Is het verwerken van de dood makkelijker voor gelovigen?

Hayat voert voor het eerst gesprekken over de dood met een atheïst en vraagt zich af: is het verwerken van de dood voor gelovigen niet veel makkelijker?

Beeld Eva Roefs

Mijn buurvrouw heeft vorig jaar haar man verloren. Nog elke dag worstelt ze met het gemis van haar maatje, met wie ze zo veel mooie jaren deelde. En hoezeer iedereen haar ook troost en gezelschap biedt, zonder hem is ze eenzaam. Het hoeft van haar niet meer. Als ik haar probeer op te beuren, weet ik niet de juiste woorden te vinden. Mijn buurvrouw is behalve verdrietig, namelijk ook erg kwaad. Een emotie die ik niet ken van de manier waarop er binnen mijn familie wordt omgegaan met verlies. Maar mijn familie is gelovig en mijn buurvrouw pertinent niet. Ze gelooft helemaal nergens in. En áls er al een god bestaat, zegt ze, is ze ontzettend kwaad op hem omdat hij haar man heeft afgepakt.

Kwaad zijn op God, ik zou er in het Arabisch niet eens de woorden voor weten. Voor mij is dit de eerste keer dat ik met een atheïst gesprekken voer over de dood. En ik begin me af te vragen of het verwerken van verlies niet makkelijker is voor gelovigen. Als er bij ons iemand overlijdt, is het eerste wat we zeggen: 'We behoren toe aan God en tot hem keren we terug.' Dat klinkt voor mijn buurvrouw als complete onzin. Maar mij biedt het troost wanneer ik denk aan overleden dierbaren; zij zijn nooit van mij geweest, dus ik kan niet over hen spreken als verloren bezit. Het zijn voorbijgaande reizigers die nu een station verder zijn. En hoewel ik hoop dat mijn trein nog wat vertraging heeft, haak ik ooit ook graag weer bij ze aan. Het is een vage gedachte die het verdriet niet minder maakt, maar wel helpt bij de acceptatie.

Ik moet denken aan mijn oma die vorig jaar is overleden. Een vrouw die veel pijn met zich meedroeg, maar altijd 'Alhamdoelillah' (dank aan God) bleef zeggen. Ze moest drie kinderen begraven; twee verloor ze onlangs, waarbij ze het moeilijk vond dat zijzelf als oude oma verder moest, terwijl haar kinderen hun gezinnen achterlieten. Het derde kind had ze al verloren in een ver verleden, toen ze als jonge vrouw leefde op het Marokkaanse platteland. Weinig mensen weten überhaupt van het bestaan van het jongetje dat ze direct na de geboorte had moeten begraven. Ze vertelde me er eens over, toen we in huis de schaduw opzochten tegen de hete middagzon en iedereen siësta deed. Wij konden niet slapen en kletsten wat; ik had haar gevraagd naar het leven vroeger. Toen vertelde ze over de keer dat ze tijdens het vermalen van graan weeën kreeg. Er was niemand in de buurt en een telefoon hadden ze in die tijd niet. In haar eentje beviel ze van een jongetje dat geen adem kon halen. M'n oma vertelde hoe ze hem lang vasthield en een naam gaf, om vervolgens buiten een kuil te graven waarin ze hem begroef. Ik was verbijsterd, vroeg hoe ze dat allemaal in haar eentje had kunnen opbrengen. Ze antwoordde dat ze niet alleen was geweest omdat God haar kracht had gegeven. Het verlies van haar baby had ze vreselijk gevonden, maar hij was kennelijk niet voor dit leven bestemd geweest.

Alhamdoelillah; het is een woord dat je in elk gesprek tussen Marokkanen een keer of twintig hoort. En dat is geen overdrijving. Het maakt niet uit waar het gesprek over gaat en hoe goed of juist slecht iemand het maakt, het wordt altijd gezegd. Mijn moeder kan droogjes een opsomming geven van de lekke fietsband die ze kreeg in de stromende regen terwijl ze nu juist zo'n rugpijn had en terugkwam van het boodschappen doen zonder portemonnee. Alhamdoelillah, zegt ze dan, heb ik de boodschappen niet kunnen afrekenen, want anders had dat gewicht ook nog op mijn fiets gezeten. Het maakt het leven draaglijker wanneer alle tegenspoed niet te veel wordt bevraagd. Het lot is onvermijdelijk en treft ons allen. Dus waarom zou je je druk maken om iets wat niet in jouw handen ligt?

Lotsbestemming is iets wat ik mis in onze samenleving. We kunnen tegenwoordig zó veel en we lijken alles te weten. Dat is knap. Maar we blijven mensen die als kleine mieren over de aarde kruipen in een reusachtig groot en mysterieus universum. Zijn we niet te veel gaan geloven in de maakbaarheid van het leven, dat hoe dan ook succesvol móét zijn? Zijn we het leven niet te veel gaan opeisen? Ik denk dat berusting in het lot veel van onze pijn zou kunnen verzachten. Daarmee wil ik overigens niet zeggen dat we alles direct uit onze handen moeten laten vallen, het moet wel een beetje in balans blijven. Zelfs die ongeorganiseerde Arabieren hebben daarvoor een spreekwoord: 'Vertrouw op Allah, maar bind wel je kameel vast.'

Columniste Hayat schrijft onder pseudoniem in verband met haar juridische werk. hayat@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden