Indonesië overweegt Ahmadiyya te verbieden

De Indonesische regering dreigt een islamitische sekte te verbieden omdat die zich niet aan de grondregels van de islam zou houden....

Mensenrechtengroepen en kritische media halen fel uit naar de regering. De vrijheid van godsdienst staat op het spel, zeggen zij.

De Ahmadiyya ziet zichzelf als een afsplitsing van de islam, zoals protestantisme een afsplitsing is van het katholicisme. Zij volgt de Koran, en de gebedsdiensten wijken niet af van die van andere moslims.

Het belangrijkste verschil is echter dat volgens Ahmadiyya niet Mohammed, maar maar Mirza Ghulam Ahmad de laatste profeet van de islam is. Deze predikt een meer mystieke, ingetogen vorm van de islam.

Ahmadi’s liggen al jaren onder vuur van conservatieve en radicale moslims. In 2005 heeft de Raad van Ulama (islamitische schriftgeleerden), het hoogste islamitische orgaan in het land, een fatwa uitgevaardigd tegen de ‘ketterse’ beweging.

Deze banvloek leidde tot een golf van geweld. Huizen en moskeeën van Ahmadi’s werden in brand gestoken en duizenden mensen belandden in vluchtelingenkampen, verspreid over Indonesië.

De leden van de Ahmadiyya voelen zich vogelvrij. Dat gevoel is ernstig versterkt door het besluit van een hoge adviesraad van de regering, die deze week heeft bepaald dat Ahmadi’s zich niet houden aan de grondbeginselen van de islam, en daarom verboden moet worden.

President Susilo Bambang Yudhoyono hoeft nu alleen nog maar zijn handtekening onder dat besluit te zetten, en de Ahmadiyya is ook officieel vogelvrij.

Volgens tal van critici wordt met een verbod een gevaarlijke grens overschreden.

Indonesië, het land met de grootste moslimpopulatie ter wereld, gaat er altijd prat op een tolerante, pluriforme staat te zijn. Dat houdt op, zodra de regering gaat bepalen wie wel en wie geen goede moslims zijn, en zich daarbij bovendien laat leiden door conservatieve, rechtlijnige moslims, aldus de critici.

Vooral de Engelstalige krant The Jakarta Post reageerde vrijdag furieus op het aanstaande verbod van de sekte, die in Indonesië een half miljoen aanhangers heeft. ‘Indonesië is officieel opgehouden de tolerante natie te zijn, die het altijd zegt te zijn geweest. (...) De regering kiest de kant van de conservatieve moslims. (...) Je vraagt je af wie hun volgende doelwit zal zijn, nu ze hier hun zin hebben gekregen. (...) Het land is niet meer veilig, vooral niet voor religieuze minderheden. (...) We kunnen Indonesië voortaan net zo goed een islamitische staat noemen.’

De critici voelen zich gesteund door de grondwet, die alle inwoners van Indonesië vrijheid van godsdienst garandeert. Er is geen wet die mensen verbiedt een bepaald geloof aan te hangen. De adviesraad die de Ahmadiyya wil verbieden, beroept zich op een ander soort wet: hun activiteiten veroorzaken, volgens een woordvoerder van de adviesraad, ‘onrust en conflict in de samenleving’. Het aanzetten tot onrust is wél strafbaar volgens de Indonesische wet. Wanneer president Yudhoyono een beslissing neemt in deze netelige kwestie is niet bekend.

De belaagde sekteleden wachten het gelaten af.

De vrijdagse gebedsdienst in Parung, een dorp niet ver van Jakarta, verloopt zoals alle vrijdagse gebedsdiensten. Mannen knielen en raken de grond aan met hun voorhoofd, terwijl uit de luidsprekers ‘Allahu Akbar’ klinkt, ‘God is groot’. De geestelijke zoekt troost in de mededeling dat onder Allah ‘geen mens zeker is van zijn leven’. God kan altijd en overal toeslaan, dus wat zou je ménsen vrezen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.