Drie vragen

Inleveracties brengen steeds honderden wapens op tafel, maar hebben ze echt zin?

Het mantra van inleveracties: elk wapen van de straat is er één. Na een actie in Arnhem waren het er vorige week 178. Maar zijn dat wapens waarmee anders misdrijven zouden zijn gepleegd?

Resultaat van een inleveractie, vorige week in Arnhem. Beeld Politie Arnhem
Resultaat van een inleveractie, vorige week in Arnhem.Beeld Politie Arnhem

Zestig vuurwapens, waaronder elf geweren, acht handvuurwapens en tien neppistolen. Plus een paar kilo munitie en ruim honderd slag-, stoot- en steekwapens. Dat leverde een wapeninleveractie in Arnhem vorige week op. ‘Overweldigend’, jubelde woensdag Erik Bomhof, politieteamchef Arnhem-Zuid. Burgemeester Ahmed Marcouch viel hem bij: ‘Arnhem verdient een vervolg, want elk ingeleverd wapen maakt de stad veiliger.’

Het woord ‘ontwapeningsactie’ riep vroeger associaties op met milities en rebellen in, zeg, Colombia of Soedan. Tegenwoordig is er bijna elke week wel ergens in Nederland een vrijwillige wapeninzameling. In de regio Den Haag (#dropit) was de oogst vorige maand 669 wapens – ‘boven verwachting’. Komende week is het de beurt aan de Noord-Brabantse hoofdstad, onder het motto ‘Den Bosch ontwapent’. Niet alleen grote steden, maar ook plaatsen als Staphorst en Terneuzen doen mee. Delft overweegt een inzamelinitiatief op scholen. Heeft het zin?

Wat is de gedachte achter inleveracties?

Gemeenten, politie en justitie hopen vooral het aantal steekincidenten onder jongeren terug te dringen door hun de gelegenheid te geven om zonder verdere vragen wapens in te leveren. Het uitgangspunt is overal dat er geen straf voor verboden wapenbezit bij komt. Steekwapens kunnen anoniem worden ingeleverd. In Den Haag stonden er gele kliko’s voor klaar, in Arnhem konden messen ook worden afgegeven in twee jongerencentra. Vuurwapens worden na een telefoontje thuis opgehaald, waarbij wel onderzocht wordt of er een misdrijf mee is gepleegd.

De inzamelacties zijn een van de maatregelen uit het Actieplan Geweld en Jongeren. De politie heeft een draaiboek beschikbaar. Het ministerie van Justitie en Veiligheid heeft een potje van 100 duizend euro per jaar (tot en met 2022) en ook de politie heeft budget vrijgemaakt.

In de Week van de Veiligheid wordt er tussen 11 en 17 oktober op initiatief van demissionair minister Ferd Grapperhaus zelfs een landelijke inzamelactie voor steekwapens gehouden. ‘Sinds anderhalf jaar wordt onze samenleving regelmatig opgeschrikt door een toename van steekincidenten waarbij jongeren betrokken zijn’, schrijft Grapperhaus in zijn appel aan burgemeesters.

In 2018 en 2019 nam het aantal geweldsincidenten onder jongeren met wapens inderdaad toe, na een jarenlange daling, bleek recentelijk uit cijfers van het CBS en WODC, zegt Frank Weerman, bijzonder hoogleraar jeugdcriminologie aan de Erasmus Universiteit en verbonden aan het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR). Maar vorig jaar nam het aantal incidenten alweer af. ‘Er is zeker wat aan de hand, maar vergeleken met de jaren negentig gaat het echt een stuk beter.’

Niettemin springen berichten over steekincidenten met jonge daders en slachtoffers steeds in het oog. Het aantal geweldsincidenten onder jongeren was ook in Arnhem de aanleiding voor de inzamelweek, zegt een politiewoordvoerder. ‘Dat baart ons grote zorgen.’

Werpt het inleveren vruchten af?

Welk corps je het ook vraagt, het mantra van de wapeninleveracties klinkt in koor: elk wapen van de straat is er één. En met een mes dat je niet bij je draagt, kun je niet steken.

Het gaat ook om het ‘signaal’, benadrukt de woordvoerder van de politie in Oost-Nederland tot drie keer toe. ‘Jongeren denken misschien dat het dragen van een mes hun veiligheid vergroot of statusverhogend is. Wij willen een alternatief bieden.’

Het roept de vraag op waarom jongeren iets dat statusverhogend is vrijwillig zouden afstaan. De beelden van tafels vol wapens – altijd gesorteerd op type, soms ook op formaat en kleur – zetten steeds een uitroepteken achter de acties. Maar door de vaak oude wapens die er liggen, lijken ze vaker op een museumuitstalling dan op het arsenaal van een moderne drugsbende.

Leiden de inzamelacties tot minder geweldsincidenten? ‘Daar zetten we wel op in’, zegt de politiewoordvoerder in Arnhem. Burgemeester Marcouch benadrukte evenwel dat ‘opvoeders niet moeten denken dat hun taak erop zit’.

‘Elk wapen van de straat is er één – dat is een waarheid als een koe’, zegt bijzonder hoogleraar Weerman. ‘Maar onderzoek naar de effectiviteit van wapeninzamelacties heb ik niet kunnen vinden. We weten dus niet of het werkt.’

Een signaal afgeven – niet te verwarren met symboolpolitiek – en een norm stellen kan best nuttig zijn, zegt Weerman. ‘Maar: verwacht er niet te veel van. Een inzamelactie is zeker geen panacee.’

De redenen achter wapenbezit en -geweld zijn divers en complex, zegt de hoogleraar. Jongeren voelen zich onveilig, zijn domweg geïnteresseerd in wapens, staan bloot aan sociale beïnvloeding en groepsvorming, hebben soms een getroebleerde jeugd, willen roven of ontlenen er status aan. ‘Jongeren die van plan zijn wapens te gebruiken, gaan die niet inleveren. Dat doen mensen die ervan af willen.’

Waarom gaan gemeenten er toch mee door?

De roep om actie is groot. Sommige gemeenten twijfelen niettemin aan het nut. Burgemeester Ton Heerts legde vorig jaar nog een voorstel van de ChristenUnie naast zich neer om ook in Apeldoorn een inzamelactie te organiseren. Hij wees op de ervaringen in 2020 in de regio IJsselland, rond Zwolle.

Het wapengekletter op de tafels leek er wel fors, maar van de 241 ingeleverde (imitatie)vuurwapens bleken er slechts vier schietklaar. Misdrijven werden er niet door opgelost. Het had duidelijk gemaakt dat een wapen dragen ‘niet normaal’ is, maar uit een evaluatie bleek ook dat ‘de resultaten helaas niet in verhouding staan tot de inzet van het OM en de politie, die voor een dergelijke actie nodig is’.

Apeldoorn was volgens de burgemeester bovendien het Wilde Westen niet. Heerts zag meer in een voorlichtingscampagne. Maar inmiddels is hij onder druk van de gemeenteraad overstag gegaan en doet Apeldoorn in oktober alsnog mee aan de landelijke inzamelactie.

Het is als mode, zegt emeritus hoogleraar criminologie Cyrille Fijnaut. ‘In de jaren negentig werden er na reeksen overvallen ook wapeninzamelacties gehouden. Tegen het inleveren van wapens kun je niet zijn. Maar is het wel onderdeel van breder beleid tegen wapengeweld? Kinderen vinden weleens tot hun schrik een jachtgeweer in de kelder van hun ouderlijk huis. Aardig, maar zo’n passieve vorm is geen oplossing voor het geweldsvraagstuk.’

Het gevoelige punt bij inleveracties is dat juist de actievere vorm van bestrijding van illegaal wapenbezit, de wapenrecherche, in Nederland al jaren geen prioriteit meer is, zegt Fijnaut. ‘Tot onbegrip en frustratie van wapenrechercheurs. Bij terroristische aanslagen in Frankrijk werden wapens uit Nederland gebruikt. In dat licht is een inzamelactie in een buurthuis een pleister op een houten been.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden