Reportage

IS om de hoek of niet, apotheker Osama levert aan huis

De Libische Australiër Osama Serrar is tijdelijk terug in zijn geboorteland, als apotheker. Op zijn hachelijke rondes hoort hij de verhalen over het leven in de nabijheid van IS.

Beeld Jeroen Oerlemans

Langs het front met Islamitische Staat is het verstandig om niet te verdwalen. 'Links zit IS', wijst apotheker Osama Serrar (32) vanachter het stuur, onderweg naar patiënten aan de rand van Sirte. 'Je moet hier niet verkeerd rijden.'

Maar nu aarzelt hij toch even: neemt hij de goede afslag, of voert dit zandpad bij nader inzien richting het Libische hoofdkwartier van IS? In een wolk van stof doemt een auto zonder nummerbord op. Dat komt goed uit, vindt Osama. 'Ik ga het vragen.'

Osama, een Libische apotheker die een succesvolle carrière heeft als wetenschappelijk onderzoeker in Australië, rijdt vier tot vijf keer per week met een achterbak vol medicijnen naar Sirte, waar lokale strijdersgroepen IS steeds verder in het nauw drijven. De geneesmiddelen, betaald met een gift van het Australische Rode Kruis, worden door hem persoonlijk vervoerd omdat buitenlandse hulporganisaties zich niet in de stad wagen. 'Ik weet niet waarom dat zo is', zegt Osama. 'Misschien hebben ze een verkeerd beeld van Libië.'

Dus rijdt hij meerdere keren per week bijna 500 kilometer op en neer naar het front. Soms is hij pas 's avonds laat thuis, om de volgende ochtend alweer te vertrekken. Hij levert pijnmedicatie en geneesmiddelen tegen hartkwalen en diabetes af bij de handvol burgers die rondom de stad zijn achtergebleven. Ze zouden dat ook zelf kunnen gaan halen bij de apotheek, maar Osama ontneemt de vaak kwetsbare families deze zorg liever. De voorraden zijn per schip en vliegtuig vanuit Australië overgekomen. Daarnaast levert hij morfine-achtige medicatie en narcosemiddelen, waar aan het front een tekort aan is, aan het veldhospitaal vlak bij de belegerde stad, zodat de artsen gewonde strijders kunnen blijven opereren.

Op het eerste gezicht zou overnachten in het veldhospitaal voor hem gemakkelijker zijn , zodat hij niet steeds heen en weer hoeft te rijden. Maar dat wil Osama niet. 'Ik heb een afspraak met mijn familie. Wat er ook gebeurt: in dat veldhospitaal ga ik niet slapen.'

Zodra het veldhospitaal ter sprake komt, staart Osama voor zich uit, de ogen samengeknepen achter zijn zonnebril, over de kustweg naar Sirte, langs een moskee waar zes weken geleden nog de zwarte vlag van IS aan de minaret wapperde.

Osama Serrar is onderweg om medicijnen te leveren.Beeld Jeroen Oerlemans

Vrijheid, democratie

De weg richting het front kent drie soorten autowrakken. Autowrakken die zwart geblakerd zijn, maar waarvan de vorm nog intact is: bestuurder op een bermbom gereden. Dan de wrakken die onherkenbaar gereduceerd zijn tot een sliertige klomp staal: IS-zelfmoordauto's. Tot slot exemplaren met nog een beetje kleur op de carrosserie, slechts deels uitgebrand: de wagens van in de explosie geraakte omstanders.

Kijk eens, wijst Osama, een krater in de weg. 'Tien doden hier.'

Dit is zijn land en dat zal het altijd blijven, ook al kreeg hij al jaren geleden als getalenteerd student de kans om met een beurs een nieuw leven op te bouwen in Australië. In 2012, na de dood van dictator Moammar Kadhafi, overwoog hij terug te keren. In het Libië van na de revolutie hoorde hij woorden met een nieuwe klank: vrijheid, democratie, ontwikkeling.

'Zulke woorden kon je hier vroeger niet hardop zeggen, hooguit binnenshuis. Nu gingen mensen anders denken. Ik wilde terug verhuizen. Maar mijn vrouw ziet dat niet zitten.'

Hij is nu dus alleen tijdelijk terug in Misrata, zijn geboortestad. Voor drie maanden is hij apotheker aan de frontlijn. Eind juli keert hij terug naar Australië, naar zijn vrouw en kinderen van 2 en 4 jaar oud.

Wacht, hij wil iets laten zien. Een zwartgeblakerd gebouwtje pal aan zee. Daarvoor staan twee autowrakken, één onmiskenbaar uit de categorie IS-zelfmoordbom. Voor de verschroeide gevel blijft Osama staan. Het is de eerste keer dat hij hier terugkeert. Op de grond liggen medicijndoosjes, een medisch register. 'Dit is het oude veldhospitaal. Sinds de aanslag wordt het niet meer gebruikt.'

De nacht voordat IS vier weken geleden dit ziekenhuis opblies, was hij hier met zijn vriend Kamal, ook een apotheker. Zelf moest hij 's avonds terug naar huis, maar Kamal zou nog een klus afmaken in de buurt van Sirte. 'Ik ging zelf weg, maar heb hem ervan overtuigd om die nacht hier te blijven slapen. De volgende ochtend is het gebeurd.'

Osama bij het voormalige veldhospitaal van Sirte, waar zijn collega omkwam bij een IS-zelfmoordaanslag.Beeld Jeroen Oerlemans

Kamal al Sousi, 30 jaar oud, vader van drie kinderen, stond buiten toen de auto ontplofte en was op slag dood. 'Nu weet je waarom ik niet in een veldhospitaal wil slapen.'

Als je hem een jaar geleden had verteld dat dit zou gebeuren, had hij het niet geloofd. 'Toen dacht ik dat er geen IS in Sirte zat.' Getuigenissen uit de bezette stad werden in Libië niet geloofd: Sirte was de thuisbasis van Kadhafi en de inwoners worden sinds de revolutie gewantrouwd. 'Er zijn spanningen.'

Maar zijn patiënten, de weinigen die zijn blijven wonen in de omgeving van de stad, hebben hem inmiddels bijgepraat over het leven onder IS.

Belastingen

In Sirte, een stad waar men vijf keer per dag bidden voorheen zag als 'iets tussen jou en Allah', verscheen een aanwezigheidsregister bij de moskee. Wie niet kwam bidden, kon drie dagen gevangenisstraf krijgen. Ambtenaren die geen trouw zworen aan de partij, zijn gekruisigd op een verkeersrotonde.

Maar zo erg was het niet voor iedereen, zegt Mohammed Milad, die voor zijn lage huis in het gehucht Gharbiat hartmedicatie en pijnstillers van Osama in ontvangst neemt. Hij is nooit gevlucht, uit vrees dat IS dan zijn huis in beslag zou nemen. 'Het was ver van ons weg. Er veranderden kleine dingen. De vrouwen moesten zich bedekken. Je kon geen sigaretten meer roken.'

Beeld de Volkskrant

Hier een keer links en je al staat voor het Ouagadougou-complex, het gigantische congrescentrum waar IS zetelt, weet Osama, terwijl hij families bezoekt in de buitenwijken van Sirte. Strijders zijn doorgedrongen tot de buitenste randen van het bolwerk: als het complex is ingenomen, betekent dat het einde van IS in deze stad. 'Ik hoop zo dat ik mijn man levend terugzie', zegt Hawa al Shibani, die vanuit het centrum van Sirte naar Gharbiat is gevlucht. Haar 67-jarige echtgenoot is in augustus opgepakt door IS en wordt sindsdien naar verluidt vastgehouden in de catacomben van het complex, met honderden andere gevangenen.

Zoon Farraj benoemt een alledaagsere irritatie over IS. 'Ze inden belasting. Dat bestaat niet in Libië.'

In sommige straten maakt de apotheker haast. Hoewel in Sirte niets meer te krijgen is en zeker geen medicijnen, zitten de families hier niet op hem te wachten. 'Ik weet niet waarom.' Een keer stuit hij onverwacht op een berg zand midden over de straat. Zo'n zandhoop betekent in Libië de markering van een frontlijn. Behoedzaam keert Osama. Hij rijdt in de auto van zijn vader. Daarop wil hij geen krassen maken.

Als hij thuiskomt, is het tien uur 's avonds. Morgenochtend om vier uur wil hij alweer naar Sirte. 'Dit is natuurlijk nooit de bedoeling geweest. Het plan was dat Kamal en ik elkaar zouden afwisselen.'

Kamal Hussein, kustwachter en visser, in mei gevlucht

'Eerst kwamen de kledingvoorschriften. Vrouwenkleding mocht niet meer te zien zijn: vrouwen moesten zich helemaal bedekken, niet alleen met een hoofddoek, maar ook met een ghimaar voor het gezicht. Mijn dochter Hawa, ze is 9 jaar, vond dat prachtig: met een sluier voelde ze zich een groot meisje. In onze cultuur ben je als vrouw volwassen zodra je je bedekt. Maar mijn echtgenote was natuurlijk woedend.'

'Daarna kwamen de religieuze lessen. IS organiseerde lessen in de moskee. Daar moesten alle mannen elke dag, vijftien dagen achter elkaar naartoe, van vier tot acht. Nee, de inhoud van de lessen was niet vreemd. Het waren op zichzelf hele gewone religieuze lessen, over de teksten in de Koran. Maar wie niet aanwezig was, kon in de gevangenis komen.'

'Vervolgens kwamen de kruisigingen op een rotonde die al snel het Onthoofdingsplein werd genoemd. We werden verplicht om daarbij te kijken. Filmpjes van de kruisigingen werden door IS bij de familie van de slachtoffers bezorgd. Ik werkte bij de kustwacht voordat IS aan de macht kwam. Veel vissers in Sirte doen dat als bijbaan. IS dwong me om vergeving te vragen omdat ik ambtenaar ben geweest, anders was ik zelf ook gekruisigd.'

'De laatste maanden ging IS auto's stelen, en voedsel. In de stad is nu geen elektriciteit meer en gas. Welnee, mijn dochter mist haar sluier niet. We zijn hier veilig en het leven is weer normaal.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden