Intelligent populisme

Het menselijk intellect is een soort eeuwige bouillon. Aan het eind van de dag kook je de hele boel in, om er de volgende dag weer water bij te gieten....

Ook in mijn hoofd zitten hooguit een paar stukken schenkel, een paar kerngedachten, en daarvan brouw ik al naar gelang de actuele situatie soep. Eigenlijk zijn die gedachten voornamelijk citaten, krachtige uitdrukkingen van de grote leerstukken uit de geschiedenis, basistheorieën dus, die je naar believen kunt aanlengen. Ui erbij, een paar peperkorrels, tijm, en, vooruit dan maar, een beetje wilde marjolijn.

Vandaag een kerngedachte die al meer dan twintig jaar met me meegaat; een juridisch citaat is het, opgevist uit een juridisch handboek. Al heel vaak gebruikt, maar iedere keer opnieuw prachtig en ter zake doende. Oorspronkelijk werd de zin opgeschreven door mr. S. Gerbrandy; in zijn proefschrift uit 1946 had hij het over de krankzinnige keizer Caligula, die in de eerste eeuw na Christus met harde hand over Rome regeerde.

Caligula leed zozeer aan grootheidswaan dat hij uiteindelijk de maan uitnodigde in zijn bed en zijn paard Incitatus tot consul van het Romeinse Rijk benoemde. Gerbrandy liet zich niet voor de gek houden en schreef: ‘Wie aanneemt dat het paard van Caligula werkelijk Consul van het Romeinse Rijk is geweest, heeft het recht vaarwel gezegd.’

Een paar weken geleden bracht presidente Silvio Berlusconi deze zin opeens weer terug in mijn herinnering – en met de zin ook het belangrijke principe dat eraan ten grondslag ligt – toen hij het Europese Parlement wilde bevolken met schoonheidskoninginnen. Na overleg met zijn vrouw hield hij trouwens nog maar één koningin over als kandidate voor het parlement, Barbara Matera, maar die is nu dan ook echt op campagne.

Wat een interessante situatie! Ik hoefde er maar een beetje water bij te gieten, even roeren, en daar was de uitspraak al. ‘Wie werkelijk aanneemt dat Barbara Matera parlementariër wordt van het Europese Parlement, heeft het recht vaarwel gezegd.’

Indertijd wilde Gerbrandy met zijn uitspraak laten zien dat het recht meer is dan een optelsom van formele regels alleen. Je kunt wel alle procedures vlekkeloos doorlopen en denken dat je je paard volgens de regels hebt bevorderd tot consul van het Romeinse Rijk, maar daarmee is dat paard nog niet werkelijk consul geworden. Er zijn volgens Gerbrandy ‘bovenwillekeurige rechtsbeginselen’, inhoudelijke criteria waaraan recht moet voldoen om werkelijk recht te worden.

Nou is een fotomodel geen paard, en Barbara Matera kan natuurlijk best parlementariër worden. Dat wil zeggen, als ze het wordt, dan is het ze het ook. Toch moet je tegelijkertijd concluderen dat Italië in dat geval op legale wijze een flinke stap van het recht en de democratie verwijderd is geraakt.

Eigenlijk zijn bovenwillekeurige rechtsbeginselen ook een soort eeuwige bouillon. Ze vormen de fond van het recht, en je lengt ze aan met actuele regels en eigentijdse procedures. Door het bestaan van zulke inhoudelijke rechtsbeginselen is het recht een levend en organisch geheel. Geen gereedschapskist van slimme regeltjes waarmee iedere handige klusser zijn eigen land in elkaar knutselt.

Waarom is de kandidaatstelling van Barbara Matera voor het Europees Parlement nu zo ongelukkig? Omdat verkiezingsprocedures ervoor moeten zorgen dat het volk wordt vertegenwoordigd in de vertegenwoordigende organen. Barbara Matera noemt haar kandidaatstelling weliswaar een ‘feest van het volk’, maar het inzetten van paarden en schoonheidskoninginnen is geen volksfeest, en het is ook geen populisme, het is volksverlakkerij.

Natuurlijk staat Nederland er in vergelijking met Italië goed op. Maar ook hier is het goed eens na te denken over volksverlakkerij. Als je wilt dat het volk goed wordt vertegenwoordigd, stelt dat eisen aan de volksvertegenwoordigers. Ten eerste moeten ze de opvattingen kennen van degenen namens wie ze spreken. Ten tweede, en dat is minstens zo belangrijk, moeten ze aan hun achterban uitleggen waarom sommige dingen niet kunnen of onverstandig zijn.

Nu zou meer populisme in de volksvertegenwoordiging wel prettig zijn. Iedereen moet goed en serieus worden vertegenwoordigd: de behoeften op het vmbo en in de sociale woningbouw zijn even belangrijk als die aan de universiteit en in de bestuurskamers , en dat besef van fundamentele gelijkwaardigheid kun je niet helder genoeg terugzien in het parlement.

Tegelijk moet een gezonde vorm van populisme je niet verleiden tot anti-intellectualisme. Niet iedereen is in staat de bevolking te vertegenwoordigen en uit te leggen welke politieke wensen haalbaar zijn en welke niet. Je kunt wel overal fotomodellen neerzetten en suggereren dat het volk krijgt wat zijn hartje begeert, maar daar wordt het volk uiteindelijk niet beter van.

Volksverlakkerij ontstaat wanneer je anti-intellectualisme - het lonken naar soapsterren – combineert met een minachting voor wat een bevolking nodig heeft. Je luistert naar het merendeel van de kiezers principieel niet, belooft dingen die je niet waar kunt maken, en gaat op de achtergrond je eigen gang.

Er is heel hard behoefte aan intelligent populisme: het beroep op eeuwenoude beginselen als rechtvaardigheid en gelijkwaardigheid. Anders zitten ook wij straks met een paard in het parlement.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden