Is Fifo bij ontslag beter dan Lifo?

Bij reorganisaties - en daar zijn er gezien de grote afbraak van de werkgelegenheid nogal wat van - geldt het adagium: last in, first out (Lifo). De werknemers die het laatst in dienst zijn gekomen, gaan er het eerst uit.


Om te voorkomen dat op grond van anciënniteit het werknemersbestand vergrijst, is er een systeem per leeftijds- categorie (cohort): de laatst in dienst gekomen werknemers tot 25, tussen 25 en 35, 35 tot 45 enzovoort mogen inrukken.


De meest ervaren krachten per cohort - de stoeltjesplakkers - kunnen zich veilig wanen als de directie aankondigt dat er wegens kostenbesparingen personeelsleden boventallig worden verklaard.


Dat zou met een beetje goede wil sociaal kunnen worden genoemd. De stoeltjesplakkers zijn meestal ouder en minder flexibel. Zij kunnen minder gemakkelijk een nieuwe baan vinden. De vakbonden vechten ook het liefst voor de werknemers met de oudste rechten. Vaak zijn dat hun leden. Ook de werkgevers hebben er belang bij: het ontslaan van mensen die heel lang in dienst zijn, is aanzienlijk duurder.


Het Lifo-systeem komt de sociale partners beter uit, maar is in wezen niet socialer. Mensen die twee jaar werkloos zijn geweest en na het schrijven van honderden brieven en het voeren van tientallen gesprekken even de euforie van een nieuw dienstverband hebben mogen ervaren, wacht het eerst de teruggang naar de ledigheid.


Een economisch bezwaar is dat het Lifo-systeem de arbeidsmobiliteit ondermijnt. Het veranderen van baan is in deze tijd riskant. Wie bijvoorbeeld de afgelopen vier jaar de tamelijke ondankbare klus van professioneel wethouder heeft gedaan, zal niet alleen moeilijk aan de bak komen, hij of zij zal ook het eerst op straat staan als de nieuwe werkgever saneert. Het vereist heldenmoed om van werkgever te veranderen als er net een huis is gekocht, gezinsuitbreiding is geweest en de wintersport lonkt.


Een alternatief is moeilijk. Fifo (first in, first out) dwingt mensen mobiel en flexibel te worden. Stoeltjesplakken wordt ontmoedigd. Dat is goed voor de carrièremakers, het onderwijs en misschien ook de huizenmarkt. Voor de werkgevers zijn er voordelen en nadelen. Er kunnen gemakkelijker jongeren in dienst worden genomen en dure ouderen worden ontslagen, maar het risico is dat ervaren, goede krachten weglopen. Socialer is het niet. Mensen zullen tot hun pensioen opgejaagd worden en in onzekerheid verkeren.


Werkgevers kunnen ook mensen opnieuw op hun functie laten solliciteren. Boventalligheid wordt bepaald door willekeur of 'de blauwe ogen' zoals dat heet. Goede systemen bestaan niet. Het meest rechtvaardige zou zijn als elke vrijdagmiddag bij de SER in Den Haag een hoge hoed wordt neergezet waaruit voorzitter Wiebe Draijer de lootjes trekt van de mensen die bij de verschillende bedrijven worden ontslagen.


Dat zou heel erg D66 kunnen zijn.


REAGEREN? P.DEWAARD@VOLKSKRANT.NL

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.