Is het nu onveiliger voor homo's op straat? De feiten op een rij

Meer meldingen, maar veel slachtoffers doen geen aangifte

Ondanks de toenemende hoeveelheid meldingen doen verreweg de meeste slachtoffers van anti-homogeweld nog altijd geen aangifte. Conclusies trekken over de (on)veiligheid van homo's in Nederland wordt daardoor ingewikkeld.

Radiopresentatoren Coen en Sander (hun gezicht is hier niet te zien) houden een solidariteitsactie voor de mishandelde mannen in Arnhem. Foto anp

Hand in hand lopen ze eigenlijk nooit, Jasper Vernes-Sewratan en zijn partner Ronnie. Maar na een avond stappen waant het homopaar (31 en 35 jaar oud) zich zaterdagnacht alleen op de Arnhemse Nelson Mandelabrug. Ze worden opgemerkt door een groep jongeren en uitgescholden. Een handgemeen volgt, waarbij Ronnie naar eigen zeggen wordt geslagen met een betonschaar en vijf tanden verliest. De volgende dag doet het stel aangifte.

Twee verdachten van 14 en 20 jaar oud worden diezelfde nacht opgepakt, vier minderjarige jongens melden zich zondag bij de politie. Het is niet het enige incident tegen homoseksuelen van het weekend, bleek maandag. In Eindhoven is een man van 18 jaar aangehouden omdat hij ervan wordt verdacht ook een man te hebben mishandeld vanwege zijn geaardheid. Hij schold zijn slachtoffer vrijdagavond uit voor 'vieze vuile homo' en sloeg hem meermalen in zijn gezicht.

Belangenvereniging COC Nederland maakt zich zorgen over het geweld tegen lhbti'ers (lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuelen, transgenders en intersekse personen). De organisatie stuurt in reactie op de incidenten een brief aan formateur Edith Schippers om aandacht voor het geweld te vragen bij de kabinetsformatie. Om steun te betuigen liepen Alexander Pechtold (D66) en zijn partijgenoot Wouter Koolmees maandagochtend hand in hand naar het formatieoverleg. Andere politici volgden.

Verdachte van aanval doet zelf aangifte

Een van de jongeren die is gearresteerd op verdenking van betrokkenheid bij de mishandeling zondagochtend van een homostel in Arnhem, gaat zelf aangifte doen tegen het tweetal. Dat maakte zijn advocaat Gerald Roethof maandagavond in het tv-programma Pauw bekend. Volgens Roethof is zijn cliënt zelf aangevallen door het stel. Een van de slachtoffers zou met een betonschaar zijn geslagen waarbij hij enkele tanden verloor. De cliënt van Roethof ontkent dat. Hij zou alleen met zijn vuist hebben geslagen.

Toegenomen aangiftebereidheid

Na eerdere incidenten in onder meer Amsterdam en Coevorden staat geweld tegen lhbti'ers in de schijnwerpers. Het roept de vraag op of het voor deze groep onveiliger is geworden.

Het aantal meldingen en aangiften van discriminatie en geweld tegen homo's is de afgelopen jaren in elk geval toegenomen: van 428 in 2009 naar 1.574 in 2015. Dat wil niet meteen zeggen dat het voor hen op straat onveiliger is geworden. Roze in Blauw Amsterdam, het aanspreekpunt voor lhbti'ers van de Amsterdamse politie, ziet de toenemende aangiftebereidheid als de belangrijkste oorzaak van de groei. 'Voor 2007 kregen we enkele tientallen meldingen binnen. Dat waren er in 2014 al meer dan 500', zegt woordvoerder Marja Lust. 'In de tussentijd is het echt niet veel gevaarlijker geworden.'

Pechtold en Koolmees, hand in hand. Foto Freek van den Bergh / de Volkskrant

Constant veiligheidsgevoel

Ondanks de toenemende hoeveelheid registraties doen verreweg de meeste slachtoffers nog altijd geen aangifte, aldus Lust, die van een 'dark number' spreekt. Conclusies trekken over de (on)veiligheid van homo's wordt daardoor ingewikkeld, zegt ook universitair docent Allard Feddes van de Universiteit van Amsterdam. Hij publiceerde in oktober 2016 een onderzoek naar de aangiftebereidheid onder bijna 700 lhbti'ers. 'Daaruit blijkt dat maximaal 10 procent van alle slachtoffers van hate crime-aangifte doet.'

Een netwerk als Roze in Blauw staat hoog aangeschreven, zegt Feddes, en zou goed een van de oorzaken van de toenemende aangiftebereidheid kunnen zijn. Een stijging van het aantal meldingen betekent dus niet dat de situatie voor homo's is verslechterd. Feddes: 'Andere onderzoeken van ons laten zien dat het veiligheidsgevoel onder lhbti'ers constant is. Daaruit zou je kunnen concluderen dat het niet veiliger, maar ook niet onveiliger wordt in Nederland.'

Respectloos

Dat hun situatie niet slechter wordt, wil niet zeggen dat lhbti'ers het gemakkelijk hebben. Een vijfde van alle door Feddes ondervraagde lhbti'ers zegt hate crime te hebben meegemaakt in de twaalf maanden vóór het onderzoek. En het Centraal Bureau voor de Statistiek becijferde over 2016 dat homo's en lesbiennes zeggen vaker respectloos te zijn behandeld (32 procent) dan heteromannen en -vrouwen (21,5 procent). Tussen 2012 en 2016 is dit beeld nauwelijks veranderd.

Slachtoffer Jasper Vernes-Sewratan schrijft op Facebook dat de aanvallers 'Marokkanen tussen de 14 en 18 jaar' waren. Uit een onderzoek van de politie in 2013 blijkt dat Marokkaanse Nederlanders vaker dan gemiddeld worden verdacht van geweld tegen lhbti'ers. In 16,6 procent van alle incidenten heeft de verdachte de Marokkaanse nationaliteit, fors hoger dan hun aandeel in de Nederlandse bevolkingscijfers (zo'n 2,2 procent). Maar het reikt te ver om te concluderen dat Marokkaanse Nederlanders het vaker gemunt hebben op lhbti'ers, waarschuwt onderzoeker Feddes. 'Daarvoor doen te weinig mensen aangifte van homogeweld en weten we dus te weinig van de daders. Met zulke uitspraken moet je heel voorzichtig zijn.'