In Washington wordt om hete brij heen gedanst

Temidden van extra uitgebreide veiligheidsmaatregelen wegens de aanslag in Oklahoma is Washington deze week opnieuw het decor van een halfjaarlijks theaterstuk over de wereldeconomie....

GEERT-JAN BOGAERTS

Van onze verslaggever

Geert-Jan Bogaerts

WASHINGTON

Hun vergadering, die morgen plaatsvindt, zal bepalend zijn voor het scenario dat de zeventien spelers van bijrollen woensdag moeten uitvoeren. Woensdag vergadert het beleidsbepalende Interim Comité van het Internationaal Monetair Fonds. In dat Comité zitten de G-7 en zeventien andere belangrijke lidstaten van het Fonds, waaronder Nederland. De G-7 slaagt er meestal aardig in de agenda van het Interim Comité te bepalen.

Meestal, maar niet altijd. Vorig najaar ging het in Madrid helemaal mis. De G-7 hadden niet voorzien dat de ontwikkelingslanden zoveel heisa zouden maken over een IMF-voorstel om de wereldeconomie te voorzien van een kapitaalinjectie van 90 miljard gulden in IMF-geld, de SDR's. De G-7 wilden dat beperken tot 40 miljard, de ontwikkelingslanden verzetten zich heftig tegen die beperking, en het resultaat was een ruzie die zelden eerder was vertoond in IMF-verband.

IMF-directeur Michel Camdessus, sterk voorstander van een uitgebreide kapitaalinjectie, wil deze vergadering opnieuw in het teken stellen van SDR's. Hij maakt weinig kans. De tegenstellingen zijn nog net zo groot als een half jaar geleden. Een beproefde IMF-traditie zal waarschijnlijk opnieuw in stelling worden gebracht: er komt een studie naar de noodzaak van een nieuwe uitgifte van SDR's.

Het is maar goed ook dat de wat zweverige en moeilijk te vatten SDR-discussie nu naar de achtergrond schuift. Een veel belangrijker zaak eist de aandacht: de verhouding tussen dollar, yen en mark. Tevens zal besproken worden welke rol het IMF kan vervullen om dit soort valutaperikelen in de toekomst te voorkomen. En bovendien moeten er wat vuiltjes worden weggewerkt over de rol die het Fonds speelde in de Mexicaanse crisis.

Genoeg te doen dus. Maar de kans is klein dat de slotverklaringen van de G-7 en het Interim Comité revolutionaire zinsneden zullen bevatten. Daarvoor zijn de onderlinge tegenstellingen tussen Japan, de VS en Duitsland te groot. Het komt erop neer dat vooral Japan van mening is dat de VS zijn munt gebruikt in een onverklaarde handelsoorlog. Door te weigeren iets te doen aan de lage dollar, geven de VS voedsel aan die gedachte. De lage dollar stimuleert immers de export. En het omgekeerde is ook waar: de dure yen maakt het leven van de Japanse exporteurs wel erg zuur.

Duitsland heeft zich bij monde van kanselier Kohl eind vorige week ook boos getoond over wat gezien wordt als Amerikaanse laksheid. Tegelijkertijd echter heeft de Bundesbank meer begrip voor de Amerikaanse positie dan de Japanners kunnen opbrengen. Anders dan bijvoorbeeld De Nederlandsche Bank heeft de Fed helemaal geen taak met betrekking tot de dollar. De Amerikaanse wet verplicht de Fed tot twee taken: bestrijding van inflatie en het voorzien in volledige werkgelegenheid. Dat is een feit waarvan de Fed heeft uit te gaan, hoewel de Fed-directeur, Alan Greenspan, heel wel beseft dat de twee taken inherent tegenstrijdig zijn. Daarom hebben hij en zijn voorganger, met meer of minder knarsetandend gegeven steun van de opeenvolgende regeringen in de VS, de afgelopen tien jaar voorrang gegeven aan de inflatiebestrijding.

Om de dollar te ondersteunen, zou de Fed nu de rente moeten verhogen, vindt het IMF. Sterker nog, het Fonds is van mening dat de VS de belangrijkste kans al heeft laten lopen. Een gecoördineerde actie met Duitsland en Japan, die tegelijkertijd hun rente hadden moeten verlagen, had werkelijke indruk gemaakt op de financiële markten. De binnenlandse economische situatie in de VS geeft echter helemaal geen aanleiding voor een renteverhoging. Het inflatiegevaar is geweken en de economie is over zijn top

Geen renteverhoging in de VS dus, waarmee Japan en Duitsland in de kou blijven staan. Coördinatie van internationaal economisch beleid is ver te zoeken. 'Maar', zei topeconoom Michael Mussa van het IMF zaterdag, 'in het recente verleden zijn er twee momenten van coördinatie geweest. Het Plaza-akkoord in 1985 en het Louvre-akkoord in 1987 waren uitzonderingen op de regel dat elk land zijn eigen koers vaart.' Bij de eerste gelegenheid kwamen de grote industrielanden overeen dat gezamenlijke actie nodig was om de dollar naar beneden te krijgen. En in 1987 waren ze het erover eens dat de dollar te ver doorgezakt was.

Betekent dat nu dat ook het IMF geen rol meer te spelen heeft in internationale coördinatie? Daarvan zijn zelfs de VS niet overtuigd. Want uitgerekend dit land, dat samen met Duitsland het meest hangt aan zijn financiële autonomie, studeert nu op de mogelijkheid het IMF vergaande bevoegdheden te geven als een soort curator voor landen die hun schulden niet langer kunnen afbetalen of acute liquiditeitsproblemen ondervinden.

Deze studie wordt ingegeven door de Mexicaanse crisis. Het IMF heeft zich voor 17 miljard dollar gecommitteerd aan Mexico, een beslissing die in Europese ogen overhaast tot stand kwam en uitsluitend werd ingegeven door Amerikaans eigenbelang. De Amerikanen lijken zich die kritiek te hebben aangetrokken. Er moet een wettelijk kader komen, zo overweegt het Witte Huis, waardoor taken en bevoegdheden van het IMF worden afgebakend in crises als die van Mexico.

Dat zou neerkomen op een soort faillissements-procedure, die niets waard is als het IMF in dergelijke gevallen ook niet beslissingsbevoegdheden krijgt over economische en monetaire aangelegenheden van de problematische debiteur. Het voorstel komt deze week niet formeel ter tafel, maar er zal ongetwijfeld informeel over gesproken worden.

Het Interim Comité zal verder waarschijnlijk het groene licht geven voor een twee jaar durende studie over de noodzaak van een algemene kapitaalverhoging van het IMF van zo'n 100 à 150 miljard dollar.

Met dit al krijgt het theaterstuk van deze week toch het karakter van een ballet, waarbij iedereen om de hete brij heendanst. Maar het zou ook niet reëel zijn iets anders te verwachten.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden