Is verheffing via onderwijs geen links ideaal meer?

Visie en lef kunnen minister Plasterk niet worden ontzegd. Nadat hij twee jaar zwierig met hoed op exposities heeft geopend en prijzen uitgereikt, heeft hij halverwege zijn ambtsperiode eindelijk een aantal stevige ambities op onderwijsgebied geformuleerd....

De universitaire dossiers waarover de minister zelf gaat, zijn daarbij vergeleken futiliteiten. Ik heb het over het voorstel om het debat over de (te) vroege selectie in het Nederlandse onderwijs nu eindelijk eens op een open, niet ideologische wijze te voeren.

Terecht ook hebben de dagbladen precies dit voorstel eruit gehaald, ook al was het verstopt op de laatste pagina van de brief aan de Kamer. Een minister van Onderwijs die zich in het post-Dijsselbloem tijdperk uitspreekt voor latere selectie – dat mag met recht een revolutie worden genoemd.

Artikel 23
Een revolutie waarin een deel van de Tweede Kamer meteen al geen trek bleek te hebben.

Artikel 23
Van het CDA kun je niet anders verwachten. Latere selectie betekent immers een stelselherziening, en iedere stelselherziening draagt het risico met zich mee dat wordt getornd aan Artikel 23, dat heilige huisje van de christen-democraten dat nu al decennialang iedere ambitie op het vlak van onderwijsvernieuwing frustreert.

Artikel 23
Minder begrijpelijk was de afwijzing door de VVD. Hoewel van oudsher een partij voor de gegoede burgerij en dus een voorstander van standenonderwijs, is ze ook de partij van het liberale beginsel van kansengelijkheid.

Artikel 23
De eerste afwijzende oprisping van kamerlid Dezentjé Hamming was wellicht ingegeven door bescherming van de belangen van de gegoede middenklasse, en wordt in een latere fase mogelijk alsnog gecorrigeerd door het liberale geweten van de VVD. Minder makkelijk verteerbaar waren de afwijzende reacties van de SP en de PvdA. Van Dijk van de SP verwierp de suggestie met: ‘Terug naar de middenschool of de basisvorming is een slecht plan. Dan komen alle kinderen weer bij elkaar in één klas. De slimme leerlingen vervelen zich, de minder slimme kinderen kunnen niet meekomen.’

Artikel 23
En ook Depla van de PvdA verwees naar de middenschool als de nachtmerrie van gelijke behandeling van verschillende kinderen: ‘Het was een heel harde conclusie van de commissie-Dijsselbloem dat we niet alle leerlingen gelijk moeten behandelen.’

Bewijzen
Indertussen stapelen de bewijzen tegen vroege selectie zich op. Vroege selectie schrijft te veel kinderen te vroeg af; vroege selectie ontzegt te veel kinderen de toegang tot goed algemeen onderwijs; vroege selectie bestempelt te veel kinderen te vroeg als ‘dom’.

Bewijzen
Vroege selectie reproduceert sociaal-economische ongelijkheden; vroege selectie betekent dat te veel kinderen van school komen met snel verouderende kennis; vroege selectie suggereert dat de timmerman niet goed hoeft te kunnen schrijven en rekenen en geen kennis hoeft te maken met Multatuli en Shakespeare.

Bewijzen
Vroege selectie past misschien bij een industriële economie als de Duitse, maar zeker niet bij een diensteneconomie als de Nederlandse; en vroege selectie is vooral funest voor de stijgingskansen van nieuwkomers.

Bewijzen
OESO, Europese Unie en McKinsey hebben er de laatste jaren op gewezen dat een moderne kenniseconomie alles uit de kast moet halen om de verschillende talenten van haar beroepsbevolking te ontwikkelen. En daarvoor geldt niet alleen ‘hoe eerder, hoe beter’, maar ook ‘hoe later, hoe beter’.

Bewijzen
Onomstotelijk is komen vast te staan dat onderwijssystemen die leerlingen later selecteren beter scoren op verheffing, mobiliteit en emancipatie dan systemen die dat vroeg doen. Vandaar dat instanties als de OESO en de Europese Unie de laatste jaren steeds meer zijn gaan hameren op hervorming bij landen als Nederland en Duitsland. Die selecteren vroeg en verspillen daarmee veel talent.

Bewijzen
In Nederland stuit het pleidooi voor latere selectie steeds op de vermaledijde middenschool. Die verzuurt tot op de dag van vandaag de verhouding tussen overheid en onderwijsveld, ondanks therapeutische massage door de commissie-Dijsselbloem.

Bewijzen
Pogingen om de discussie over de vroege selectie vlot te trekken, stranden steeds weer op dit icoon van onbezonnen overheidsingrijpen. In 2007 probeerde D66 het bij monde van SER-voorzitter Rinnooy Kan, toch niet de eerste de beste. Zijn pleidooi in NRC Handelsblad werd doodgezwegen; hij kreeg geen respons.

Bewijzen
GroenLinks, al jaren voorstander van latere selectie, is politiek gezien een verwaarloosbare machtsfactor en krijgt op dit dossier daarom niets voor elkaar, Halsema’s sympathieke pleidooi voor brede ontplooiing en late selectie in haar boekje Geluk! ten spijt.

Bewijzen
Ook de pogingen van ondergetekende om via twee stukken in de Volkskrant (18 januari en 23 oktober 2008) en een eind oktober gepresenteerd pamflet van de links-liberale denktank Waterland dit onderwerp te agenderen, werden op internet weggezet als de onsmakelijke oprispingen van een wereldvreemde kamergeleerde.

Bewijzen
Op de website van Beter Onderwijs Nederland spraken leerkrachten hun bijna fysieke afkeer uit van mijn voorstel om later te selecteren. En dat terwijl het woord ‘middenschool’ niet één keer was gevallen.

Bewijzen
Een jaar onderwijsdiscussie heeft mij geleerd dat weinig dossiers zo geïdeologiseerd zijn als dat van de onderwijsselectie. Ieder pleidooi voor latere selectie is een excuus om te stoppen met denken en de boodschapper te verketteren.

Bewijzen
Steeds worden dezelfde schijnargumenten herhaald: als je domme en slimme kinderen bij elkaar zit, veroordeel je de eersten ertoe dingen te doen die ze niet aankunnen, terwijl de laatsten zich vervelen.

Bewijzen
Niemand erkent dat dom en slim geen biologische feiten zijn, maar in belangrijke mate te maken hebben met de gebruikte didactiek: achter iedere domme leerling staat een falende leerkracht. En niemand die zich afvraagt hoe het kan dat in vele ons omringende landen kinderen met verschillende capaciteiten tot in hun adolescentie (16, 17 jaar) wel gezamenlijk onderwijs genieten.

Bewijzen
In Nederland is de onderwijsdiscussie eerst en vooral een nationale discussie. Buitenlandse ‘feiten’ tellen alleen als ze passen in het straatje van de onderwijsexperts.

Bewijzen
Dat is meer dan jammer, want het gaat hier om de kansen van alle kinderen van Nederland op een zelfgekozen en zelfstandig maatschappelijk bestaan. Met de ‘harde knip’ op twaalfjarige leeftijd ontzeggen we te veel kinderen die mogelijkheid.

Bewijzen
Bovendien gaat het te vaak om kinderen uit zwakkere sociaal-economische milieus, waar nieuwkomers ook nog eens zijn oververtegenwoordigd. Juist daarom is het zo verbazend dat de steun voor de minister van socialistische zijde zo mager is.

Bewijzen
Wie voor verheffing is – en geen socialist kan dat niet zijn – is per definitie ook voor latere selectie.

Voorzichtig
Er tekent zich momenteel een voorzichtige sociaal-liberale minderheid voor latere selectie af, bestaande uit D66 en GroenLinks. Niet alle partijen hebben echter hun ideologische voorkeuren goed op een rijtje. Waarschijnlijk is Plasterks voorstel voor de conservatieve socialisten van de SP een brug te ver.

Voorzichtig
Met name de afzijdigheid van de eigen partij van de minister is opvallend. Plasterks pleidooi is immers een uitmuntende gelegenheid om nieuwkomers naast het ‘zuur’ van de harde aanpak het ‘zoet’ van de verheffing te laten proeven en de smeulende richtingenstrijd binnen de partij te beslechten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden