'Is het stuwmeer al onze offers waard?'

De armste streek van Portugal, Alentejo, moet worden gered door een stuwmeer. Irrigatie, elektriciteit, toerisme. Na vijftig jaar zal een droom werkelijkheid worden, dankzij de bijdrage van de EU....

Alles wat rest van het oude dorp Luz is een heuveltop. Die steekt uit boven het wateroppervlak van het Alqueva-stuwmeer, in het oosten van Portugal. Vanuit het nieuwe Luz, gebouwd op een hoger gelegen plek, is het merkteken goed te zien. De inwoners zijn verhuisd. De doden zijn opgegraven en naar het nieuwe kerkhof overgebracht. Aan Abel Domingues Rodrigues, oud-burgemeester en eigenaar van de kroeg Laterna, knaagt de vraag: 'Is het stuwmeer al onze offers waard?'

Het meer is volgelopen: 83 kilometer lang, 250 vierkante kilometer oppervlak, het grootste kunstmatige meer van Europa volgens de trotse Portugese overheid. Een droom uit de tijd van de dictator Salazar, de jaren vijftig, is eindelijk werkelijkheid geworden. Een kunstmatig meer moet de Alentejo, de armste en droogste regio van Portugal, welvaart brengen. Keer op keer werd het plan in de lade geschoven wegens gebrek aan geld. Maar in mei dit jaar werd de waterkrachtcentrale in gebruik genomen. Dank aan de Europese Unie, die de helft van de kosten draagt.

De milieubeweging heeft van alles geprobeerd om de dam tegen te houden en de natuur in de vallei van de rivier de Guadiana te redden, tevergeefs. Zelfs voorstellen om dan maar eerst met een kleiner stuwmeer te beginnen, haalden het niet.

De schaal is nodig om het enorme project rendabel te maken, zegt Carlos Silva, de voorlichter van de ontwikkelingsmaatschappij, EDIA. Hij staat op de dammuur, 96 meter hoog en 458 meter breed, met aan de ene kant het verse meer en aan de andere de kleine rivier met een dal zoals het er hier voorheen overal uitzag. De elektriciteitscentrale aan de voet van de damwand heeft de druk van al het water, zegt hij. De eerste stroom is geleverd, maar voorlopig gaat het om kleine hoeveelheden, een paar uur per dag. Het is stil in de enorme hal van de centrale. Het doorgelaten water uit het meer spuit ongebruikt met een reusachtige straal in de geamputeerde Guadiana.

Klaar is het megaproject nog lang niet, al is het stuwmeer dan vol, haast Silva zich te verklaren. Er zijn nog vijf kleinere dammen in aanbouw en een kanaal van 25 kilometer, die alle essentieel zijn voor het wijdvertakte irrigatiesysteem dat toch het hoofddoel is van de hele onderneming. Uiteindelijk moet 110 duizend hectare landbouwgrond door het Alquevaproject worden bevloeid. Dat land ligt ver van het meer.

Tot nu is 1,87 miljard euro uitgegeven, zegt Silva, maar het totale project staat voor 2,7 miljard begroot, tot 2025.

Behoud van de natuur vergt ook veel geld. Veel onderzoeken zijn er gedaan naar de flora en fauna van het gebied, om de schade door het stuwmeer te beperken. De exemplaren van een zeldzaam plantje zijn stuk voor stuk uitgegraven en overgeplant naar veilig gebied. En dan waren er de archeologische schatten. Restanten van een Romeinse vestiging werdengeheel waterdicht ingepakt voor ze in het wassende water verdwenen. 'Zodat het voor eventueel later onderzoek beschikbaar blijft.'

Op het menselijk vlak viel het eigenlijk allemaal wel mee, vertelt Silva. Vierhonderd mensen moesten verhuizen, bijna allen uit Luz. Op de landerijen woonden vrijwel geen mensen. De grondeigenaren, meest kleine boeren, kregen andere grond in ruil, die de staat had aangekocht van twee grootgrondbezitters. Alleen is er nog gekissebis over de prijs. 'We zijn naar de rechter gestapt, want de verkopers vragen veel te veel.'

De omwonenden zullen weldra merken dat het leven beter wordt, voorspelt de voorlichter. De toeristen zullen niet lang op zich laten wachten. Een heerlijk meer, een prachtige streek. De hotels zullen kleinschalig zijn, de natuurvrienden hoeven echt niet te vrezen voor horizonvervuiling. Silva verstrekt chique brochures over de ongekende mogelijkheden voor het toerisme.

'Ja, allemachtig, nu hebben ze het alleen nog maar over het toerisme!', roept Josaulo Martins uit. Hij is de natuur-Don Quichot van de regio, aanvoerder van de milieugroep Quercus (eikenblad). 'Terwijl het toch voor 95 procent om de irrigatie gaat; die elektriciteit, die drinkwaterwinning, dat is allemaal bijzaak. Toerisme? De natuur in de Guadiana-vallei wprachtig met een grote biodiversiteit; om mensen te trekken was zeker geen waterplas nodig!'

Een jaar of tien heeft hij vol overgave geprobeerd het tij te keren. Op voorlichtings-en discussiebijeenkomsten heeft hij eindeloos betoogd dat de overheid een waanidee najaagt. Met zijn medestanders van Quercus heeft hij gedemonstreerd en kort gedingen gevoerd om de opgeklopte verwachtingen te bestrijden. Dammen bouwen om ontwikkeling in een streek te brengen is een achterhaald concept, meent hij. Het zijn prestigeobjecten voor regeringen. Het maakte niet uit of de socalisten of de conservatieven aan de macht waren: 'elke partij dacht met de dam kiezers te trekken'. Martins voelde zich op sommige openbare bijeenkomsten met zijn scherpe kritiek als een landverrader behandeld.

'Alqueva is een mythe. Iedereen gelooft dat de bomen opeens zullen groeien, dat het land vochtig wordt, dat het vaker gaat regenen. Dat er voor iedereen werk komt, terwijl de dam vooral door arbeidersuit Oost-Europa en Afrika is gebouwd.' ('We hadden hier 23 nationaliteiten tijdens de bouw', had Silva trots gezegd.) Als de arme inwoners van de regio er werkelijk zo op vooruit zouden gaan, zou de milieubeweging zich niet verzetten, zegt Martins in het kantoor van Quercus in de oude stad Beja. 'Maar het water voor de bevloeiing wordt heel duur. Veel kleine boeren kunnen zich dat niet veroorloven. De agro-business zal het hier overnemen. Nu wordt al veel land opgekocht door bedrijven uit het buitenland, vooral uit Spanje.'

Martins gelooft er niets van dat er uiteindelijk 110 duizend hectare bevloeid zullen worden. 'Uit een geheime studie blijkt dat maar de helft van die grond geschikt is voor irrigatie.'

Er zijn technische problemen. 'Tussen het meer en een deel van de akkers ligt een berg. Daar moet een tunnel doorheen worden geboord. Maar ze durven het niet goed aan.' Het water moet uit het meer worden gepompt en gezuiverd, misschien wel de belangrijkste kostenpost. De Guadiana is al sterk vervuild als hij uit Spanje Portugal binnenkomt, zegt Martins, met industrieel afval en vooral resten kunstmest en bestrijdingsmiddelen van de Spaanse boeren. 'Als we niet uitkijken wordt het meer een grote soep.'

Had zijn voorstel om eerst met een kleiner meer te beginnen veel verschil gemaakt? Martins denkt van wel. Het had de kap van heel veel oude kurkeiken kunnen voorkomen. Er waren veel meer doorwaadbare plaatsen overgebleven voor dieren, die nu het meer niet kunnen oversteken. Het had veel zeldzame vogels (adelaars, zwarte ooievaars) verjaagd omdat hun biotoop is verwoest, kunnen behouden voor de streek. 'We hadden eerst kunnen kijken wat er werkelijk gebeurt bij zo'n drastische ingreep in de natuur.'

De natuurvrienden hebben de grote slag verloren, erkent Martins, maar de arts die zijn beroep vaarwel zei voor het natuurbehoud, is er de man niet naar om te somberen. De acties en de lobby bij de EU hebben EDIA wel gedwongen tot al die nuttige studies en milieumaatregelen. En bij de aanleg van alle irrigatiekanalen, en kleinere stuwmeren valt er nog veel actie te voeren. En warempel, de aanhang voor Quercus groeit. 'Tot voor kort waren de meeste mensen hier doof voor onze argumenten, maar nu het meer er is en de beloften niet worden nagekomen, gaan ze zich bedenken.'

Zoals een groepje bouwvakkers dat na een werkdag in de hitte uitpuft in cafestaurant Laterna in het nieuwe Luz. Josarias heeft dan tijdelijk werk bij de bouw van het nieuwe dorp, maar verder valt de werkgelegenheid erg tegen, zegt hij. Lang niet genoeg om de jongeren die de streek hebben verlaten terug te lokken. De jongeren zoeken hun geluk in Zwitserland, Farias werkte er zelf ook meer dan tien jaar. En de boeren klagen dat het water te duur wordt. Ze zijn ook ongerust over hun nieuwe land, want de vroegere landheren erkennen hun rechten niet zolang de rechtszaak van EDIA over de prijs loopt.

Farias heeft zijn vader vorig jaar herbegraven bij de verhuizing van het kerkhof. Het was een emotioneel moment, maar het werd een mooie, zorgvuldige ceremonie, zegt hij. Maar wonen in het nieuwe Luz wil hij voor geen goud. Zijn broer woont er, en die voelt zich niet prettig. Farias had het oude Luz al lang voor de totale afbraak verlaten. 'Kijk, wij wisten al heel lang dat het eens zou gebeuren, mijn grootvader had het er veertig jaar geleden al over.' Het nieuwe Luz, zegt hij, 'heeft geen sfeer'.

De architect heeft zijn best gedaan het aanzien van het oude dorp, typisch voor de Alentejo, te handhaven en tegelijkertijd de huizen van de gemakken van de moderne tijd te voorzien. De straten zijn breder, al hebben ze de oude straatnamen. Van een oude kerk is een kopie, met oude materialen, neergezet. Een bejaard echtpaar had zeven huisjes in het oude dorp en kreeg er , veel groter huis voor terug, met twbadkamers. Dat maakt het verhuren van twee slaapkamers aan toekomstige toeristen gemakkelijk. Ach, het went nu ze er een jaartje wonen, zegt de vrouw 's avonds,als de inwoners van het desolate Luz naar buiten komen om te zitten kletsen.

Oud-burgemeester Rodrigues heeft zich ook bij de gebeurtenissen neergelegd. Woedend was hij geweest, maar zijn verzet had tot niets geleid. Hij heeft een nieuw cafekregen, maar blij is hij er niet mee. De stuc valt al van een muur. 'Veel huizen zijn afgeraffeld omdat het water eraan kwam.' Zijn uitspanning ligt ook meer aan de rand van het dorp dan vroeger. Maar ook hij mist de sfeer.

Luz is een dorpje in afwachting van verandering. Van de komst van toeristen. Het dorp is een trots van moderne woningbouw, met een leuk schoolgebouw, een pleintje met een artistieke fontein en design-lantaarns. Er is een klein museum ingericht, waarvoor kosten noch moeite zijn gespaard; gebouwd van fraaie natuursteen, verscholen in een heuvel naast het nieuw kerkhof en met uitzicht over het meer. De prachtige catalogus met de geschiedenis van de verdwenen vallei ligt klaar voor de bezoekers die er nog niet zijn.

Een toeristenoord, dat is niet iets waarin Rodrigues de toekomst ziet voor zichzelf en zijn zoon, die helpt in de zaak. 'Ik denk niet dat ik hier blijf.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden