Column

Is de kans op geluk in een aantrekkelijke stad groter dan elders?

Column Bert Wagendorp

Beeld Stephan Vanfleteren

In de Volkskrant van vrijdag stonden vijf foto's van de grote Vlaamse fotograaf Stephan Vanfleteren, afkomstig uit zijn nieuwe boek Charleroi - Il est clair que le gris est noir. Vanfleteren is verliefd op de stad in Wallonië, als er geen praktische bezwaren in de weg stonden, zou hij er gaan wonen. Charleroi is ooit uitgeroepen tot lelijkste stad van de wereld, Vanfleterens boek is een poging dat beeld te nuanceren - of in elk geval te laten zien dat er schoonheid en vriendelijkheid kan schuilen in verval en treurigheid.

'Uit enkele fabrieksschoorstenen walmt het nog, bij miezerregen slaat er damp uit de flanken van de Waalse vulkanen', schreef Rob Gollin in het mooie begeleidende stuk: toevallig weet ik dat ook hij houdt van Charleroi.

Deze week verscheen de Atlas voor gemeenten 2015. Daarin zijn de vijftig grootste Nederlandse gemeenten onderzocht op woonaantrekkelijkheid. Niet door de inwoners ervan te vragen naar hun mening over de aantrekkelijkheid van hun woonplaats, met alle subjectiviteit van dien, maar via een 'objectieve econometrische analyse', gebaseerd op het feitelijk woongedrag van 'economisch kansrijke huishoudens'. Waarom kiezen die voor stad A en voelen ze niks voor stad B?

In de 'woonaantrekkelijkheidsindex' zijn factoren als de bereikbaarheid van banen, het culturele aanbod, de veiligheid, het percentage koopwoningen en de nabijheid van natuurgebieden verwerkt. Ook met het culinaire aanbod en de aanwezigheid van monumenten kan een stad punten scoren. Wat ook helpt, is het aantal bomen van 80 jaar of ouder: daarmee wist Roosendaal de 34ste plek te veroveren.

Amsterdam is weer de aantrekkelijkste woonplaats van het land. Utrecht staat tweede, Amstelveen derde. Den Bosch steeg naar plek vier, Den Haag staat op vijf en Haarlemmermeer op zes. Dat vind ik al een tamelijk verdachte rangschikking. Twee steden waarvan ik uit eigen ervaring weet dat het er bijzonder aangenaam toeven is, Groningen en Alkmaar, staan respectievelijk op 23 en 32. Nog vreemder is het dat Maastricht, de mooiste stad van Nederland met de hoogste culinaire kwaliteit, nog lager staat, op 37. Rotterdam, waar ik heel wat economisch kansrijken ken die voor geen goud zouden willen verhuizen, is achttiende. Emmen staat weer stijf onderaan, nog ruim achter Sittard-Geleen - dat er daar nog mensen wonen, 107 duizend in Emmen en 93 duizend in Sittart-Geleen, mag een wonder heten.

Econometristen doen dappere pogingen subjectiviteit te objectiveren en zo de werkelijkheid te benaderen. Als er weer Olympische Spelen aan zitten te komen, voorspellen ze op basis van objectieve gegevens alvast de medailleverdeling - pogingen die steevast stuklopen op de weerbarstige realiteit en de onvoorspelbaarheid der dingen.

Je mist in dit soort objectieve metingen júíst de subjectiviteit. Wat betekent woonaantrekkelijkheid precies voor het individu? Dat is vermoedelijk moeilijker te objectiveren dan de econometrist denkt. Is de kans op geluk in een aantrekkelijke stad groter dan elders? Onderzoeker Gerard Marlet zegt van niet: Emmenaren zijn niet per se ongelukkiger dan Amsterdammers, hoe onaantrekkelijk hun stad ook is.

Charleroi zou op de Nederlandse ranglijst ver achter Emmen als laatste eindigen. En toch zijn er ook daar mensen die er nooit weg zouden willen en die zich geen aantrekkelijker woonplaats kunnen voorstellen - omdat ze er vrienden hebben, het mooiste lief ter wereld of omdat ze er zijn geboren, getogen en diep geworteld. Maar die krachtige argumenten zijn zelfs voor econometristen niet in cijfers te vangen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.