Achtergrond Reikwijdte politie

Infiltreren in een terreurgroep: goede politieactie of uitlokking?

De twee mannen die maandag zijn aangehouden op verdenking van het voorbereiden van een aanslag, worden donderdag voorgeleid aan de rechter-commissaris in Rotterdam. De Zoetermeerders zijn aangehouden met dank aan infiltranten, die volgens justitie ‘onmisbaar’ waren bij het verzamelen van bewijs. Maar uitlokking ligt op de loer bij zo’n infiltratieactie. Hoe ver mag de politie gaan? 

Een inval door de politie. Beeld Politie

Een aanslag ‘met bomvesten en een of meer autobommen’ hadden de mannen van 20 en 34 jaar volgens justitie willen plegen. Maar het enige wat er knalde in Zoetermeer was een explosief van de Dienst Speciale Interventies, waarmee maandag de politie-inval in de woning van een van de verdachten begon. Met de arrestatie van het duo is volgens het Openbaar Ministerie een aanslag, ‘vermoedelijk eind van het jaar in Nederland’, voorkomen.

In het persbericht neemt justitie alvast de vlucht naar voren over de ‘zorgvuldig opgezette’ actie: ‘Het bewijs tegen de mannen is verkregen door de inzet van politie-infiltranten’, staat er. ‘Zij waren onmisbaar om zicht te krijgen op de verdachten en hun plannen voor het plegen van een aanslag.’

De zaak doet enigszins denken aan de actie tegen zeven mannen uit de regio Arnhem, die vorig jaar werden opgepakt omdat ze een grote aanslag zouden hebben willen plegen. Undercoveragenten kwamen toen met de verdachten samen in een vakantiehuisje in Weert om hen daar te laten oefenen met wapens en bomvesten. Op beelden van die actie, die uitlekten via RTL Nieuws, is onder meer te zien hoe een van de verdachten een kalasjnikov kust.

Het zijn successen die door de opsporingsdiensten worden gevierd en die bewondering oogsten van de buitenwereld. Successen die niet mogelijk waren geweest zonder de infiltranten. Maar er is ook kritiek, want uitlokking ligt op de loer. Hoe ver mag de politie bij infiltraties gaan?

Enkel een aanwijzing

Bij vermoedens van terrorisme ligt de lat om dit middel in te zetten relatief laag, zegt Sven Brinkhoff, hoofddocent strafrecht aan de Open Universiteit en gespecialiseerd in bijzondere opsporingsmethoden. ‘Bij terrorisme mag de politie al infiltreren wanneer sprake is van enkel een aanwijzing en dat kan ook een gerucht zijn. Bij andere misdrijven moet er sprake zijn van een redelijk vermoeden of een verdenking.’

Het Openbaar Ministerie moet de infiltratie goedkeuren. Dat zal alleen gebeuren als de actie in verhouding staat tot de zwaarte van het misdrijf en andere, lichtere opsporingsmethoden ontoereikend zijn om bewijs te verzamelen. Ook moet in een plan zijn vastgelegd hoe de infiltrant en de ‘runner’ – degene die hem aanstuurt – te werk gaan.

Volgens de politie worden jaarlijks zo’n zestig tot tachtig undercoveroperaties uitgevoerd. Dat gaat van informanten die hun oor te luister leggen in de kringen van de verdachte, tot aan infiltraties waarbij undercoveragenten zelf onderdeel gaan uitmaken van een crimineel netwerk. Soms wordt geprobeerd verdachten een bekentenis te ontlokken. In de zaak tegen een vluchteling uit het Zeeuwse Kapelle die in Syrië een terroristengroep zou hebben geleid, bevestigde de verdachte bijvoorbeeld aan een undercoveragent dat zijn stem te horen was op een executievideo. 

Op welke manier de infiltratie in de Zoetermeerse zaak is aangepakt is niet bekend, maar duidelijk is wel dat het een relatief snelle actie is geweest. Begin oktober hebben de infiltranten op basis van informatie van inlichtingendienst AIVD contact gelegd met de twee mannen, anderhalve maand later zijn ze gearresteerd.

‘Doorgaans zal het langer duren voor het lukt vertrouwen te winnen’, zegt Brinkhoff. ‘Terrorismezaken lenen zich daarom ook lang niet altijd voor dit soort acties, want als er direct gevaar op een aanslag dreigt, zul je meteen moeten ingrijpen. Het risico is dat er dan weinig bewijs is in een strafzaak, maar het gevaar is wel afgewend.’

Dunne lijn

Renske van der Veer, directeur van het International Centre for Counter-Terrorism, zegt dat een infiltrant balanceert op een dunne lijn. ‘Hij maakt deel uit van een criminele groep die met iets naars bezig is. Met die mensen moet hij een band opbouwen. Dat is de kracht van infiltratie, maar daar zitten ook risico’s aan.’ Een infiltrant mag zelfs strafbare feiten plegen als dat nodig is om op te gaan in de criminele groepering. Eén ding is uit den boze: hij mag de verdachten niet aanzetten tot strafbare feiten die ze niet al van plan waren te plegen.

Dat betekent niet, zoals vaak gedacht, dat de infiltrant geen misdrijven mag uitlokken, verduidelijkt Brinkhoff. ‘Stel de operatie richt zich op een drugsbende, dan mag de infiltrant wel meer drugshandel uitlokken. Maar hij mag niet aanzetten tot wapenhandel of mensenhandel, bijvoorbeeld.’

‘Je wil niet dat mensen andere dingen gaan doen door toedoen van de politie’, zegt Pim Geelhoed, universitair docent straf- en strafprocesrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen. ‘In de praktijk is dat lastig te controleren, omdat je vaak maar beperkte informatie hebt over de wil van de verdachte en waar die oorspronkelijk op was gericht.’

Wat terrorismezaken in die zin anders maakt, is dat het misdrijf vaak nog gepleegd moet worden. Dan moet je bij wijze van spreken ‘in iemands hoofd kijken’, zegt terrorisme-expert Van der Veer. ‘Dat is niet makkelijk. Zeker bij terrorismezaken worden intenties vaak niet uitgesproken, omdat verdachten weten dat het hen kan schaden.’

Hoewel advocaten in de rechtszaal justitie vaak uitlokking verwijten bij undercoveracties, doorstaat het verkregen bewijs de rechterlijke toets meestal wel, zien de deskundigen. Wat daarbij meespeelt, merkt Brinkhoff, is dat er een tendens gaande lijkt waarbij de politie vaker opnamen maakt van infiltratieoperaties, in geluid of zelfs met beeld, zoals bij de Arnhemse jihadverdachten. Dat hoeft wettelijk niet, omdat het de veiligheid van de undercoveragent kan schaden als die met verborgen apparatuur moet rondlopen. Brinkhoff: ‘Maar je staat in de rechtszaal natuurlijk veel sterker als alles is vastgelegd, dan wanneer de rechter het moet doen met een schriftelijke samenvatting van de infiltrant, die in veel gevallen vanwege de veiligheid niet zelf kan worden ondervraagd.’

Meer over infiltratie door de politie

Het is lastig iemand te veroordelen voor een misdrijf dat nog niet is gepleegd. Toch kan dat wel

Twee leden van het team Werken onder Dekmantel vertelden vorig jaar in de Volkskrant hoe de politie te werk gaat bij undercoveracties

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden