Achtergrond Michael P.

Is de harde aanhouding van Michael P. juridisch in orde?

Michael P.’s aanhouding ging niet volgens het boekje. Hij werd bedreigd, liep letsel op en werd niet op zijn rechten gewezen. Hoe zit dat juridisch?

Een rechtbanktekening van het proces tegen Michael P. (derde van links). Foto ANP

Michael P. is tijdens zijn aanhouding vorig jaar door een arrestatieteam van de politie bedreigd en vermoedelijk fysiek toegetakeld. Dat onderkende het Openbaar Ministerie dinsdag tijdens de strafzaak tegen P. Dat de regels zijn overtreden, brengt het OM in een netelige positie: strafvermindering voor P. dreigt.

Op 9 oktober 2017 werd P. aangehouden als verdachte in de zaak rond Anne Faber. Op dat moment was er nog geen spoor van de 25-jarige Utrechtse. De druk om haar te vinden was zo groot dat het OM besloot P. te overrompelen, zodat hij zou gaan praten. Het OM gaf daarom ‘bijzondere toestemming’ om hem bij zijn aanhouding niet te wijzen op zijn recht om te zwijgen alvorens hem te ondervragen. Dat is tegen de wet.

Volgens het OM was dit echter nodig omdat het ‘een zaak was van leven of dood’. P. was op dat moment de enige die de autoriteiten naar Anne Faber kon leiden. De hoop bestond nog dat zij levend kon worden teruggevonden. ‘Er was sprake van een uitzonderlijke situatie en zeer grote tijdsdruk’, aldus het OM.

Het arrestatieteam dat P. moest overrompelen kreeg volgens het OM de nadrukkelijke opdracht P. ‘stevig’ beet te pakken, maar hem niet te mishandelen en ook niet te bedreigen. Het liep anders. P. werd hardhandig op de grond van de arrestatiebus gelegd en met zijn handen op zijn rug geboeid. Vervolgens lieten twee leden van het arrestatieteam een gemuilkorfde hond rond zijn gezicht lopen. Daarbij werd gedreigd het beest op hem los te laten als hij niet zou vertellen waar Anne was. Een ander lid van het arrestatieteam verdraaide P.’s armen meermaals door aan de handboeien te trekken.

Aangifte

De rijksrecherche heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar de aanhouding nadat P. begin dit jaar aangifte had gedaan. Daarin sprak hij ook over andere ernstige mishandelingen. Zo zou hij meermaals door het busje zijn gesmeten en zou aan zijn geslachtsdeel zijn getrokken. Voor die beschuldigingen is onvoldoende bewijs.

Wel bleek bij aankomst in het cellencomplex dat P. letsel had aan polsen, knieën en zijn schouder. In november is hij geopereerd aan een schouderbreuk, hoogstwaarschijnlijk opgelopen in het busje.

De gedragingen van het arrestatieteam lijken in strijd met artikel 3 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM). Daarin staat dat dat marteling of onmenselijke, vernederende handelingen verboden zijn.

Politiewetenschapper Jaap Timmer noemt het een kwalijke, bizarre gang van zaken. ‘Het OM mag niet bevelen een verdachte te bevragen zonder hem op zijn rechten te wijzen. En een arrestatieteam mag niet dreigen met geweld, laat staan het gebruiken tegen een verdachte die al onder controle is. Het is onprofessioneel. Het is moreel niet te verantwoorden. En je kunt het altijd tegen je krijgen. Een strafzaak kan hierop stukgaan.’

Averechts

Zover zal het nu vermoedelijk niet komen. Michael P. luisterde niet naar de leden van het arrestatieteam en hield zijn lippen stijf op elkaar. Hij bekende niet en vertelde ook niet waar het lichaam van Anne Faber gevonden kon worden. Timmer: ‘Als hij toen wel had bekend, had hij dat nu in zijn voordeel kunnen gebruiken.’

De kans op strafvermindering is reëel, zegt Timmer. ‘Het zou mij niet verbazen als de rechtbank straks zegt: normaal gesproken hadden we hiervoor een celstraf van X jaar gegeven. Maar vanwege het vormverzuim van het OM geven we X min Y.’

Vorige week heeft het Openbaar Ministerie Noord-Holland besloten de leden van het arrestatieteam niet strafrechtelijk te vervolgen. Volgens het OM volgden de leden van het team een bevel op en mochten ze ervan uitgaan dat hun werkwijze viel binnen de reikwijdte van hun opdracht. Daarbij zou de strafrechtelijke grens ‘niet disproportioneel zijn overschreden’.

Op die motivering valt het nodige af te dingen. Het feit dat het OM de instructie aan het arrestatieteam niet schriftelijk vastlegde, is volgens deskundigen een indicatie dat men zich ervan bewust was dat een grens werd overschreden. Timmer: ‘Als officier van justitie zou je jezelf erg kwetsbaar maken door dergelijke instructies op papier te zetten.’

Het is goed mogelijk dat de actie voor de leden van het arrestatieteam nog gevolgen gaat krijgen, zegt Timmer. ‘P. kan via een artikel-12-procedure proberen vervolging af te dwingen. Dan staan die leden van het arrestatieteam eventueel voor de rechter en moet ik het nog zien.’

Meer over

Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.