Column

Is de euro-enquête verspild geld?

De kwestie

 

Een parlementaire enquête met alle toeters en bellen kost de samenleving tussen de twee en vijf miljoen euro. Dat is een schijntje van de 24 miljard die Nederland aan Griekenland heeft uitgeleend. Maar het blijft niettemin veel geld voor wat niet meer zal opleveren dan een stukje geschiedschrijving van iets onomkeerbaars.

Een groep eurofobe intellectuelen, zoals Thierry Baudet, Ad Verbrugge en dandy Jort Kelder, wil via een burgerinitiatief deze enquête afdwingen. Aangetoond moet worden dat Nederland achteraf beter de gulden had kunnen houden, zoals de Zweden de kroon en de Zwitsers de frank.

Op voorhand staat vast dat er geen empirisch bewijs zal worden gevonden dat Nederland nu een welvarender, socialer of gelukkiger land zou zijn geweest als de gulden was gebleven. Gemeten op grond van de Human Development Index van de VN, waarin levensverwachting, onderwijs, rijkdom en ongelijkheid in een getal worden uitgedrukt, staat Nederland er beter voor. In 1998 - het laatste jaar vóór de invoering van de euro - stond Nederland op deze lijst zevende. Vorig jaar was Nederland vierde. Zweden - een land zonder euro - is gezakt van de tiende naar twaalfde plek.

Volgens de actiegroep moet duidelijk worden of de politici toen wisten dat met de invoering van de euro soevereiniteit werd ingeleverd en risico's werden genomen. Het antwoord is: ja, alleen werden die verantwoord gevonden. Daar kunnen Lubbers, Kok en Zalm - de drie hoofdverantwoordelijken - best over worden gehoord, maar daar schiet niemand veel mee op.

Hun getuigenis naar de komst van de euro is even veel waard als die van historici naar de totstandkoming van de EEG in 1957 of de Belgische afscheiding in 1839. Er was toen, afgezien van enkele dissidenten (econoom Arjo Klamer), in Nederland consensus dat de euro een goede zaak zou zijn.

Nederland was er ingerold. In 1940 was Nederland net zo neutraal als Zwitserland. Maar als gevolg van de Duitse inval kwam Nederland in een westers blok terecht dat zich na de Tweede Wereldoorlog fasegewijs verder integreerde. Vadertje Drees had nog even twijfels over de EEG, maar zijn regering kon geen andere kant op toen de belangrijkste exportmarkt lid werd van deze gemeenschappelijke markt.

De Duitse hereniging na de val van de muur leidde tot angst voor de enorme macht van de D-mark. Duitsland nam die vrees weg door akkoord te gaan met de invoering van de euro. En in Nederland werden de verdragen van Maastricht en Amsterdam getekend, waarbij wegens het gebrek aan een Europese federale regering verdragsmatig zekerheden moesten worden ingebouwd: het Groei- en Stabiliteitspact. Na twee jaar begonnen landen te zondigen en na tien jaar zondigde iedereen.

Doel van parlementaire enquêtes is waarheidsvinding na een zeperd (Bouwfraude, RSV, Fyra) maar die naar de invoering van de euro is alleen opinievinding.

Reageren?
p.dewaard@volkskrant.nl