Is laks klimaatbeleid een schending van mensenrechten? Het Europees Hof is aan zet
De potentiële gevolgen van klimaatverandering zijn bekend, aan overheden de taak om in te grijpen. Maar wanneer een overheid dit onvoldoende doet, komt dat dan neer op een schending van mensenrechten? Over die vraag buigt het Europees Hof voor de Rechten van de Mens zich vanaf vandaag.
Klimaatactivisme lijkt soms vooral iets voor jongeren. Zij zijn immers degenen die het langst te maken krijgen met de negatieve gevolgen van klimaatverandering. Een groep van tweeduizend Zwitserse senioren denkt daar anders over: klimaatverandering heeft nu al toegeslagen, met grote impact op hun leven. Daarom proberen deze ouderen de Zwitserse overheid via de rechter al jarenlang aan te zetten tot een strenger klimaatbeleid. Tevergeefs.
En dus zoeken ze het hogerop. Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (EHRM) boog zich vandaag in Straatsburg over hun zaak. Dat is een unicum. Niet eerder behandelde dit hof een klimaatzaak tegen een overheid.
De uitspraak kan grote gevolgen hebben, niet alleen voor Zwitserland, maar voor alle 46 lidstaten van de Raad van Europa. In die zin is de zaak op Europees niveau vergelijkbaar met die van Urgenda, waarbij de Hoge Raad de Nederlandse staat verplichtte zijn uitstoot te verminderen.
Over de auteur
Joram Bolle is algemeen verslaggever van de Volkskrant.
Centraal staat de vraag of een overheid de mensenrechten van zijn burgers schendt door de uitstoot van broeikasgassen onvoldoende terug te dringen. Diezelfde vraag ligt voor bij twee andere zaken die het EHRM behandelt: een zaak van een Franse Europarlementariër – eveneens vandaag aan de orde – en de zaak van een groep Portugese jongeren. Die laatste zaak zal op een ander moment door het hof worden behandeld.
Hitte
De Zwitserse zaak wordt dus gevoerd door ouderen, of beter gezegd: door oudere vrouwen. Volgens deze Klimaseniorinnen, zoals de vereniging zich noemt, schendt hun overheid meerdere artikelen van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.
De belangrijkste zijn artikel 2 en artikel 8. Artikel 2 beschermt het algemene recht op leven, terwijl artikel 8 het recht op een privé- en familieleven garandeert. Concreet betekent het dat een overheid ‘redelijke en passende maatregelen’ moet nemen om individuen te beschermen, bijvoorbeeld tegen milieuschade. Ook in de Nederlandse Urgenda-zaak werd naar deze artikelen verwezen.
De Klimaseniorinnen voeren aan dat met name zij risico lopen door de gevolgen van klimaatverandering. Oudere vrouwen kunnen minder goed tegen hitte, bijvoorbeeld omdat ze hun lichaamstemperatuur slechter kunnen reguleren. Tijdens hittegolven is er regelmatig sprake van oversterfte onder ouderen. Door klimaatverandering neemt extreem weer toe en komen er meer hittegolven.
Mentale gevolgen
Bovendien ondervinden de vrouwen mentale gevolgen, zeggen ze. Een van de senioren spreekt van een ‘klimaatlockdown’. Vanwege haar gezondheid kon ze afgelopen zomer tijdens een driedubbele hittegolf niet naar buiten, schrijft Marie-Eve Volkoff in een brief die zij onder meer verstuurde naar persbureau Reuters: ‘Ik moest m’n activiteiten enorm verminderen, wachten tot de hittegolven overgingen, met de zonwering naar beneden en de airconditioning aan (schande voor een ecoloog!), voordat m’n normale leven weer door kon gaan.’ Het duurde elf weken.
De vrouwen eisen dat Zwitserland strengere maatregelen neemt. Als de hele wereld het Zwitserse tempo zou aanhouden, bedraagt de opwarming van de aarde in het jaar 2100 niet 1,5 graad maar 3 graden, zeggen ze. De Klimaseniorinnen dringen aan op generieke maatregelen. Ze hopen dat de rechter de Zwitserse overheid concrete doelen en een concreet tijdschema oplegt.
De Zwitserse overheid acht de klagers niet-ontvankelijk en betwijfelt of de vrouwen wel gezien kunnen worden als directe slachtoffers van klimaatverandering – het EHRM schrijft voor dat een partij altijd een persoonlijk en direct slachtoffer moet zijn van schending van een mensenrecht.
Bovendien zegt de Zwitserse overheid specifieke maatregelen te nemen om de gevolgen van hittegolven tegen te gaan en de uitstoot stapsgewijs naar nul terug te brengen in 2050. Het EHRM moet niet op de stoel van de Zwitserse politiek gaan zitten, betoogt ze.
Zeespiegelstijging
De tweede zaak die vandaag diende is die van de Franse Europarlementariër Damien Carême. Hij is voormalig burgemeester van Grand-Synthe, een voorstadje van het Franse Duinkerke aan de grens met België. Carême beroept zich op dezelfde artikelen als de Klimaseniorinnen.
Wat zijn zaak anders maakt dan die van de oudere vrouwen, is dat hij in eigen land gedeeltelijk al gewonnen heeft. De Franse Raad van State gaf hem gelijk dat zijn gemeente, die aan zee ligt, een groot risico loopt als gevolg van klimaatverandering. De Raad beval de Franse regering de uitstoot sneller terug te dringen.
Maar Carêmes persoonlijke claim wees ze af. De oud-burgemeester staat op het standpunt dat zijn recht op een onverstoord privé- en gezinsleven verstoord wordt, omdat de zeespiegelstijging ertoe kan leiden dat zijn huis overstroomt. Het EHRM moet nu bepalen of het die klacht terecht vindt.
Voor de derde zaak, die van de groep Portugese jongeren, is nog geen zittingsdatum vastgesteld. De jongeren dagen niet alleen hun eigen Portugese overheid, maar die van alle EU-lidstaten plus nog enkele andere Europese landen zoals Noorwegen, Rusland en het Verenigd Koninkrijk. Door laks klimaatbeleid komt hun gezondheid in het geding, voeren ook zij aan.
Bosbranden
Vier van de zes betrokken jongeren zeggen negatieve gevolgen te ondervinden van de bosbranden die Portugal sinds 2017 teisteren. Die branden zijn volgens hen een direct gevolg van klimaatverandering. Ze zeggen door de branden niet goed te kunnen slapen. Hun mentale gezondheid is volgens hen in het geding omdat ze veel binnen moeten blijven. Of ze hebben ademhalingsproblemen door het inademen van rook.
De twee andere betrokken jongeren wonen in Lissabon, en daar zeggen ze het risico te lopen op de gevolgen van extreme stormen, omdat de Portugese hoofdstad aan zee ligt.
Meestal wordt een zaak bij het EHRM behandeld door een kamer van zeven rechters. Maar de drie genoemde zaken zijn doorverwezen naar de Grote Kamer, bestaande uit zeventien rechters, onder wie de president en vicepresidenten van het hof en een rechter uit het land dat voor het hof is gesleept.
Doorverwijzing naar de Grote Kamer gebeurt in uitzonderlijke gevallen. Een van de redenen kan zijn dat er serieuze twijfels bestaan over hoe het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens op een bepaald punt geïnterpreteerd moet worden.
Principiële uitspraak
Dat maakt ook dat een arrest van het hof naar aanleiding van deze drie zaken gevolgen kan hebben die verder strekken dan een individuele zaak: het gaat om een principiële uitspraak van het EHRM over de vraag of laks klimaatbeleid als mensenrechtenschending gezien kan worden.
Mogelijk kunnen landen op grond daarvan tot actie worden gedwongen. Zo’n uitspraak van het hof zou ook handvatten kunnen bieden voor partijen in toekomstige rechtszaken over het thema klimaatverandering – de Nederlandse rechter moet bijvoorbeeld wetgeving toetsen aan het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens.
Doorgaans duurt het wel drie jaar voordat het EHRM uitspraak doet in een zaak, maar nu wordt vanwege de urgentie al binnen een jaar een uitspraak verwacht. Voor sommige van de Zwitserse senioren zal dat mogelijk toch nog te laat zijn, maar zegt Marie Eve-Volkoff: ‘Ik heb tenminste gedaan wat ik kon.’
Lees ook
Geselecteerd door de redactie