FEITEN VOOR BIJ HET SKYPENEUROPESE STEUNPAKKETTEN

Is Nederland echt de vrek van Europa?

Het overleg over steunmaatregelen leidde tot een verhit debat tussen Noord- en Zuid-Europa. Wie wijzen de cijfers aan als vrek of parasiet?

Medisch personeel op de intensive care in Bergamo, Italië.Beeld AFP

Oké, minister Wopke Hoekstra van Financiën is dus een hork. En de Italianen willen ons leegplukken. Twee weken van gebakkelei over Europese reddingsplannen zouden vooral twee uitersten hebben geschapen. De Nederlanders misgunnen Zuid-Europa elke vorm van hulp versus de Italianen en Spanjaarden willen ongegeneerd geld uitgeven. 

Ondertussen zijn alle Europese landen allang begonnen om hun eigen burgers te helpen bij het opvangen van alle economische schade. Hoe gul of vrekkig zijn de ruziemakers eigenlijk? Mochten Italiaanse of Spaanse vrienden contact opnemen, welke relevante feiten moet u dan paraat hebben?

Laten we beginnen met een geruststellende gedachte. In elk land is er wel iets van een economisch reddingsplan in werking getreden, zonder dat daarvoor eerst een Europees plan op tafel hoefde te liggen. En, ook veelbelovend, de meest getroffen landen geven per saldo iets meer geld uit. Althans die conclusie trekken onderzoekers uit de VS, Zuid-Korea en Turkije op basis van gegevens van het IMF. Zij kwamen met de Covid-19 Economic Stimulus Index (CESI), een maatstaf om stimuleringsmaatregelen van landen met elkaar te vergelijken. Zo valt op dat Algerije moet bezuinigen, vanwege de lage olieprijs, terwijl Zweden verhoudingsgewijs veel geld uitgeeft.

De onderzoekers ontdekten dat de leeftijdsopbouw van een land invloed heeft op de hoeveelheid geld die de regering beschikbaar stelt, ook als de onderzoekers rekening houden met hoe heftig het virus heeft toegeslagen. Hoe ouder de bevolking, hoe meer geld een overheid beschikbaar stelt voor coronamaatregelen.

Wie naar de individuele landen kijkt, ziet opmerkelijke verschillen. Oostenrijk heeft van alle eurolanden het omvangrijkste stimuleringspakket. Het kabinet onder leiding van premier Sebastian Kurz nam niet alleen snel maatregelen om het virus te temmen, maar besloot ook tot een omvangrijk reddingspakket van 38 miljard euro. De Oostenrijkers staken 9 procent van het bruto binnenlands product (bbp) in de economie.

Nederland en Italië ontlopen elkaar bij de CESI-score niet veel: 0,84 om 0,75. Uit een vergelijking van de Europese denktank Bruegel rijst eenzelfde beeld op. Nederland steekt tot nog toe 1 tot 3 procent van het bbp in de economie. Aan directe stimulans van de economie besteedt de overheid in Italië 1,7 procent van het bbp. Zo beschouwd lijken de Italianen best zuinig.

Op zoek naar het addertje onder deze cijfers? Veel landen hebben besloten de inning van belastingen uit te stellen. De getroffen bedrijven ontvangen dan geen geld, maar hoeven niet de rekening uit de blauwe enveloppe te betalen. Vooral de Italianen zijn gul met het uitstellen van de inning van belastingen. Een bedrag van maar liefst 13 procent van het bbp hoeven Italiaanse belastingplichtigen niet meer te betalen, aldus de analyse van Bruegel. Ter vergelijking: Nederland heeft slechts 3,2 procent van zijn onbetaalde belastingen vooruitgeschoven. 

In de CESI-score tellen deze cijfers niet mee. Voor de achterdochtigen is dit een veeg teken: goede kans dat van uitstel afstel komt en de Italianen toch Hoekstra’s geld nodig zullen hebben.

Ook opmerkelijk: de Duitse overheid is coulant met uitstel van belastingen, blijkt uit cijfers van Bruegel. Sterker nog, de Duitsers schuiven nog meer rekeningen vooruit dan de Italianen. Snappen we iets beter waarom Hoekstra in de eurozone al die tijd de steun van de oosterburen mist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden