Inhalige verzekeraar geeft weinig terug

Consumentenclubs zijn zeer ontevreden over de compensatieregeling voor woekerpolissen. Als verzekeraars niet dieper in de buidel tasten, stappen ze naar de rechter....

Verzekeraars reageerden vorige week opvallend snel en enthousiast op het compensatievoorstel van Jan Walter Wabeke. De Ombudsman Financiële Dienstverlening vindt dat levensverzekeraars klanten met een beleggingspolis de kosten boven de 3,5 procent per jaar moeten teruggeven.

De timing van het voorstel van de Ombudsman is niet toevallig. De komende weken ontvangen miljoenen verzekerden een overzicht van hun verzekeraar waarin de kosten van hun beleggingsverzekering duidelijk zichtbaar zijn. ‘Veel mensen zullen daar van schrikken’, zegt Rob Okhuijsen, woordvoerder van belangenorganisatie Stichting Verliespolis.

Normaal gesproken reageren verzekeraars niet snel op rapporten met kritiek op hun producten. Ze houden de boot af met het argument dat ze de aanbevelingen nog moeten bestuderen. Dit keer was dat blijkbaar niet nodig. Ze wisten waar de aanbevelingen van de Ombudsman op zouden neerkomen.

De reactie van de verzekeraars op het niet-bindende advies was ook zonder mitsen en maren. ‘Een helder kader voor een oplossing in een lastig dossier', zei Richard Weurding, directeur van het Verbond van Verzekeraars. Ook grote verzekeraars zoals Aegon en Nationale-Nederlanden waren positief. Ze zouden de aanbevelingen opvolgen en hoopten dat dit de manier was de vertrouwen van de consument terug te winnen.

Dat vertrouwen heeft de afgelopen jaren flinke deuken opgelopen. Stukje bij beetje werd steeds duidelijker dat verzekeraars consumenten jarenlang te dure beleggingsverzekeringen hebben verkocht. ‘Verzekeraars wisten dat deze markt eindig was’, zei Arnoud Boot in consumentenprogramma Radar. ‘Het was strategie van verzekeraars zo veel mogelijk polissen te verkopen zolang het nog kon.’

Van elke 100 euro die een verzekerde inlegde, werd gemiddeld slechts 60 euro belegd; de rest ging op aan kosten.

Miljoenen Nederlanders hebben zo’n polis waarbij de inleg deels in aandelen wordt belegd. Het doel van dit financiële product is dat de polishouder na tien tot dertig jaar kan cashen. Soms om een hypotheek af te lossen en in andere gevallen om het pensioen aan te vullen. Andere consumenten zagen een spaarplan van Aegon/Spaarbeleg als een slimme manier een appeltje voor de dorst op te bouwen.

De informatie die verzekeraars en tussenpersonen bij deze producten gaven, was doorgaans vrolijk van toon. De kosten kwamen zelden ter sprake ondanks de roep om meer openheid van consumentenorganisaties.

De kosten, die kunnen oplopen tot 40 procent van de inleg, zijn te verdelen in kosten van de verzekeraar en de tussenpersoon en de premie voor de overlijdensrisicoverzekering. Als de verzekerde doodgaat, krijgen zijn nabestaanden een bepaald bedrag. De hoogte hangt af van de gekozen dekking.

Ombudsman Wabeke heeft deze premie buiten beschouwing gelaten. Een verzekering kost nu eenmaal geld, luidt zijn redenering.

Dit is een van de onderdelen die slecht valt bij Verliespolis en Woekerpolisclaim, de twee belangenorganisaties die zich inzetten voor consumenten met een woekerpolis. De premie voor de overlijdensrisicoverzekering is verstopt in de polis en daarom hebben consumenten nooit kunnen kiezen voor een scherp tarief. Verzekeraars konden ongestraft hoge tarieven verbergen in hun producten.

Ook de hoofdregel (kosten boven 3,5 procent teruggeven) van de compensatie vinden de belangenclubs zwaar onvoldoende. ‘Dit betekent dat hoogstens een kwart van de verzekerden voor compensatie in aanmerking komen’, zegt Okhuijsen van Stichting Verliespolis, een initiatief van Vereniging Eigen Huis en de Vereniging van Effectenbezitters, waarbij 80 duizend gedupeerde verzekerden zijn aangesloten..

De Ombudsman vindt dat de kosten eigenlijk vanaf 2,5 procent zouden moeten worden teruggeven. (Ter vergelijking: een beleggingsfonds brengt jaarlijks gemiddelde kosten 1,5 procent in rekening.) Maar omdat niet alleen verzekeraars verantwoordelijk zijn voor de gang van zaken maar ook consumenten (niet oplettend), en overheid (onduidelijke regels) blaam treft, heeft het hij percentage opgeschroefd tot 3,5 procent. Verzekeraars zijn 1,5 tot 2 miljard euro kwijt aan deze regeling.

Verliespolis ziet het advies van de Ombudsman als een eerste stap. Dit soort affaires begint vaak met een eerste bod dat oploopt als de druk wordt opgevoerd. ‘Verzekeraars beginnen zich te realiseren dat ze deze procedure alleen kunnen afsluiten als ze met een goed bod komen. Als ze dat niet doen, blijft deze zaak verzekeraars achtervolgen’, aldus Okhuijsen.

Stichting Verliespolis onderhandelt nog met drie verzekeraars. Als die voor 1 april niet met een acceptabel bod komen, stapt de stichting naar de rechter. ‘We hebben explosief materiaal dat we dan zullen presenteren.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden