Is kaalheid echt een keuze?

De kale jaren

Vroeger was kaal worden een gegeven. Nu is het een keuze, wordt gezegd. Ook de haargrens van wetenschapsjournalist Jop de Vrieze (31) is aan een gestage aftocht bezig. Dus wat gaat hij doen?

Beeld Aisha Zeijpveld

Een verzameling felrode comateuze kikkervisjes. Daar lijken ze nog het meest op, de met een appelboortje uit het achterhoofd van oud-voetballer Andy van der Meijde geoogste haarzakjes. Met een doek veegt een in blauw operatiepak uitgedoste vrouw het bloed af dat uit de weggesneden plekjes sijpelt. Die deponeert haar collega met een pincet een voor een in een petrischaaltje.

Een dekentje bedekt zijn rug, hij steunt met zijn gezicht omlaag in een kussen met een gat erin. 'Hoe voelt het?' Vraag ik. 'Het valt mee', antwoordt hij, zijn stem gedempt door het kussen. 'Je voelt er bijna niks van.' Ik volg nog een opgeboord haarzakje van achterhoofd naar petrischaaltje, en slik. Dit is dus hoe een haartransplantatie werkt.
Een kaalgeslagen kop zoals Andy heb ik niet, maar foto's van een paar jaar geleden tonen aan dat mijn haargrens aan een gestage aftocht bezig is.

Ik ben mijn inhammen van lieverlee gaan koesteren, maar sinds ik de afgelopen maanden steeds meer haren op mijn kussen en in het doucheputje aantref, ben ik me toch wel zorgen gaan maken. Ik word kaal, net zoals mijn opa, mijn ooms en mijn vader, al valt het bij die laatste dankzij de strategische comb over nog mee. Na de constatering komt het besef van de onherroepelijkheid en voor die overgaat in berusting, wil ik uitzoeken wat ik kan doen.

Aanleg

Haaruitval is een van de meest voorkomende en tegelijk meest gevreesde uiterlijke verschijnselen die een man kan overkomen. Naast zeldzame vormen van acute haaruitval is er de 'gewone' kaalheid, alopecia androgenica, oftewel door hormonen veroorzaakte haaruitval. 90 procent van de westerse mannen heeft er genetisch aanleg voor, 80 procent krijgt er uiteindelijk mee te maken.

De mate waarin de betrokken genen actief worden, bepaalt wanneer de haaruitval toeslaat en hoe snel die verloopt. 20 procent van de blanke mannen wordt rond zijn 20ste kaal, 30 procent rond zijn 30ste, en zo gaat het door tot 70 procent bij z'n 70ste. Onder mensen van Arabische afkomst is dit percentage vergelijkbaar, onder de rest van de mannelijke wereldbevolking ligt het tussen de 10 en 30 procent.

Tot niet zo lang geleden werd haaruitval gezien als een gegeven. Niks aan te doen, behalve een pruik of een hoofddeksel om de boel te verbloemen. Maar anno 2014 lijkt de realiteit anders. We worden bestookt met reclames van shampoos en lotions. Er zijn de haartransplantaties van Andy van der Meijde en Gerard Joling en op fora wordt volop gediscussieerd over haargroeimiddelen. Haaruitval kan op zijn minst geremd, mogelijk zelfs een halt toegeroepen en zelfs teruggedraaid worden, is de boodschap. De vraag is hoe reëel deze beloften zijn en tegen welke prijs de opties hun effect bereiken.

Maar waarom ben ik eigenlijk bang om kaal te worden? Haar is toch maar een heel klein stukje huidoppervlak, wat nauwelijks nog een functie heeft? Het beschermt je hoofdhuid tegen de zon, maar dat kan ook op een andere manier. Toch geven we meer geld aan ons haar dan aan onze huid. 'Je haar is gezichtsbepalend. Kaalheid wordt gezien als minder mooi en dat je er niet voor kiest geeft een gevoel van machteloosheid', zegt psychologe Hellen Hornsveld van de Universiteit Utrecht, wier zoon een acute vorm van haaruitval kreeg.

'We leven langer en willen er langer jong uit blijven zien', zegt Berend van der Lei, hoog-leraar esthetische chirurgie aan het UMC Groningen. 'Vooral bij jonge mannen leidt haarverlies tot een forse aantasting van het zelfvertrouwen.'

Beeld Aisha Zeijpveld

Pech

Zo'n jongeman was Edwin van Wooning (28). Nog geen 20 was hij toen zijn haar in rap tempo begon uit te vallen. 'Als een malle' zocht hij op internet naar betrouwbare informatie over zijn kwaal. Hij richtte de Haarstichting op, die weliswaar wordt gesponsord door allerlei klinieken en producenten van haargroeimiddelen, maar op zijn website zegt hij onafhankelijke informatie over haaruitval en de remedies ertegen te communiceren.

In een kantoortje bij Hairplus Medical Care in Barendrecht, een paar deuren naast de ruimte waar Andy van der Meijde wordt behandeld, legt Van Wooning uit wat er bij haaruitval precies gebeurt. In je lichaam circuleert het geslachtshormoon testosteron. Dit kan in je haarzakjes door een enzym worden omgezet in dihydrotestosteron. Dit hormoon stimuleert de groei van borst- en baardhaar, maar belemmert de normale groeicyclus van haren bovenop je hoofd.

In plaats van dat ze langzaam uitgroeien tot de maximale dikte en lengte na drie tot zes jaar uitvallen, blijven ze heel klein en dun, en vallen al na een paar maanden uit. Uiteindelijk kan het hele haarzakje afsterven. Factoren zoals stress en slechte voeding kunnen haaruitval versnellen, maar grotendeels is het gewoon pech. Het is trouwens een fabeltje dat mannen die kaal zijn meer testosteron hebben - er zijn mannen met weinig testosteron die kaal worden en testosteronbommen met een weelderige bos haar.

Van Wooning heeft zo ongeveer alles geprobeerd wat mogelijk is om zijn haaruitval te camoufleren of te stoppen. Met succes: hij heeft een normale haarlijn en in elk geval op het eerste gezicht geen dun haar. Daar heeft hij wel drie haartransplantaties voor nodig gehad, want voor hij begon met zijn behandelingen had hij al heel wat verloren. Van Wooning verwacht binnen een paar jaar zijn vierde transplantatie te ondergaan. Hij wijst naar mijn voorhoofd. 'Jij zou ook een ideale kandidaat zijn voor een transplantatie. Diepe inhammen, verder een goeie bos.'

Transplantatie

De haartransplantatietechniek heeft de laatste jaren een evolutie doorgemaakt. Werd eerst nog een strook haar weggehaald van de achterkant om op de kale plekken aan te brengen waardoor een stevig litteken achterbleef, tegenwoordig worden van heel het achterhoofd duizend tot tweeduizend haarzakjes met gemiddeld twee haartjes geoogst. Het resultaat is na een paar maanden zichtbaar, de littekens zijn miniem.

Een transplantatie kost al snel 3.000 euro en heeft z'n beperkingen: de dichtheid van je 'donorgebied' neemt af, dus je kunt maximaal een paar keer een transplantatie doen. Eén Nederlandse kliniek, het Hair Science Institute in Maastricht, zegt met een minuscule naald stamcellen uit de haarzakjes te oogsten en daardoor hetzelfde donorgebied meerdere keren te kunnen gebruiken, al is niet iedereen in het vakgebied daarvan overtuigd. De ingreep kost zo'n 7.000 euro voor een gemiddelde transplantatie en ook deze transplantatie stopt de haaruitval elders op het hoofd niet.

's Avonds thuis doe ik mijn vriendin verslag van mijn expeditie. 'Ik vind het een maffig idee', zegt ze. 'Als jij een transplantatie doet, doe ik botox hoor.' Ze wijst naar de rimpels op haar voorhoofd, die me daarvoor nog niet waren opgevallen. Haar opmerking voelt als een dreigement. 'Weet je, ik was helemaal niet bezig met jouw haaruitval', zegt ze. 'Nu zie ik het ineens. Niet dat ik het lelijk vind. Ik vind je inhammetjes wel schattig eigenlijk.' Ik bekijk ze in de spiegel. Inderdaad. Ik hoef geen transplantatie.

Middeltjes

Maar als ik de haren wil behouden die ik nog heb? In drogisterijen en apotheken vind ik shampoos en lotions. De meeste bevatten stoffen zoals cafeïne en vitamines en mineralen die de haarwortel zouden verstevigen. Een ervan is Alpecin, zelfbenoemd 'doping voor het haar'. De cafeïne in het middel stimuleert de haargroei in kweekbakjes; klinische studies laten een minieme daling van het aantal uitgevallen haren zien.

Een week lang gebruik ik een shampoo en lotion van Alpecin. Beide geven een verkoelend gevoel op mijn hoofdhuid. Menthol, concludeer ik. Na een paar dagen lijkt mijn haar wat voller. Maar dat kan natuurlijk niet in zo'n korte tijd. Internetforums staan vol met vergelijkbare gebruikerservaringen. 'Het lijkt te helpen!' Zelfbedrog, optisch effect, gebrek aan bewijs.

'Jammer dat veel consumenten tijd verspillen door allerlei middeltjes te gebruiken waarvan het effect niet is aangetoond', zegt Ids Boersma, dermatoloog en tricholoog (tricho: haar) in de Intermedica Kliniek in Boxmeer en het Albert Schweitzer ziekenhuis in Zwijndrecht. 'Want ondertussen neemt hun haar verder af. Terwijl er middelen zijn die wél helpen.'

Boersma duidt op minoxidil, oorspronkelijk een bloeddrukverlager die de haarwortels weerbaarder maakt en nu als lotion verkrijgbaar is, en finasteride, een middel tegen een vergrote prostaat, dat de omzetting van testosteron in dihydrotestosteron blokkeert. Boersma begon zich, toen hij in de jaren zeventig zelf kalend werd, in haargroeimiddelen te verdiepen en haalde finasteride naar Nederland.

Hij begon het voor te schrijven, nam deel aan wetenschappelijke studies en begon het zelf te slikken. Ook van minoxidil is de werkzaamheid aangetoond in dubbelblinde, gerandomiseerde studies, maar Boersma is meer fan van finasteride. 'Minoxidil vertraagt de haaruitval, van bijvoorbeeld tien naar twaalf jaar tot kaalheid. Daar schiet je weinig mee op.'

Haren tellen

Boersma schrijft tegenwoordig een variant op finasteride voor die niet een, maar twee omzettingsstappen van testosteron naar dihydrotestosteron blokkeert: dutasteride. Dat doet hij off label, omdat de fabrikant het niet heeft laten registreren voor deze indicatie, hoewel experts het als superieur zien. In zijn praktijk merkte Boersma dat de werkzaamheid van finasteride bij veel mannen na een jaar of vijf afneemt, die van dutasteride niet. 'Je behoudt je haar, tot aan je dood.' Hij wijst naar zijn eigen hoofd, waarop een degelijk kapseltje rust. 'Kaal worden is geen noodlot. Het is een keuze.'

Om te weten hoe het ervoor staat met je haar, voert Boersma een trichoscan uit, een telling van het aantal gezonde en dun geworden haren. Normaal gesproken doet hij dat een jaar na aanvang van de behandeling weer. Zijn collega maakt foto's op vier plekken: voor, in het midden, op mijn kruin en achter. Tien minuten later laat Boersma de resultaten zien. Dikke en dunne haartjes kruisen elkaar.

'Ik schat dat je nog ongeveer 70 procent van je haren over hebt. Kijk, deze voorste rand is al een stuk dunner. Die gaat waarschijnlijk in de komende jaren naar achteren schuiven. Dat maakt je zo tien jaar ouder.' Boersma adviseert bij 20 procent dunne haar-tjes te beginnen met de dutasteride-behandeling. 'Bij jou is het voorop 40 procent, achterop 0,' zegt hij. 'Een ideaal startmoment.'

Medicijnen

Ik kan het doen. Vanaf vandaag de achteruitgang een halt toe roepen - mits de behandeling aanslaat, een kans van ruim 90 procent. Toch twijfel ik. Minoxidil breng je tweemaal daags aan, finasteride en dutasteride slik je dagelijks in capsulevorm - levenslang. Minoxidil kost zo'n 80 euro per flacon voor twee maanden. Finasteride en dutasteride kosten zo'n 1 euro per dag. In principe moet je ze zelf betalen. 'Finasteride wordt als prostaatmedicijn vergoed,' zegt Boersma. 'Maar ik schreef op een gegeven moment meer prostaatmedicijnen voor dan alle urologen van Nederland, dus dat viel wel op.'

Levenslang een hormoonverstorend middel slikken is niet zomaar wat. Het verlaagt je hoeveelheid prostaatvocht, dus sperma, al blijft het aantal spermacellen gelijk. Maar er is nog iets: tijdens de studies kreeg ongeveer 2 procent van de finasteridegebruikers last van libidoproblemen en erectiestoornissen, tegenover 1 procent in de placebogroep.

Er zijn zelfs berichten over mannen die hun libido na het afbreken van de behandeling niet terugkregen - dat zou om ongeveer 0,1 procent gaan, een heel kleine groep. Maar wil ik dat risico nemen? Boersma denkt er het zijne van: 'Heel veel mannen van rond de 40 jaar krijgen libidoproblemen. Het kan toeval zijn dat de haargroeimiddelgebruikers meer klachten rapporteerden dan de placebogebruikers. En in de praktijk is het natuurlijk makkelijker om je erectiestoornis toe te wijzen aan je haargroeimiddel dan aan je slechte huwelijk.'

Helemaal overtuigd ben ik niet. Voor mijn gevoel heb ik twee opties: de rest van mijn leven medicijnen slikken of veelbelovende cosmetica met een onbewezen werkzaamheid. Op termijn kan ik alsnog een transplantatie overwegen. Of is er een middenweg?

Alternatief

Op het bureau voor me staat een rijtje dozen. Ik ben in Hoofddorp, in het Nederlandse kantoor van Vichy, dochterbedrijf van L'Oréal. Twee vertegenwoordigers van het bedrijf lichten me de producten toe, die niet in de drogisterij maar in de apotheek te koop zijn, zonder recept. De prijs is niet mild: tientallen euro's per maand.

Het populairste bevat aminexil, een afgeleide van minoxidil. Dat zegt niet dat het precies hetzelfde doet, maar doet wel vermoeden dat het in elk geval geen onzinmiddeltje is. Omdat Vichy producten maakt waarvoor geen medicijnregistratie nodig is, ontbreken onafhankelijke, langdurige studies. Daarmee is niet gezegd dat ze niet werken, maar hard bewijs is er ook niet.

Het nieuwste product van Vichy bevat stemoxydine, dat in slaap gesukkelde stamcellen zou wakkerschudden, wat binnen een paar maanden 1.700 nieuwe haren oplevert. De vraag is of deze haren ook echt nieuw én blijvend zijn en of een herhaalde behandeling ook weer stamcellen ontwaakt - bovendien is 1.700 weinig op een totaal van 70 duizend.

Maar wat ik nu precies wil weten, vraag ik Juliette Kops, communicatie-adviseur van Vichy, 'is of jullie producten kunnen voorkomen dat ik over tien jaar kaal ben?' Even blijft het stil. 'Consumenten kopen onze producten vanwege een acuut probleem en zijn daarbij niet bezig met over tien jaar.'

Andere opties:

Laserkam: Kost eenmalig circa 300 euro, kan je haarwortels versterken. Vier keer per week 25 minuten gebruiken. Verwacht geen wonderen: de werkzaamheid is niet aangetoond.

Stoppels tatoeëren: Kan je haar minder doorzichtig doen lijken of een kaalgeschoren hoofd een mooiere haarlijn geven. Stoppels kunnen door zonlicht paars worden.

Poedervezels: Cacao-achtig poeder gemaakt van bijvoorbeeld schapenhaar, om je haar voller te doen lijken. Wordt veel gebruikt in de tv-wereld.

Micro-injecties: Bevatten vitamines en mineralen. Zou de conditie van de haarwortel verbeteren. Niet bewezen.

Kale ik

Ik zou het kunnen proberen. Maar er knaagt nog iets: op een feestje betrapte ik mezelf erop dat ik constant kapsels inspecteerde. Volle bos. Dunnig. Ver heen. Bij elke spiegel wierp ik een blik op mijn eigen coupe. Wil ik daar heel mijn leven mee bezig zijn? Het is zaak haaruitval te accepteren, zegt psychologe Hornsveld. 'Anders kom je niet aan verwerking toe, aan wat je waard bent zonder dat haar.'

Het is als een rouwproces, waarvoor Hornsveld regelmatig 'ernstige gevallen' behandelt. 'Je moet je zelfbeeld opnieuw opbouwen. We leren mensen met een ander perspectief te kijken. Keuren ze mensen die afwijken door een scheve neus of grote oren ook af?'

Inderdaad. Wie ben ik zonder mijn haar? Eén ding kan me helpen bij het beantwoorden van die vraag: ter illustratie van dit artikel laat ik mijn lokken afscheren. 'Je kan het hebben', zegt de fotograaf. 'Ik vind je mooi!', antwoordt mijn vriendin in reactie op de foto. Volgens plastisch chirurg Van der Lei zijn er twee soorten vrouwen.

Vrouwen die nooit op een kale man vallen en vrouwen die verder kijken. De mijne is er zo een. Toch denk ik met weemoed terug aan mijn krullen, en aan een opmerking van Andy van der Meijde: 'Ik wil kunnen kiezen hoe ik mijn haar draag. Kort, lang, opgeschoren of een Elviskuif.' Het mantra van Boersma dreunt door mijn hoofd. Kaalheid is een keuze. Ik slaap er nog een paar nachtjes over.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.