Iraanse Revolutionaire Garde: dat IS aanslagen Teheran opeist, bewijst dat Saoedi-Arabië erachter zit

De Iraanse Revolutionaire Garde houdt aartsrivaal Saoedi-Arabië verantwoordelijk voor de aanvallen in de Iraanse hoofdstad Teheran op het parlement en het Khomeini-mausoleum. Eerder op de dag eiste Islamitische Staat (IS) de aanslagen op, volgens Iran 'een bewijs' van Saoedische betrokkenheid. Bij de aanvallen kwamen twaalf mensen om het leven en vielen tientallen gewonden.

Iraanse agenten zoeken dekking tijdens aanval op het parlement. Beeld reuters

Woensdagmorgen openden vier personen het vuur in het parlement. Elders in de stad bestormden drie aanvallers het mausoleum van ayatollah Khomeini, stichter van de islamitische republiek.

'Deze terroristische aanval gebeurde precies een week na de ontmoeting tussen de Amerikaanse president en de achterlijke [Saoedische] leiders die terrorisme ondersteunen', luidt een schriftelijke verklaring van de Revolutionaire Garde, het elitekorps van de Iraanse ayatollahs. 'Het feit dat IS de verantwoordelijkheid heeft geclaimd, bewijst dat zij betrokken waren bij de brute aanval.' President Rohani, gematigder dan de aartsconservatieve ayatollahs, hield zich meer op de vlakte. Hij zei dat Iran na de aanslagen meer verenigd en vastberaden zal zijn in de strijd tegen extremisme en geweld.

Saoedi-Arabië ontkent iets te maken hebben gehad met de aanvallen. 'We veroordelen terroristische aanvallen en de moorden op onschuldigen overal waar ze plaatsvinden', reageerde de minister van Buitenlandse Zaken op de aantijgingen.

Claim IS

Via zijn persbureau Amaq claimde IS eerder op de dag de verantwoordelijkheid voor de aanvallen. 'Strijders van Islamitische Staat hebben het Khomeini-mausoleum en het Iraanse parlement in Teheran aangevallen', aldus een verklaring. De beweging houdt sjiitische Iraniërs meer aanslagen voor: 'Het kalifaat zal geen kans onbenut laten om hun bloed te laten vloeien.' Het moet nog blijken of IS werkelijk verantwoordelijk is voor de aanvallen. De terreurgroep was tot nu toe niet actief in Iran met aanslagen.

Woensdag hadden antiterreureenheden uren nodig om een einde te maken aan de aanval op het parlement. Een van de vier aanvallers blies zich op met een zelfmoordvest, aldus staatszender Irib, de overgeblevene werden uiteindelijk omsingeld. Via de ramen wisten mensen uit het parlementsgebouw te ontsnappen, daarbij geholpen door toegesnelde agenten.

Agenten roepen vanuit het parlementsgebouw. Beeld EPA

Peyman Jafari, politicoloog aan de Universiteit Leiden en de Universiteit van Amsterdam, over de dubbele aanslag in Teheran: 'Ik vind dat we een slag om de arm moeten houden wat betreft de daders. Sommige dingen wijzen niet op IS.'

Geen enkel parlementslid raakte gewond. De terroristen waren een deel van het complex binnengedrongen dat bestemd is voor openbare bijeenkomsten. Op het moment van de aanval waren daar geen volksvertegenwoordigers aanwezig, maar was er wel een zitting gaande. 'Terroristen schieten in het gebouw, maar de parlementszitting gaat gewoon door', twitterde een parlementslid.

De aanslagen zijn ongekend voor Iran, dat sinds de stichting van de Islamitische Republiek in 1979 geen aanval op belangrijke symbolen van zijn machthebbers heeft meegemaakt. De identiteit van de schutters is nog niet bekend.

Mausoleum

Tegelijkertijd belaagde een andere groep terroristen het mausoleum van ayatollah Ruhollah Khomeini, net buiten de stad. Een aantal mensen raakte gewond, een beveiliger zou zijn omgekomen. De aanvallers openden het vuur op de bezoekers toen ze het complex betraden; mogelijk heeft een van hen zichzelf opgeblazen. Een derde aanslag is verijdeld, aldus de autoriteiten.

In het overwegend sjiitische Iran leek IS, een soennitische beweging, weinig voet aan de grond te krijgen. Toch meldden de autoriteiten vorig jaar dat zij 1.500 jonge Iraniërs ervan hebben weerhouden zich aan te sluiten bij IS. Ook zou de beweging een onbekend aantal personen hebben geworven in de westelijke provincie Kermanshah.

De twee aanslagen vinden amper een maand plaats na de herverkiezing van president Hassan Rohani. Iran wordt sinds Khomeini's revolutie van 1979 deels geregeerd door een aartsconservatieve sjiitische geestelijkheid. Meer dan 90 procent van 80 miljoen Iraniërs is sjiitisch, waarmee het land de belangrijkste sjiitische mogendheid is. Iran bemoeit zich steeds vaker met de bestrijding van soennitische extremisten die de sjiieten niet als moslim beschouwen. De machtigste soennitische speler in de regio is Saoedi-Arabië.

Agenten helpen burgers ontsnappen uit het parlementsgebouw. Beeld epa
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden