Iraakse deserteurs trotseren executiebrigade

Het Iraakse leger heeft speciale executie-eenheden die moeten voorkomen dat soldaten overlopen. Soms lukt deserteren toch. En zo wachten drie junkfood etende jonge Irakezen het einde van de oorlog af in een hotel in Noord-Irak....

Acht dagen geleden, op het moment dat de veiligheidseenheid die de militaire discipline afdwingt aan het eten was, zagen Bassam Salah Madlool, Mushriq Ahmad Hashem en Abbas Fahid Mushin hun kans. Ze renden langs mijnenvelden en bewegingsmelders, ontkwamen aan beschietingen en vluchtten twaalf uur over heuvels, door dalen en over bergen, totdat ze Kifrey bereikten, in het door de Koerden beheerste Noord-Irak.

'Ik voel me alsof ik voor de tweede keer geboren ben', zegt Madlool (28), die negen jaar diende voordat hij deserteerde uit het 436ste bataljon van de 15de divisie van het Farooq Leger, ten zuiden van Kirkuk. 'Voor het eerst van mijn leven voel ik me vrij.'

Volgens Madlool en zijn vrienden worden potentiële deserteurs van hun actie weerhouden door een veiligheidscordon van mijnenvelden en bewegingsmelders die rond de kazernes zijn aangelegd. Maar het grootste gevaar, zeggen ze, komt van de onlangs opgerichte executie-eenheden, die worden gevormd door leden van de heersende Ba'ath-partij, militaire veiligheidsofficieren en de Iraakse inlichtingendienst.

Sinds de Amerikanen en Britten de aanval op Irak en Saddam hebben ingezet, zijn er tal van overgaven gemeld, maar die hebben niet geleid tot de val van Saddams regime, zoals de geallieerden hadden gehoopt. Barham Salih, premier van de Koerdische regering in Noord-Irak en bondgenoot van de Amerikanen, zegt dat er een geringe toename is van het aantal overlopers sinds de bombardementen op 20 maart begonnen. De Patriottische Unie van Koerdistan pakte onlangs twee lage commandanten op. De Unie beheerst de oostelijke helft van het Koerdisch autonoom gebied in Noord-Irak.

Volgens Salih hebben de Iraakse strijdkrachten bij de frontlinies rond de oliestad Kirkuk zich twintig kilometer teruggetrokken. Dat hebben ze niet alleen gedaan om hun posities te versterken, maar ook om een toename van desertie te voorkomen.

De Iraakse militaire leiding heeft een behoorlijke terugslag gehad, zegt Salih. 'Er wordt niet daadwerkelijk gevochten. Het Iraakse leger zit in een moeilijke situatie, gevangen tussen de bombardementen van de geallieerden aan de ene kant en Saddams doodseskaders aan de andere.'

Madlool, die met zijn kortgeknipte haar meer op een student lijkt, omschrijft het leven van een doorsnee Iraakse soldaat als slopend, met onaanvaardbare levensomstandigheden en doorlopend toezicht door de veiligheidsdiensten.

'Het is maanden geleden sinds we voor het laatst onze families hebben gezien', zegt hij. 'De wapens zijn van slechte kwaliteit. Het eten is slecht. En we moeten onophoudelijk werken, van 's morgens vroeg tot 's avonds laat.' De soldaten moeten zich ook onderwerpen aan de religieuze en ideologische indoctrinatielessen die worden gegeven door leden van Saddams Ba'ath-partij.

De regering in Bagdad heeft geprobeerd het moreel op te peppen voor de Amerikaanse aanval, zeggen de deserteurs. Vlak voor de oorlog uitbrak verhoogde Bagdad hun wedde van 3 naar 12 dollar per maand. Ze kregen ook trainingen in guerrillatactieken en man-tot-mangevechten. Maar veel gewone soldaten hebben eerder het gevoel dat ze kanonnenvlees zijn, dat onder de duim wordt gehouden door eenheden van de Republikeinse Garde, zeggen de drie.

'Het reguliere leger is gewoon een slachtoffer van het regime', zegt Hashem (20). De Republikeinse Garde heeft de macht. Ze hebben de beste voorraden en de beste wapens.' Toen de Amerikaanse bombardementen doel troffen in de buurt van hun kazernes ten zuiden van Kirkuk, probeerde een groeiend aantal van hun kameraden te deserteren. In de twee dagen voor hun eigen vluchtpoging zijn volgens Madlool, Hashem en Mushin (21) zeker tien soldaten geëxecuteerd omdat ze probeerden te ontsnappen.

De drie deserteurs zagen hun kans toen hun officieren 's nachts een snack aten. In burgerkleding, die ze onder hun uniform droegen, slopen ze langs de mijnenvelden. Toen bewegingsmelders afgingen, moesten ze rennen voor hun leven terwijl de executie-eenheden op hen schoten.

De drie renden en liepen bijna twaalf uur tot ze bij een post arriveerden van de Koerdische Peshmerga-militie buiten de stad Kifrey, aan het lange front dat een scheiding vormt tussen de Koerden en de door Bagdad gecontroleerde Iraakse secties. Ze zwaaiden met de witte vlag voor overgave. De Pershmerga's verwelkomden hen met thee en voedsel.

In Sulaymaniyah zijn de drie deserteurs ondergebracht in een niet met name genoemd hotel. Daar volgens ze het nieuws op de televisie, eten junkfood en dromen van vrede. 'Als de oorlog voorbij is, kan ik misschien mijn dromen verwezenlijken: trouwen, een auto kopen en reizen', zegt Madlool.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden