Inspectie Gezondheidszorg opereert te terughoudend

De Inspectie liet de malverserende neuroloog Ernst J. lang ongemoeid. Er schort wel meer aan de organisatie, vindt een onderzoekscommissie....

Den Haag De Inspectie voor de Gezondheidszorg moet de werkwijze veranderen. De inspectie functioneert nu niet goed. Zo worden anonieme klachten en klachten van individuele patiënten niet in behandeling genomen.

Dit concludeert de commissie Hoekstra. Die heeft de werkwijze van de IGZ doorgelicht. Aanleiding was het schandaal rond neuroloog Ernst J. van het Medisch Spectrum Twente (MST) in Enschede.

J. was medicijnverslaafd, stelde verkeerde diagnoses en liet buiten medeweten van patiënten onnodige onderzoeken doen. De arts werkte van 1992 tot 2005 in Enschede. Daarna ging hij in Duitsland aan de slag.

Vorig jaar concludeerde een commissie dat het MST de malversaties van J. bewust onder de pet had gehouden uit angst voor reputatieschade voor het ziekenhuis. Signalen over het disfunctioneren werden door collega’s, de medische staf, het zakelijk bestuur van het ziekenhuis, de toezichthouders en de Inspectie voor de Gezondheidszorg niet opgepikt.

Demissionair minister Ab Klink (CDA) van Volksgezondheid heeft een commissie gevraagd de rol en de werkwijze van de IGZ te onderzoeken.

Die commissie onder leiding van Rein Jan Hoekstra (CDA) concludeert dat de inspectie te laat in actie kwam. In 2003 kwam een melding van een apotheek over door de neurolog aan zichzelf voorgeschreven medicijnen. Daarop had ‘een gedegen onderzoek moeten beginnen’, aldus de commissie. Dat gebeurde pas een half jaar later in 2004.

De inspectie had volgens de eigen regels aangifte moeten doen van diefstal van medicijnen en vervalsing van recepten door J. Ook had de inspectie het nakomen van afspraken over werkhervatting door de neuroloog beter in de gaten moeten houden.

J. ging in 2006 weer als neuroloog aan de slag, ook al had hij zich niet aan afspraken met de IGZ gehouden. De IGZ-top wist niet wat was afgesproken en hoe daarmee werd omgegaan.

Volgens de commissie Hoekstra moet de IGZ voortaan openstaan voor klachten van individuele patiënten, familieleden of nabestaanden. ‘De inspectie stelt zich hierbij terughoudend op’, vindt de commissie. ‘Té terughoudend.’ Dat moet anders concludeert Hoekstra.

Ook is de rolverdeling tussen het ministerie en de inspectie onduidelijk. Weliswaar valt de inspectie onder verantwoordelijkheid van de minister van Volksgezondheid, toch opereert de IGZ met ‘een zekere onafhankelijkheid’. De positie van de inspectie binnen het ministerie moet anders, vindt Hoekstra.

De interne organisatie van de IGZ zou ook moeten worden herzien. De inspectie wekt landelijk, maar kent sinds de oprichting in 1804 een regionale opzet. Dat werkt nog steeds door.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.