Interview: Hans Laroes

De baas van NOS Nieuws zwaait af. Voor Hans Laroes hierna geen bestuurlijke functie. 'Ik ben meer vernieuwer dan beheerder.'

Hij wordt geen burgemeester. En ook geen manager. Hij wil schrijven, een beetje lesgeven misschien, hier en daar dagvoorzitter spelen. Hans Laroes (55), de baas van Het Journaal en sinds een aantal jaren van alles wat NOS Nieuws is (van Met het oog op morgen tot teletekst), wil journalist blijven. Dat is zijn passie, over dat vak heeft hij wat te melden.


Per 1 juli is hij vrij man, na negen jaar leiding te hebben gegeven aan de grootste nieuwsorganisatie van Nederland. Een bestaan dat is getekend door hoogte- en dieptepunten, al zegt hij die dieptepunten niet te kennen, of zo niet te ervaren.


Maar ze waren er wel.


Zo raakte hij in al die jaren menigmaal in conflict met verslaggevers en anchormen. Nieuwslezer Gijs Wanders moest het veld ruimen vanwege buitenproportioneel geschnabbel; Harmen Roeland, de verslaggever met de lieslaarzen, vloog eruit na een conflict met Laroes. En met Amerika-correspondent Charles Groenhuijsen, beoogd presentator van het achtuurjournaal, belandde hij in een moddergevecht dat eindigde bij de rechter.


'Het hoort bij mijn functie dat mensen boos op me zijn', zei Laroes er eerder over. Hij heeft enkel gehandeld in het belang van de organisatie. Die conflicten mogen bovendien worden gerelativeerd. 'Bij de televisie heb je met ego's te maken. Ik ben er zelf waarschijnlijk ook een. In sommige gevallen werd de nieuwsvloer erdoor geteisterd. Maar als ik maatregelen nam tegen personen, deed ik dat nooit alleen. De chefs, de redactievertegenwoordiging, de directie: ze stonden altijd achter me.'


Tv trekt vaak een overdosis ijdelheid aan.

'IJdelheid vind ik geen probleem, want je verwacht dat mensen excelleren. Maar als je denkt dat iedereen gek is behalve jij, kom je in een onhandige situatie. Je mag jezelf de beste vinden, zolang je dat kunt relativeren. Want dit is teamwork en je hebt een voorganger en een opvolger. Ik ook.'


Hoe ziet uw afscheid eruit?

'Ik ben de laatste die het weet. Er is een feestje, notabene op de dag dat er in de Tweede Kamer een debat is over de publieke omroep. Ik hoef geen symposium, geen deftigheid.'


Dat onthechte gevoel is er al?

'Valt erg mee. Vanuit nieuwsoogpunt is het een spannend half jaar geweest. Laatst was ik in Washington bij Eelco Bosch van Rosenthal. Dan besef ik wel: dit is de laatste keer. Ik weet dat het einde nadert, maar ik zie nergens een zwart gat.'


Vliegen de aanbiedingen u om de oren? U bent relatief jong.

'Er is me weleens wat gevraagd, maar dat zijn dan bestuurlijke functies, die hoef ik niet.'


Geen ambitie om burgemeester te worden?

'Toen Pieter Broertjes werd benoemd in Hilversum, kwam via Twitter de vraag of ik de volgende zou zijn. Ik antwoordde: van de Volkskrant naar Hilversum, dan moet ik minstens naar New York. Ja, dat wil ik wel! Als je ergens leidinggeeft, wordt al gauw gedacht: zijn volgende baan zal ook wel in dat managementconglomeraat zijn. Maar ik word er niet vrolijk van en daar ligt niet mijn kracht.'


Eerst was u hoofdredacteur van Het Journaal, daarna van alle NOS Nieuws. U ging leidinggeven aan 380 eigenwijze journalisten. Dat is toch een bestaan van enkel vergaderen?

'Het management is geen straf, ik heb allerlei ideeën over hoe deze organisatie er over een paar jaar voor moet staan, maar ik kan het alleen in combinatie met journalistiek. Ik draai nog steeds mee op de redactie en bemoei me met het nieuws van de dag. Ik was er op de dag dat Libië werd gebombardeerd, op de dag van de tsunami in Japan, dat is geweldig om mee te maken.'


Wat heeft u met de samenvoeging van alle NOS Nieuws tot stand gebracht?

'Wij doen dingen die ik vroeger niet voor mogelijk had gehouden. Het samengaan van radio, tv en internet in NOS Nieuws was een operatie die in dienst stond van de inhoud.


'Tot 2006 waren we een eilandenrijk. Het was haast beledigend over iets anders te spreken dan de eigen uitzending. Verslaggevers waren niet bezig met een blog, of met het monteren van een eigen onderwerp.


'Tegenwoordig zitten geen vier journalisten van de NOS te bellen over hetzelfde onderwerp. Tegelijkertijd is er veel ruimte voor eigenheid. Als je in dit multimediale tijdperk aanwezig wilt zijn op diverse journalistieke platforms, stelt dat hoge eisen aan de organisatie, maar je blijft zitten met media in verschillende snelheden. Als Het Journaal een verslaggever naar Alphen aan den Rijn stuurt, heeft hij daar zijn handen vol aan. Dus stuur je voor radio een ander. Als ze twitteren en foto's voor de website doorsturen, is dat meegenomen. Maar het is een fatale fout om te denken dat één journalist alles kan. Die eis mag je aan je organisatie stellen, niet aan individuen.'


Is dat de erfenis van Hans Laroes?

'Ik zie verschillende fases in de tijd dat ik hoofdredacteur was. Eerst was daar enkel Het Journaal en de vraag: hoe vertel je verhalen? De tweede fase was die van de interne reorganisatie. De derde is de digitale revolutie.


'De vierde is volop gaande: een hernieuwd contact met de achterban. Want digitale infrastructuur stelt een journalist in staat op een andere manier contact met zijn publiek te hebben. De nieuwsconsument wordt op ad-hocbasis nieuwspartner. Hij zit in ons netwerk. Overal zit kennis en de kunst is die te rationaliseren.'


Maar dat netwerken is toch zo oud als de journalistiek zelf?

'Nee hoor. Honderd jaar geleden ging de burger niet naar de journalist, maar naar de burgemeester of de wethouder. Na de brand in Moerdijk zijn we via blogs op zoek gegaan naar meetgegevens. We hebben heel simpel opgeschreven wat we aan het doen waren, wie wel en niet meewerkten, wat we wisten. Als je dan opschrijft: 'We hebben dit gevonden', dan is er altijd wel een chemicus die reageert: 'Als dit is gevonden, moet dat in de buurt zijn'.


'Dan heb je een zichzelf ontwikkelend nieuwsverhaal: de research wordt niet meer alleen door ons gedaan. Essentieel is dat wij niet aan mensen vragen wat zij vinden, maar wat zij weten. Die werkwijze zal een enorme vlucht nemen, want burgers hebben steeds minder vertrouwen in instanties en worden handiger in het gebruik van digitale middelen.


'Ik geloof in de symbiose tussen organisatie en individu. Kijk naar WikiLeaks of de Arabische lente: sociale media spelen een hoofdrol, maar zonder het podium dat wij bieden blijft het klein. Wij geven er gewicht aan.'


En u schaakt graag vooruit.

'Ik ben meer vernieuwer dan beheerder. De journalistiek heeft haar monopolies verloren. Wij brengen nieuws bijna nooit meer als eerste, omdat er altijd iemand tussenzit met een mobieltje of een blog. We zijn het monopolie op nieuwsproductie kwijt en zelfs de definitie van wat nieuws is, zijn we verloren. Als je morgen een blog begint, kun je zeggen: 'Uw journalistiek is de mijne niet, ík weet dit'.'


Na de Fortuynrevolte schreef u een notitie voor Het Journaal: 'Ten Aanval'. De verslaggeving moest van de staat naar de straat. Is dat gelukt?

'Het is nooit genoeg, maar we hebben een beweging de goede kant op gemaakt. Jaren geleden is het onderzocht. In tegenstelling tot de beeldvorming bleken wij minder institutioneel dan RTL.'


In het weekeinde zijn de instituties gesloten. Dan is het Achtuurjournaal gevuld met buitenland.

'Tot een paar jaar terug zat iedere zondag de vergadering van het Israëlische kabinet erin. Dat zie je niet meer.


'Het buitenland is nog steeds heel belangrijk, maar tegenwoordig brengen we meer eigen verhalen, ook al omdat onze onderzoeksverslaggevers weten dat ze op zondag een prachtig podium hebben, met drie miljoen kijkers.'


Wat beschouwt u journalistiek als het hoogtepunt van de afgelopen jaren?

'De uitverkiezing van Obama, de brief van Klink, Wouter Zwart vanuit Peking, WikiLeaks: ach, er zijn er zo veel.'


En de vuurwerkramp in Enschede was uw dieptepunt?

'Toen was ik nog geen hoofdredacteur.'


Maar u had wel dienst en u zat op een bootje.

'Een ramp staat nooit van tevoren in je agenda. Het grootste probleem zat bij de netcoördinator die had besloten dat we pas de zender op mochten na het tweede songfestivalliedje: dat van Nederland. Mede naar aanleiding hiervan zijn de afspraken veranderd. De bevoegdheid om in te breken ligt nu bij mij. En dan zien we de volgende dag wel of het goed ging.'


Het NOS Journaal treft vaak het verwijt dat het trager is dan RTL Nieuws.

'Dat is beeldvorming. Wij zijn een organisatie die al 56 jaar bestaat. En wij zijn Goliath. De kritiek staat in kranten. Daar heeft altijd een spanningsveld bestaan met de publieke omroep. Dat merk je aan de toonzetting van de stukjes. Het kan me niet veel schelen. Als krantenjournalisten zich niet meer tegen je afzetten, heb je je relevantie verloren.'


Dat is flauw.

'Luister, ik had hier echt niet meer gezeten als ik hetzelfde had gedaan als RTL in de verkiezingsnacht, namelijk om half een ophouden met uitzenden. Wij zijn doorgegaan tot half vijf.'


En dat is vals.

'Er is een verschillend verwachtingspatroon. Als wij een live-uitzending maken over Alphen aan den Rijn wordt daar niets over gezegd. En over het feit dat RTL het afdeed met een item van 5 minuten ook niet. In het omgekeerde geval zou de kritiek niet van de lucht zijn. Want de NOS, dat is water uit de kraan - en dan moet het er ook zijn.'


Hoe ingrijpend zijn de bezuinigingen op de publieke omroep?

'Met de mond zal worden beleden dat aan de nieuwsvoorziening niet wordt getornd. Ik geloof daar geen moer van. Ik denk dat straks Het Jeugdjournaal ter discussie komt te staan, en Met het oog op morgen en dat er gemorreld gaat worden aan het buitenlandse correspondentennet en onze onderzoeksafdeling. Dan krijg je lopendebandjournalistiek. Dan erodeert het systeem.'


De eeuwige kloof tussen Hilversum en Den Haag pakt definitief in uw nadeel uit.

'Die kloof is voor een redelijk deel de schuld van de publieke omroep. Die is gemakzuchtig en met dedain met de politiek omgesprongen. We hebben onze eigen vijanden gecreëerd.'


In 2005 verweet u de publieke omroep 'fataal defensief' gedrag. Is er niks veranderd?

'Het is nog steeds zo. Punt is dat je als dinosaurus zelf niet weet dat je aan het uitsterven bent en het over een andere boeg moet gooien. Dat het interessant is een nieuw systeem te bouwen, waarin meneer X misschien geen directeur meer is en meneer Y geen netcoördinator.


'Er loopt hier bijna niemand rond met ook maar het begin van een visie op wat voor publieke omroep je in 2015 moet hebben. Er wordt een toekomst geschetst op basis van geld en verdeling van de ellende. Het gaat over fusies van verenigingen. Over onze kerntaak, de nieuwsvoorziening, worden bezweringsformules uitgesproken die in praktijk niet worden waargemaakt.'


U doet wat omroepen ook doen: kijken naar het eigen belang.

'Ik durf te zeggen: de NOS is vele malen belangrijker dan omroep MAX.'


Worden er anders dan door de NOS in Hilversum nog goede programma's gemaakt?

'Holland Sport vind ik goed. En DWDD in zijn magazinevorm ook. Pauw & Witteman is in elkaar gelazerd. Daarvan is de houdbaarheidsdatum allang overschreden. Maar ik kijk veel minder tv dan je zou denken. Eigenlijk ben ik vooral aan het werk.'


Marcel Gelauff: opvolger Laroes

De opvolger van Hans Laroes, Marcel Gelauff, heeft ruime ervaring in diverse geledingen van de journalistiek. Gelauff (53) begon zijn loopbaan in de regio, bij de Leidse Courant en de Gooi en Eemlander. In 1992 vertrok hij naar de televisie en werd hij chef nieuwsdienst van RTL Nieuws. Later was hij chef van de Haagse redactie. In 2003 trad hij in dienst van de NOS. De afgelopen jaren was hij al plaatsvervangend hoofdredacteur NOS Nieuws.


CV Hans Laroes

1955Geboren te Middelburg


1974School voor Journalistiek te Utrecht


1978Bureauredacteur provinciale Zeeuwse Courant


1984Chef opiniepagina Utrechts Nieuwsblad


1987Chef nieuwsdienst Utrechts Nieuwsblad


1988Presentator Haagse redactie NOS Journaal


1992Redactiechef NOS Journaal


1999Plaatsvervangend hoofdredacteur


2002Algemeen hoofdredacteur


2005Hoofdredacteur NOS Nieuws


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden