AnalyseBaangerelateerde Investeringskorting

Is de BIK een banenredder of een ‘cadeautje voor het bedrijfsleven’? De Raad van State is uiterst kritisch

De Raad van State is uiterst kritisch over het wetsvoorstel van de Baangerelateerde Investeringskorting. 

Staatssecretaris Hans Vijlbrief (Financiën) volgt de Algemene Beschouwingen vanuit zijn werkkamer op het Ministerie van Financiën.Beeld ANP

De 4 miljard euro aan belastingaftrek waarmee het kabinet in 2021 en 2022 de bedrijfsinvesteringen wil aanjagen leidt niet tot extra investeringen, maar slechts tot een verschuiving van investeringen in de tijd. Het kabinet geeft dat zelf toe in de kostenberekening van de maatregel, bevestigt het Centraal Planbureau (CPB) desgevraagd. De Raad van State bedelft het wetsvoorstel onder kritisch commentaar, maar het kabinet negeert dit.

Staatssecretaris Vijlbrief (Belastingzaken) stuurde maandag het wetsvoorstel van de Baangerelateerde Investeringskorting (BIK) naar de Tweede Kamer, samen met het advies van de Raad van State en een toelichting. Nederlandse bedrijven die de komende twee jaar investeringen van (opgeteld) minstens 20 duizend euro doen, mogen 2,4 tot 3 procent van het investeringsbedrag aftrekken van hun loonbelasting. Al voordat de details bekend waren, betitelde de oppositie de BIK tot ‘een cadeautje voor het bedrijfsleven’: ordinaire lastenverlaging vermomd als crisismaatregel.

De finesses van de regeling zullen de oppositie vermoedelijk niet apaiseren. De coalitie probeert de BIK aan het vijandelijke kamp in de Tweede Kamer te verkopen met het lokaas ‘baangerelateerd’. Die term suggereert dat de regeling extra banen oplevert of leidt tot het behoud van banen die anders zouden verdwijnen. Maar dat werkgelegenheidseffect onderbouwt het kabinet nergens. Vijlbrief verwijst slechts naar ‘onderzoeken’ die aantonen dat bedrijfsinvesteringen in algemene zin goed zijn voor de werkgelegenheid. Specifieke doorrekening van de BIK door het CPB levert hij er niet bij: die wordt nu alsnog gemaakt op verzoek van de oppositie.

Geen ‘B’ in ‘BIK’

De kwalificatie ‘baangerelateerd’ maakt het kabinet dan ook niet waar, meent de Raad van State. Het adviesorgaan van de regering vindt de term ‘verwarrend’ en adviseert het kabinet de ‘B’ van BIK te laten vallen. Dat doet het kabinet niet. Vijlbriefs verweer is dat de regeling zo mag heten, omdat bedrijven de investeringskosten van de loonheffing aftrekken. Een directe link met banencreatie is er echter niet. Integendeel: de aanschaf van een nieuwe productielijn in Polen, waardoor er in Nederland banen verloren gaan, komt ook in aanmerking.

Bovendien zet de BIK bedrijven niet aan tot extra investeringen. Daarvoor is het belastinglokkertje te klein, blijkt uit de kostenverantwoording die Vijlbriefs ambtenaren aan het CPB hebben overlegd. ‘Omdat het voordeel van maximaal 3,0 procent van beperkte omvang is ten opzichte van de investeringskosten, wordt aangenomen dat de afdrachtsvermindering niet leidt tot een substantiële toename van investeringen in 2021 en 2022, afgezien van verschuivingen van investeringen die anders in 2020 of 2023 zouden plaatsvinden.’

Tijdig en tijdelijk

Econoom Bas ter Weel, directeur van SEO Economisch Onderzoek, betwijfelt net als de Raad van State of de BIK een doelmatige besteding van overheidsgeld is. De Raad van State vreest dat de BIK-gelden vooral ten goede zullen komen aan bedrijven die de fiscale subsidie niet nodig hebben en tóch al zouden investeren. In die zin is de maatregel niet gericht genoeg, aldus de Raad van State. Ter Weel is het daarmee eens. ‘Wil zo’n crisismaatregel effect hebben, dan moet hij tijdig, tijdelijk en gericht zijn. De BIK lijkt mij op het eerste gezicht geen van drieën.’ Het is volgens hem niet tijdelijk, omdat het kabinet ook na 2022 alvast 2 miljard euro per jaar voor ‘verlaging van de werkgeverskosten’ reserveert. ‘De vormgeving als BIK is misschien tijdelijk, maar de lastenverlichting is kennelijk structureel.’

De maatregel is ook niet ‘tijdig’, in de zin dat die effectief is op het dieptepunt van de crisis. De investeringen zullen volgens het CPB ook zonder de BIK volgend jaar al met 7 procent ‘terugveren’. Bedrijven mogen investeringen van ná 1 oktober 2020 aanmelden, maar het loket voor de aanvragen gaat pas in september 2021 open. Daarna kan het nog drie maanden duren voordat de overheid erover beslist. Alleen bedrijven die hoe dan ook willen investeren zullen nu al financiële verplichtingen aangaan, terwijl ze pas over ruim een jaar horen of ze belastingkorting krijgen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden