Het eeuwige leven Ineke Brinkman 1934-2018

Ineke Brinkman: de actrice die cabaret exporteerde naar Noorwegen

In Nederland brak Ineke Brinkman door als actrice, maar ze vond de liefde in Noorwegen. Daar ontving ze in haar theater aan huis zelfs de Noorse koningin.

Ineke Brinkman overleed 16 september in Oslo op 84-jarige leeftijd. Beeld RV

Met de vrouwelijke hoofdrol in Bert Haanstra’s film Fanfare werd Ineke Brinkman in één klap een nationale beroemdheid.

Liefst 2,6 miljoen Nederlanders zagen de in 1958 in Giethoorn opgenomen film, waarmee Fanfare na Turks fruit de meest bezochte Nederlandse speelfilm is. Maar Ineke Brinkman verdween in tegenstelling tot Monique van de Ven snel uit beeld. Ze werd verliefd op een Noorse architect en emigreerde in 1960 naar Oslo. Af en toe kwam ze nog terug naar Nederland voor een kleine rol.

Nadat ze drie kinderen had gekregen, begon ze in Noorwegen een eigen cabaretgroep. Maar haar grootste succes was haar zelfgeschreven theatervoorstelling over de tante van de Noorse schilder Edvard Munch. Behalve in Noorwegen werd die in de VS en eind vorig jaar nog in Tsjechië opgevoerd.

Ineke Brinkman overleed 16 september in Oslo op 84-jarige leeftijd. ‘Ze was terminaal ziek, maar weigerde bestraling of chemo, omdat ze koos voor de kwaliteit van het leven’, vertelt Tanja Bouwman, docent Scandinavische talen en culturen aan de Universiteit van Amsterdam. Tanja Bouwman woonde een jaar lang bij haar om Noors te leren.

Ineke Brinkman werd geboren in Enschede. Haar vader had een bouwbedrijfje waarbij hij zelf de grond kocht, de huizen tekende en bouwde. Ineke wilde als middelste van de drie kinderen al vanaf haar 14de jaar bij het theater.

‘Na de hbs koos ze voor de toneelschool, maar vader vond dat ze eerst maar een secretaresse-opleiding bij Schoevers moest doen’, zegt haar zus Nora Bresser. Ze kwam in Arnhem terecht, waar toneelgroep Theater figuranten zocht. Ze meldde zich aan en speelde in 1953-’54 de rol van Pearl in Een zomer smeult tot as.

Ze kreeg in Arnhem les van Bernhard Droog (die ook in Fanfare te zien zou zijn) en kon in 1956 met een beurs naar de Academy of Music and Dramatic Arts in Londen.

Toen Haanstra haar vroeg voor Fanfare, was ze al verliefd op de Noorse architect Terje Backe, die ze via een zus van regisseur George Sluizer had leren kennen. In 1958 trouwden ze. Brinkman wilde toen haar carrière in Nederland nog niet opgeven, zeker niet toen ze de prijs voor beste vrouwelijke bijrol kreeg voor het stuk Etude voor één hand van de Haagse Comedie.

In Nederland werd in 1959 haar eerste kind, Peder, geboren. Een jaar later besloot ze toch met haar man naar Noorwegen te gaan. Tanja Bouwman: ‘Ze hoopte daar gemakkelijk aan de slag te kunnen. Maar Noorwegen was toen nog een heel gesloten land. En hoewel ze de taal goed beheerste, had ze een accent, zodat het moeilijk was om goede rollen te krijgen.’

In Noorwegen regisseerde zij veel amateurtoneel en gaf ze les. Ze wilde echter ook zelf optreden en richtte in 1977 een cabaretgroep op. ‘Het was heel iets nieuws. In Noorwegen was cabaret onbekend’, aldus Bouwman.

Ze probeerde het in 1983 nog een keer in Nederland, waar ze een jaar woonde aan de Prinsengracht. Ze acteerde voor televisie in De Apollo van Bellac en de serie Schoppentroef. Maar ze miste haar gezin en vrienden in Oslo. Daar had ze een piepklein theater aan huis, waar ze voorstellingen gaf. Ook koningin Sonja kwam daar een keer.

Een groot drama was het overlijden van haar zoon Peder aan kanker, toen hij net 50 jaar was geworden. In 2011 overleed Terje. ‘Spijt van het vertrek naar Noorwegen heeft ze nooit gehad’, zegt haar zus. ‘Ze vond dat ze een gelukkig leven had geleid.’

‘Mijn moeder keek nooit terug. Altijd verder vooruit’, aldus haar dochter Bente Backe. Ineke Brinkman wordt maandag gecremeerd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.