Reportage Verdrinkingsdoden

Is er sprake van een zorgwekkende ontwikkeling omtrent verdrinkingsdoden? CBS-cijfers vertellen een geruststellend verhaal

Er waren dit weekend meerdere verdrinkingsdoden te betreuren. Is er sprake van een zorgwekkende ontwikkeling? Op het Wassenaarse strand doet niets herinneren aan de tragische gebeurtenis.

Wassenaarseslag in Wassenaar. Beeld Freek van den Bergh

Twee rood-witte vlaggen met circa 100 meter ertussen markeren het bewaakte gedeelte van het strand van Wassenaar. Rondom de vlaggen, licht wapperend in een zomerbries, ligt vakantievierend Nederland voor pampus. Witte lijven, rode lijven, bruine lijven. (Te laat) ingesmeerd met factor 50, glimmend in de zon, op klapstoel, badkleed, onder strandtentje of languit in het zand. Wat doet het ertoe, het water is vlakbij.

De dinsdagmiddag is amper begonnen, de parkeerterreinen achter de duinen zijn vol, een file vormt zich. Zondag aan het begin van de avond verdronken hier twee Poolse mannen, 31 en 23 jaar oud. Kijk naar links langs de kust en zie het reuzenrad van Scheveningen. Wie langs het strand loopt komt uit bij de haven en daarna het Zuiderstrand, hemelsbreed 10 kilometer van Wassenaar. Ook daar verdronk zondagavond een man, een Duitser van veertig jaar.

Wrang toeval: het Centraal Bureau voor de Statistiek publiceerde maandag de nieuwste statistieken over verdrinkingsdoden. De publicatie stond al gepland, maar de samenloop maakte de dood van de Haagse zwemmers tot illustratie van een ogenschijnlijk zorgwekkende ontwikkeling. Vorig jaar 112 verdrinkingen, 27 meer dan het jaar ervoor, sinds 2002 voor het eerst weer meer dan honderd.

De reactie van de jonge strandwachten op het Wassenaarse strand bevestigt dat hier sinds zondag meer journalisten zijn geweest. Ze verwijzen door naar de woordvoerder en vervolgen hun wandeling langs de waterlijn. Verder doet niets herinneren aan de tragische gebeurtenis van amper twee dagen geleden. Of zit het nieuws toch in de hoofden en gaan badderaars daarom amper verder dan een meter of 20 de zee in?

Zandbank

‘Zwemmen geen probleem’, zegt een man met een indrukwekkende buik. Hij spreekt Russisch, Armeens en gebrekkig Nederlands. Met zijn zoontje gaat hij gewoon het water in. ‘Gaat goed, prima.’ Vier vrienden hebben het nieuws gehoord. ‘Heftig’, zeggen ze. Toch gaan ze zwemmen. ‘Net nog geweest.’ Kinderen graven grachten rond kastelen. Er klinkt Nederlands, Duits, her en der Italiaans en Engels.

Zo was het ook zondag aan het eind van de middag. De reddingsbrigade was aan het opruimen, het toezicht duurt van tien tot zes. Op een zonnige zomeravond gaat het publiek niet naar huis als de strandwachten ermee ophouden. Op een meter of honderd uit de kust bevindt zich een zandbank. Met laag water loop je er zo naar toe. Rond halfzeven kwam het tij op. Vermoedelijk kwamen de mannen in de problemen toen ze vanaf de zandbank probeerden terug te keren en het water flink bleek gestegen. Toen ontbrak de zwemvaardigheid om heelhuids terug te komen.

Zo moet het ongeveer zijn gegaan, zegt Kees Brinkman, woordvoerder van de Koninklijke Nederlandse Reddingsmaatschappij (KNRM). De KNRM verzorgt het toezicht op de Waddenstranden en heeft bij uitzondering een samenwerking met de Wassenaarse reddingsbrigade. Bij de overige stranden en zwemwateren houden lokale reddingsbrigades de wacht, verenigingen die zijn aangesloten bij Reddingsbrigade Nederland.

Het kalme water bij de Wassenaarseslag kan verraderlijk gevaarlijk zijn, zegt Brinkman. Nietsvermoedende zwemmers kunnen terechtkomen in een mui, een geul in de zandbank waar water doorheen stroomt richting zee. Rondom de zandbank kunnen grote diepteverschillen ontstaan: steile kuilen of ‘zwinnen’ zijn zomaar anderhalf tot twee meter diep - terwijl een stap terug het water nog maar tot de knieën kwam.

De strandwachten zijn alert op ‘baders’, zegt Brinkman, badgasten die wel het water ingaan maar niet zwemmen. Als die worden gegrepen door een golf kan de paniek snel toeslaan. De meer ervaren zwemmers verdienen aandacht wanneer ze ver uit de kust gaan. De vier strandwachten van de KNRM plus de vrijwilligers van de lokale vereniging doen wat ze kunnen. ‘Maar je kan nooit het hele strand bewaken, dat is hier 7 kilometer lang.’

Strandwachten tussen de dagjesmensen bij de Wassenaarseslag in Wassenaar. Beeld Freek van den Bergh

Geruststellend verhaal

Sander van der Kroft (43) is al twintig jaar eigenaar van strandpaviljoen Sport, links naast de strandopgang. Zoiets heeft hij nog nooit meegemaakt. ‘Twintig boten in het water, drie helikopters in de lucht. Groot respect voor hoe snel de reddingsbrigade en de KNRM reageerden.’ Al heeft hij het maar deels kunnen meekrijgen. Hij stond op dat moment in de keuken, het was ‘rammend druk’ op het terras.

Van der Kroft heeft het publiek zien veranderen. Vroeger waren het Nederlanders en plukjes Duitsers, ze kwamen in de ochtend en gingen eind van de middag naar huis. Nu komen ze uit alle windstreken en wanneer de middaggasten vertrekken strijken de avondgasten neer. Er zijn er zat die niet goed kunnen zwemmen, weet hij. Toch leidt het zelden tot problemen. ‘De laatste verdrinking was dertig jaar geleden.’

Ook de CBS-cijfers vertellen in zekere zin een geruststellend verhaal. 2018 is vooralsnog een uitzondering, geen trend. Het hogere sterftecijfer is wellicht te wijten aan een lange warme zomer. Al ruim dertig jaar schommelt het aantal verdrinkingen in Nederland rond de honderd. Nog een constante: vier van de vijf is man. Tussen 1950 en 1990 is het aantal drenkelingen gedaald van 516 naar 83. Uit de cijfers blijkt niet dat de zwemlessen achteruit gaan. Een halve eeuw geleden verdronken jaarlijks nog honderden kinderen, nu tien.

Onder de doden bevinden zich relatief veel buitenlanders en mensen met een immigratieachtergrond. ‘Vroeger zei men: als mensen verdrinken zijn het Duitsers’, zegt Brinkman van de KNRM. Nu zijn het ook Polen, in de afgelopen vier jaar twintig. Soms verdrinken vluchtelingen die in Nederland voor het eerst van hun leven gaan zwemmen. Er zijn steeds meer mensen uit culturen waar zwemles niet tot de opvoeding behoort, weet Brinkman. De vereniging Reddingsbrigade Nederland publiceert brochures in meerdere talen.

De beste voorlichting komt nog altijd van mama. ‘Niet dieper dan je middel’, blijft het devies. Papa denkt daar soms anders over. Een jongen en een meisje verkennen de branding in een opblaasboot. Vader geeft de Explorer Pro 200 een duw richting open zee, zoon peddelt snel terug richting de kust.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden