Interview Jolande Sap: Ik had een enorme wil om de ellende te ontvluchten

Nog geen twee jaar Kamerlid, politiek talent van het jaar, tweede op de lijst van GroenLinks. Jolande Sap (47) onderhandelde met VVD, PvdA en D66 over een nieuw kabinet.

Jolande Sap.

NB: Dit interview is gemaakt ten tijde van de onderhandelingen over Paars-plus, een kabinet van VVD, D66 en PvdA.

'Een droom is uitgekomen, ik voel me een zondagskind in de politiek. Vanuit de ambtenarij weet ik hoe de politiek werkt, ik heb de inhoudelijke bagage en ik weet hoe je scherp moet kiezen. Het valt in de Kamer allemaal op zijn plek. Ik ben niet bang en voel me zeker.

Ik heb het Kamerlidmaatschap lang afgehouden omdat ik de kinderen te klein en te kwetsbaar vond. Ik weet van mezelf dat ik een enorme workaholic kan zijn. Welke debatten doe je wel en welke niet? Welke activiteiten doe je voor de partij? Het moet behapbaar blijven. Dat is me het afgelopen jaar niet gelukt. De commissie-De Wit die de financiële crisis onderzocht, de vervroegde verkiezingen - het waren vaak weken van honderd uur werken.

Balans

Het eerste jaar ging het goed, toen kon ik 's middags geregeld bij school staan en was ik in de weekends deels vrij en konden we leuke dingen doen. Ze hebben thuis niet gezegd: heb je gehoord waarom Wouter Bos ermee stopt? Ze zien dat ik ontzettend geniet. Dat is ook een balans. Als je minder uren werkt, maar je zit niet lekker in je vel, neem je dat mee naar huis. Dan ben je wel thuis, maar niet mentaal.

Af en toe probeer ik eruit te breken, in de krokusvakantie ben ik met vakantie gegaan. We hadden net de hoorzittingen van de commissie-De Wit achter de rug, de gemeenteraadsverkiezingen kwamen eraan en die vrijdagnacht viel het kabinet om 4 uur. Om 5 uur ben ik met het gezin met de taxi naar Schiphol gegaan voor een weekje Egypte. Om te compenseren dat ze me vanaf de zomer nauwelijks hadden gezien.

Moeilijk

Ik vond het waanzinnig moeilijk om in de taxi te stappen. Ik had de hele nacht aan de tv gekluisterd gezeten. Als ik toen niet was meegegaan, had ik een heel groot probleem met mijn gezin gehad. Dan had ik ze voor hun gevoel laten vallen. Doordat ik me heb kunnen losrukken, weten zij: als het erop aankomt, zijn wij nummer 1.
Ik was het enige parlementslid dat die week niet in Nederland was, denk ik. Het verkiezingsprogram moest versneld af, ik ben een dag op de hotelkamer gebleven om het zorghoofdstuk te schrijven. Op mijn telefoontje, ik had kramp in mijn vingers. Ik had geen stukken bij me, dus het moest uit mijn tenen komen. Het gezin is met een bootje weggeweest in de Golf van Akaba. Dat is een perfecte mix.

Denk niet dat het mij allemaal is komen aanwaaien. Ik heb een mooie, maar ook heel pittige jeugd gehad. Er was veel onrust en veel ruzie thuis, mijn vader had een groot drankprobleem. Er was weinig ruimte om je puberproblemen uit te leven, want vader was voortdurend aan het puberen. Als er 's nachts een enorme ruzie thuis was geweest, ging ik 's ochtends gewoon naar school en deed ik of er niks aan de hand was. Dat leert je relativeren.

Café

Mijn vader was een bijzondere man, ik heb heel veel van hem gehouden, hij is al een tijdje dood. Hij is begonnen als stuurman op een schip en kwam aan de wal voor mijn moeder. Hij was helikopterpiloot, heeft een wegenbouwbedrijf gehad en stortte zich vervolgens op de horeca. We hebben een hotel gehad in Arcen en een café in het centrum van Venlo.

Dat café hadden we van mijn 9de tot mijn 14de. Het was een leuk café, mijn vader maakte samen met de barman muziek, maar zijn alcoholprobleem werd steeds erger. De kroeg was tot 3 uur 's nachts open, daarna gingen mijn ouders opruimen en kwamen ze om 4 uur ruziënd boven. Wij woonden boven het café.

Mijn ouders hadden een groot hart. Iedereen met wie het slecht ging, was welkom, ook in periodes dat wij niet veel te makken hadden. Klanten kwamen hun hart uitstorten en dronken op rekening, die niet hoefde te worden betaald. Daar waren mijn ouders ruimhartig in. Het café is niet voor niks failliet gegaan.

Bijstand

Mijn vader kwam in de bijstand, en we verhuisden naar een onbewoonbaar verklaarde woning. Het seizoen erop hebben we met het hele gezin op de camping van Arcen de kantine, de frietkraam en het zwembad gerund. Ik was net 15 en deed de frietkraam bij het zwembad. Kreeg je Duitsers die twintig patat en dertig frikadellen bestelden. Mijn vader stond met een fatsoenlijk salaris op de loonlijst. Daarna kon hij de WAO in.

We hadden ontzettend weinig geld. In die tijd is mijn belangstelling voor verdelingsvraagstukken ontstaan. Bovendien vond ik economie ontzettend leuk. Ik ben dol op cijfers. Door mijn liefde voor cijfers kan ik argumenten kracht bij zetten. De kracht van een goed geplaatst cijfer is groot. Als ik heel moe ben en ik moet een verhaal schrijven, gaat het moeizamer dan wanneer ik een bak met cijfers moet bewerken. Daar word ik fitter van.

Versterken

Ik had een geweldige economieleraar, die me gevoel voor maatschappelijke vraagstukken heeft bijbracht. Kon ik mijn eigen ervaringen koppelen aan de theorie dat armoede en tegenslag de neiging hebben zichzelf te reproduceren. Andersom geldt dat ook. Als het meezit - je hebt de goede achtergrond en geld -, dan heeft dat ook de neiging zichzelf te versterken.

Mijn broer, mijn zus en ik hebben ons aan de armoede kunnen ontworstelen. Het is misschien flauw om te zeggen, maar ik denk dat het met ons karakter heeft te maken. Vechten en optimistisch zijn heb ik van mijn moeder geleerd. Elke dag opnieuw als je opstaat, net dat ene zonnestraaltje zien, dat hebben we van haar meegekregen. Je vastklampen aan de kleine dingen die wel goed gaan.

En we hebben goede hersens. Ik kon goed leren. Ik vond het heerlijk om me achter mijn bureautje op te sluiten. Als er onrust was in het café, kon ik het op mijn kamer heel huiselijk maken. Dan ging ik lekker achter mijn bureautje zitten met de deur dicht. Je krijgt er een enorm doorzettingsvermogen door, denk ik.

Ontsnappen

Ik had een enorme wil om aan de ellende te ontsnappen. Ik zag hoe mijn vader met al zijn talenten alles vernietigde. Ik heb me heilig voorgenomen dat mij dat niet zou overkomen. Dat duiveltje zit ook in mij, verslavingen zijn erfelijk. Mijn opa was ook verslaafd aan alcohol. Ik heb ook iets onrustigs, maar als kind heb ik geleerd dat monstertje klein te houden. Ik mag graag een wijntje drinken, maar kan het beheersen. Door wilskracht. Roken doe ik al vijftien jaar niet meer. Heb ik wel veel gedaan.

Dat ik wilde studeren was voor mij zonneklaar, ik wilde mijn kansen pakken. Ik heb me redelijk lang gehandicapt gevoeld, ik had niet de culturele achtergrond van veel medestudenten. Er waren tijden dat ik me heel klein kon voelen en dat ik dacht: ik kan dan wel veel levenservaring hebben, maar ik heb een algemene ontwikkeling van likmevestje. Thuis had ik het leven geleefd, we zaten voortdurend in emoties en toestanden.

Weerzin

Ik heb een tijd een enorme weerzin gehad tegen kinderen uit gezinnen die het allemaal meezat. Dat zijn mijn kinderen ook, realiseer ik me nu. Ik moet ze nog een gezond trauma bezorgen. Nou ja, ze hebben een moeder die veel te veel werkt, misschien is dat een klein traumaatje.

Het vrijvechten van thuis heeft tijd gekost. De eerste twee jaar voelde het alsof ik uit een oorlogstijd was gekomen. Het was vrede, en ik wist niet wat ik ermee aan moest. De dagen lagen voor me, ik kon er van alles mee - thuis werd ik gedicteerd: ssst, pa niet wakker maken. Dan was ie weer kwaad, dan weer agressief.

Mijn moeder heeft altijd onvoorwaardelijke liefde gegeven en doet dat nog steeds. Als ik me even niet top voel, bel ik haar. Zij zorgt ervoor dat ik me in een mum tijd weer het stralende middelpunt van de wereld voel.

Zeggeschap

Tijdens mijn studie gaf ik cursussen marxistische economie, hoe zit de wereld in elkaar, waar komt armoede vandaan? Aan medestudenten, maar ook aan huisvrouwen, WAO'ers en werklozen. Ik vond het belangrijk die mensen weer macht en zeggenschap te geven over hun eigen leven. Zij zaten niet in de uitkering omdat ze een mislukking waren, nee, dat kwam door het systeem. Daar denk ik nu anders over.

Ik ben een liberaal getinte GroenLinkser. Ik heb niet meer de neiging altijd de oplossing bij de overheid te zoeken. Het initiatief moet bij de mensen liggen, je moet je kansen grijpen. Ik ben allergisch voor pamperen. Je moet het zelf doen.

Mijn ideaal is een samenleving waarin iedereen meedoet, iedereen zijn eigen inkomen kan verdienen en zijn eigen keuzes kan maken. De overheid moet banen creëren voor mensen die niet op eigen kracht aan de slag komen. Met een fatsoenlijk minimumloon. Als de keus is: thuis zitten of werken, kies ik voor werken, ook al is dat onder je niveau. Je mag een jaar een uitkering hebben om een baan te zoeken, maar daarna ga je aan de slag.

WAO

Mijn vader zat in de WAO, die kon niet veel anders meer. Een broer van mijn vader zat ook in de WAO, die wilde en kon nog heel veel, maar kwam er niet meer uit. Het lukte hem niet door de instituties heen te breken. Dat vind ik veel erger dan dat mensen een tijdje werk moeten doen dat niet helemaal op hun niveau is.
Begin jaren negentig ben ik actief geworden in GroenLinks, toen voor het eerst het verkiezingsprogram werd doorgerekend. Dat was een mooi klusje voor mij. Machtig mooie tijd. We deden het met een ernst alsof we het land gingen besturen. Dat hebben we zo altijd gedaan. Tot in de finesses.

Bij GroenLinks hoef je geen lange mars te maken. Als je goed en enthousiast bent, kun je snel een belangrijke rol spelen. GroenLinks geeft nieuwkomers alle kansen. Dat is niet alleen in ons arbeidsmarktbeleid, dat doen we zelf ook. Na een half jaar trainde ik de Kamerfractie in economische argumenten.

Ik heb er altijd moeite mee gehad als een partij staat voor idealen die ze intern niet waarmaakt. Ik ken de Partij van de Arbeid niet van binnenuit, maar ik ken de verhalen. De partij staat voor eerlijk delen, iedereen doet mee, maar intern woedt er continu een machtsstrijd. Daar wil ik niet bij horen.

In mijn element

Ik voel me in mijn element in de Kamer, hier kan niemand me iets maken, dat gevoel. Ik vind politiek bedrijven een mooi spel. Door mijn jeugd heb ik geleerd aan te voelen wat wel en niet kan. Ik moest aanvoelen hoe de stemming van de dag was.

Ik heb snel door met wat voor soort mensen ik te maken heb. Hoe moet ik een collega-Kamerlid benaderen? Is hij gevoelig voor inhoudelijke argumenten of moet ik hem meer strategisch benaderen? Dat doe ik op gevoel, en het werkt goed.

Ik kan mij voegen naar elke omgeving, dat heb ik van huis uit meegekregen. Mijn vader had een succesvol wegenbouwbedrijf. Toen was er veel geld. Hadden we chique diners, trok ik een mooi jurkje aan en kon ik heel beleefd en charmant doen. In latere jaren hadden we zwervers en zware drinkers over de vloer.

Trots

Als Kamerlid kun je veel voor elkaar krijgen. Ik ben trots op mijn eerste amendement, dat een verslechtering voorkwam van het inkomen van alleenstaande ouders. Dat heb ik geregeld door heel goed te luisteren. Het CDA zat ermee, durfde niet, maar was het wel met me eens. Ik heb het in het debat niet te zwaar aangezet, om te voorkomen dat het een politieke strijd zou worden. Later heb ik staatssecretaris De Jager gevraagd waarom hij het amendement ontraadde. Nou, als ik het wat anders formuleerde, kon het toch. Het resultaat was dat het met een nipte meerderheid werd aangenomen.
Femke Halsema en Ineke van Gent hebben me een paar keer in debatten gecoacht. Hoe kun je een interruptie plegen zodat ie straks het Journaal haalt? Je moet kort en trefzeker zijn, en op zo'n manier dat je een antwoord afdwingt. Je moet je opponent in zijn politieke hart raken, dan kan hij je niet ontlopen.

Liefde

Mijn grote jeugdliefde heb ik ontmoet toen ik 15 was. Hem vertrouwde ik alles toe. Na negen jaar - we woonden een paar jaar samen - werd hij verliefd op mijn zus, en zijn zij samen verdergegaan. Het was heel heftig. Het was tijdens carnaval. Ik ben niet zo'n carnavalsvierder, ik was met mijn broer in zijn Lelijke Eendje naar de Ardennen, en in Venlo werden mijn vriend en mijn zus verliefd op elkaar.

Ik ben niet in de pijn gaan zitten: ik ben bedrogen door twee dierbaren. Zwelgen in je verdriet brengt je nergens. Ik was eigenlijk blij dat ik van hem af was. Ik was er wel mee klaar, maar ik kon er zelf geen streep onder zetten, omdat hij zo belangrijk voor mij was geweest. Dat klinkt heel nuchter, maar het kostte wel een paar maanden. Ik heb dus ook niet met mijn zus gebroken.

Zelfstandig

Het was een volgende stap in het leerproces van zelfstandig worden. Het heeft me geleerd dat ik het leven aankan, dat ik niet per se op anderen hoef te leunen. Ik wil mentaal en materieel onafhankelijk zijn. Dat is een sterke drijfveer. Het is ook de basis van mijn visie op de maatschappij. Ik zal altijd werken, dat is voor mij een heilig moeten.
Mijn zus is een paar jaar geleden van hem gescheiden. Ik heb het genoegen mogen beleven de scheiding met haar ex, en dus ook mijn ex, te mogen regelen. Heb ik een paar dingen nog even goed kunnen afhandelen.

Toen ik in Amsterdam ging wonen, heb ik mijn huidige man leren kennen in een woongroep. Dat is alweer twintig jaar geleden. Hij heeft nog de laatste jaren van mijn vader meegemaakt. En begrijpt mijn achtergrond.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden