'n mooi ongekuist beeld geeft van de hogere kringen van het achttiende-eeuwse Europa. Vertaler Theo Kars is inmiddels tot en met deel 9 gevorderd: De terugkeer. Financieel gesproken gaat het de chevalier voor de wind. En ook zijn liefdesleven verloopt voorspoedig. Om zijn geluk nóg groter te maken, gaat de bon-vivant en rokkenjager naar Engeland, waar het Zwitserse hoertje, zich noemende La Charpillon, hem een verschrikkelijke teleurstelling bereidt (Athenaeum - Polak & Van Gennep; ¿ 45,-).

Herinneringen van een gnostische dwerg is een obsceen, scabreus, liederlijk, geil, pervers verhaal over het leven aan het hof van paus Leo X (Giovanni de' Medici, 1475-1521). De verteller is de arme dwerg Peppe, een kenner van de gnostische liturgie, die kamerheer van de paus wordt. Een van zijn taken is het zijn meester regelmatig een fors geschapen knul te bezorgen. David Madsen schreef deze 'memoires' in het Engels (Memoirs of a Gnostic Dwarf); ze werden door Jelle Noorman in het Nederlands vertaald (Atlas; ¿ 44,90).

'Bonjorn' schrijven ze in het Occitaans. Ze zeggen 'boundjour' en ze bedoelen 'bonjour'. In het zuiden van Frankrijk bestaat het Occitaans nog steeds. Niet alleen als spreektaal, maar ook als geschreven taal. De Occitaanse literatuur heeft een lange traditie, met als hoogtepunt in onze tijd het werk van Frédéric Mistral. Sinds zijn Mireille is geen modern Occitaans werk meer in het Nederlands vertaald. Totdat Tanneke Ubbink een reeks verhalen van Max Rouquette (in het Occitaans Roqueta) ter hand nam. Ze werden onder de titel Het nachtspook gebundeld door Coppens & Frenks (¿ 47,90). Op 17 maart wordt in Maison Descartes in Amsterdam aandacht besteed aan Roqueta.

'Waarom gooien, zodra het een beetje warm wordt, onveranderlijk de lelijkerds als eersten hun kleren uit?' Gerrit Komrij kan er niet over uit: 'Terwijl de schoonheid hier en daar nog een decente kous of een flanelletje handhaaft, is het voor de rest één grote parade van walmende oksels, grijze haarplukken, roestige dijen, moddertieten en pensen die op een verkeerd gehangen rugzak lijken. Bloedbeuling, eczeem alom.' In Pek en zwavel krijgt de lezer meer zulke fraai getoonzette woede-aanvallen te verwerken. Het is een selectie uit Komrij's columns, boekbesprekingen en andere stukken (De Arbeiderspers; ¿ 25,-).

'Hella Haasse is een beschouwer, een waarnemer van uiterlijke en innerlijke processen. Maar altijd een buitenstaander.' Zo typeert Aleid Truijens Hella Haasse in een nieuw verschenen deeltje in de reeks 'De school van de literatuur': Hella S. Haasse - Draden trekken door het labyrint (SUN; ¿ 19,90). De reeks is bedoeld om belangstellende jongeren (en wie verder maar wil) in kort bestek in te leiden in leven en werk van een auteur; eerder verschenen deeltjes over Adriaan van Dis en Tom Lanoye.

Vriendschap en de kunst van het overleven in de zeventiende en achttiende eeuw (Bert Bakker; ¿ 55,-) is een lijvige studie van de cultuurhistoricus Luuc Kooijmans naar het belang en de waarde van vriendschapsbetrekkingen in de vroegmoderne tijd. Vriendschap was nog vooral een zaak van verwanten, al was al wel sprake van een zekere mate van individualisme, stelt Kooijmans, die voor zijn studie vooral gebruik maakte van documenten van de regentenfamilies Van der Meulen en Huijdecoper.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden