Informatie over leraarschap: zitten en tevergeefs wachten

Twintig, vijfentwintig meisjes (en een moeder) zitten in een zaaltje op de Studiebeurs, de grote driedaagse informatiemarkt voor aankomend studenten in de Jaarbeurs Utrecht....

Van onze verslaggeefster

Hanneke de Klerck

UTRECHT

Twintig, vijfentwintig meisjes (en een moeder) zitten in een zaaltje en wachten, allengs onrustiger (Het begon toch om half twaalf? Toch?) op een inleider die niet komt. Drie meisjes vertrekken na tien minuten. Moeder en dochter stappen op na een kwartier, de achtergebleven meisjes kletsen, bladeren in het programmaboekje en houden het dan ook voor gezien.

Twintig, vijfentwintig belangstellenden, dat lijkt nog helemaal niet zo slecht voor een opleiding waarover minister Ritzen van Onderwijs nog zeer onlangs de noodklok luidde. Uit zorg om een toekomstig tekort aan leraren stelde Ritzen in een brief aan de Tweede Kamer een experiment voor om academici in drie maanden klaar te stomen voor een baan in het onderwijs. Het ministerie is een wervingscampagne voor het basisonderwijs begonnen, waarin de nadruk ligt op de waardering die onderwijzers - achteraf - krijgen. Bij foto's van een jonge Ronald Giphart of Wim Duisenberg hoort de vraag wie hun heeft leren schrijven en rekenen, en het antwoord: 'goed gedaan, juf' (of meester, natuurlijk).

Verwoede pogingen een onaantrekkelijk beroep aantrekkelijk te maken- en ondertussen studentes-in-spe laten zitten. Bij de stand van het ministerie, een flink stuk verder, leunt achteloos een bescheiden bordje tegen de muur, waarop staat dat alle vier workshops zijn geannuleerd. 'Ze waren te specialistisch', zegt een medewerker, maar meer weet hij er ook niet van.

'We kwamen erachter dat de gesprekken in de stand al voldoende waren', laat een woordvoerster van het ministerie achteraf weten. 'De mensen die langskwamen, bleven vrij lang zitten, wel tien minuten, een kwartier, en dan werd er gesproken over precies die dingen die ook in de workshops aan de orde zouden komen.'

Maar in de stand is de belangstelling niet denderend. Drie meisjes uit een Dordtse 5-vwo-klas verzamelen folders, niet voor zichzelf, maar voor een vriendin van een van hen. 'Je hoort het heel weinig', zegt die ene - er zijn haast geen medeleerlingen met belangstelling voor het basisonderwijs.

Voor een videomuur met wervende filmpjes probeert een medewerker de interesse van voorbijgangers te wekken met de belangrijkste troef van het ministerie: het beginsalaris van een leraar. 'Wat denk jij dat je zou gaan verdienen? Bruto, bedoel ik', vraagt hij een blozend meisje dat weigert te antwoorden. 'Toe maar, zeg maar wat.' Hij wendt zich tot een ander meisje, dat gokt op vijftienhonderd gulden. Vijftienhonderd, zegt ook een derde meisje; twaalfhonderd, durft de eerste nu. Bruto.

Triomfantelijk laat de man het staatje zien dat hij aldoor in zijn hand hield. Hij wijst. 'Bruto 3800 gulden, als je begint. Dat is netto 2700.' Een leraar basisonderwijs, staat ook in de tabel, verdient bruto meer dan een beginnend verpleegkundige (2850 gulden) of een maatschappelijk werker bij de sociale dienst (2900). De afgelopen drie jaar zijn de salarissen in het onderwijs behoorlijk opgetrokken in een poging het vak aantrekkelijker te maken.

'Dat is mooi meegenomen, dan', zeggen de meisjes, vóór ze - zonder folders - weglopen.

'Je zet ze toch aan het denken', zegt de medewerker. 'Sommigen komen terug.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden