Column

Is ons zorgstelsel toekomstbestendig?

Dit jaar was het tien jaar geleden dat het nieuwe zorgstelsel werd ingevoerd. Zo tegen het eind van het jaar een mooi moment om het net nog eens op te halen en stil te staan bij hoe het eigenlijk met dat zorgstelsel gaat.

Beeld ANP

Twee zaken vallen dan meteen op. Allereerst dat Nederland al jaren op de eerste plaats eindigt in de Euro Health Consumer Index, een van de vele ranglijstjes waarop zorgstelsels met elkaar vergeleken worden. Op al die lijstjes is altijd wel wat aan te merken, ook op deze, maar de conclusie mag toch ten minste zijn dat het niet louter kommer en kwel is in Nederland.

Dat blijkt ook uit een andere observatie: het buitenland is nog altijd onverminderd geinteresseerd in hoe we de zorg in Nederland hebben georganiseerd. Met name de mix van publieke en private elementen wordt interessant gevonden en leidt over de hele wereld tot (pogingen tot) imitatie. Van adviseurs van president Obama hoorde ik meermaals hoe ook zij naar Nederland keken toen Obamacare werd ontworpen.

Bij alle kritiek die mogelijk is op ons zorgstelsel is het toch belangrijk deze bewonderende blikken van buitenstaanders ook in ogenschouw te nemen. We hebben veel private partijen in ons stelsel een rol gegeven die dat zonder winstbejag doen. Het basispakket is ruim, het eigen risico is laag, de acceptatieplicht is wettelijk vastgelegd.

En de solidariteit in het stelsel is groot. Gezondheidseconoom Johan Polder van het RIVM provoceert altijd graag met zijn stelling dat in ons zorgstelsel solidariteit op ten minste tien manieren is vormgegeven. Gezonden zijn solidair met zieken, jongeren zijn gezond met ouderen, hogeropgeleiden zijn solidair met lageropgeleiden, volgens Polder zijn zelfs de levenden solidair met de stervenden.

Bottom line is dat in ons stelsel een enorme inkomensoverdracht plaatsvindt van mensen die de zorg relatief minder nodig hebben naar mensen die de zorg veel nodig hebben. En dat vind ik persoonlijk een goede zaak.

Toch kun je na tien jaar zorgverzekeringswet wel degelijk ook de vinger leggen op een aantal zaken dat minder goed gaat. Erger nog, er zijn inmiddels ook een aantal kwetsbaarheden in ons stelsel zichtbaar waarvan we ons moeten afvragen of die binnen dit stelsel wel opgelost kunnen worden. Er zijn er meer, maar ik noem er drie.

Allereerst dreigen we tegen alle wetenschappelijke kennis in het belang van keuzevrijheid te overdrijven. Onderzoek heeft immers allang bewezen dat meer keuze niet noodzakelijk leidt tot betere keuzes. Maar het aantal polissen met deels onbegrijpelijke polivoorwaarden neemt alleen maar toe. Met dat doolhof is niemand gediend. Opschonen dus. Maar dat is best moeilijk in een stelsel waarin concurrentie wordt aangemoedigd.

Een ander probleem in ons stelsel is dat we tot nu toe niet de ambities weten waar te maken die ooit op het gebied van kwaliteit werden geformuleerd. Verzekeraars zouden zorg inkopen bij ziekenhuizen en daarbij rekening houden met zowel prijs als kwaliteit. Dat blijkt ten eerste heel ingewikkeld voor verzekeraars; ze vinden het moeilijk om de daarvoor benodigde expertise aan de onderhandelingstafel te brengen.

Maar wat ook niet helpt, is dat iedereen iets anders onder kwaliteit verstaat. Op zich kan ik me nog wel iets voorstellen bij ziekenhuizen en verzekeraars die concurreren op kwaliteit. Maar als ze allemaal iets anders verstaan onder kwaliteit raakt de patiënt al snel in totale verwarring en schieten we er niets mee op.

Een laatste en misschien wel heel fundamenteel probleem: een ziekenhuis moet in Nederland met gemiddeld ten minste drie of vier verzekeraars onderhandelen. Die hebben niet allemaal dezelfde visie op wat een ziekenhuis in de regio wel of niet zou moeten zijn, wel of niet zou moeten aanbieden. Dat was ook de bedoeling, die verzekeraars moeten zich immers van elkaar onderscheiden.

Het probleem ontstaat daarmee wel dat het heel moeilijk wordt in een regio goede samenwerking op touw te zetten tussen verschillende zorgaanbieders - bijvoorbeeld huisartsen, algemene ziekenhuizen en universitaire ziekenhuizen - omdat elke verzekeraar daar potentieel anders naar kijkt.

Maar als alle verzekeraars hetzelfde vinden en samenhang wel tot stand komt, kun je net zo goed met één verzekeraar werken. Als je je dan bedenkt dat menig glazenbolkijker van mening is dat juist samenwerking tussen verschillende partijen meer dan ooit de toekomst van de zorg is, dan moet helaas de conclusie zijn dat juist op dit punt ons stelsel niet toekomstbestendig is.

Wouter Bos is econoom en politicoloog.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden