In volle Vlaamse rijkdom bijeen

De Hermitage toont Vlaamse schilderkunst: zwierig katholiek, met veel drama.

Rubens, Van Dyck & Jordaens: Vlaamse schilders uit de Hermitage. Hermitage Amsterdam. T/m 16 maart 2012. hermitage.nl

Er is een Kruisafneming van marmer in Florence, van Michelangelo. Drie mensen, Nicodemus, Maria Magdalena en Maria tillen het lichaam van Christus zorgvuldig naar beneden. Ze hebben er nogal moeite mee - een lijf dat niet meer meewerkt, is zwaar. Het hele gebeuren is zo geconcentreerd, de groep is zo geïsoleerd, dat alles neerkomt op twee dingen: focus en verdriet. Focus op het praktische handelen, en verdriet om het verlies. Niks telt behalve dat. Als je goed kijkt, zie je beide emoties op de gezichten staan.


Om geen misverstand te laten bestaan over de zwaarte van de bezigheid, hoefde Michelangelo maar twee dingen te doen; de huid van Christus daar waar de handen hem tillen, omhoog te duwen, zodat de vingers van de dragers bijna verdwijnen in de oksels en dijen van de Heiland. En de ledematen te laten vallen als waren ze van beton. En dus hangt Zijn hoofd nét een tikje onnatuurlijk ver naar links, knikt zijn knie zoals hij bij bewustzijn nooit geknikt zou hebben, en keer de hand aan de hangende arm zich binnenste buiten.


Het beeld van Michelangelo staat niet in de tentoonstelling Rubens, Van Dyck & Jordaens in de Hermitage in Amsterdam. Vanzelfsprekend, de tentoonstelling gaat immers over Vlaamse schilderkunst. Maar wie het Italiaanse beeld kent, kan eraan denken bij de Kruisafneming van Rubens in de tentoonstelling. Dit monumentale schilderij hangt als de kroon in een erezaal. Indrukwekkend, zeker.


Een staaltje zwierige katholieke kunst, met fladderende gewaden en veel drama, zoals het hoort bij dit beeldtype, dat bedoeld was gelovigen bewust te maken van het belang van dit offer. Op details is gelet. Maria Magdalena bovendien is een echte Vlaamse schone, met zachte rondingen en golvend gouden haar.


Maar één ding ontbreekt: het gewicht van de dode. Jezus 'glijdt als een glimworm' door de armen van de nabestaanden, zoals een collega-criticus het omschreef. Maar Jezus was geen glimworm. Niets in zijn houding, zijn lijf of dat van de omstanders wijst op de zwaartekracht. Geen omhoog geduwde lappen huid, geen gespannen armen van de dragers of handen die verdwijnen in het vlees. Nicodemus houdt de schouder van de Heiland vast alsof-ie Maria een papiertje aanreikt.


Rubens' Kruisafneming van 1618 is de veertiende en laatste in een reeks van de schilder. De eerste, het grote altaar in de Onze Lieve Vrouwenkathedraal in Antwerpen (1614), had hem geen windeieren gelegd. Het enorme en, net als bij Michelangelo, overtuigende drama had meer opdrachtgevers op ideeën gebracht. Het toont een beeld dat in de protestante, Hollandse schilderkunst met haar bourgeois-opdrachtgevers niet te vinden is.


Het schilderij in de tentoonstelling heet voorzichtig Rubens en atelier, ervan uitgaande dat de sterkste delen van het schilderij - het gezicht van Christus, de compositie - door de meester zijn gemaakt, de rest door medewerkers.


Het is fijn dat de Hermitage Amsterdam de rijke collectie van het Russische moedermuseum grotendeels ter beschikking heeft om een overzicht van de Vlaamse schilderkunst te tonen. Maar dit schilderij toont ook de keerzijde: je moet het doen met wat je daar in de collectie hebt. Dat is van grote kwaliteit, alleen, niet altijd de grootste. En vergelijken gaat niet, want van de veertien had tsarina Catharina de Grote, die de collectie bijeenbracht, er maar één gekocht.


Door te putten uit één (niet mis te verstane) museumcollectie, is het voor de Hermitage Amsterdam niet altijd eenvoudig om tentoonstellingen met een coherente visie samen te stellen, tenzij het om de visie van de grondlegger van het museum gaat. De afbakening bij deze tentoonstelling is Vlaamse schilderkunst in de volle breedte, om de diversiteit, samenwerking en rijkdom ervan in beeld te brengen. Met goede kunst: de Hermitage heeft veertig schilderijen van Rubens (en atelier) in huis, waarvan er hier dertien te zien zijn. Er hangt prachtig werk van Anthonie van Dyck, Rubens' leerling die grootmeester werd aan het Engelse hof, zoals een familieportret met fantastisch directe blikken en een prettig ongeconcentreerde dreumes.


In één zaal hangen drie portretten van Van Dyck, in drie verschillende landen gemaakt: Virginio Cesarini uit Rome, Sir William Chaloner uit Engeland, en negenvoudig burgemeester van Antwerpen Nicolaas Rockox. Een niet te missen juweelzaaltje waarin drie belangrijke kanten van de Europese schilderkunst met één kunstenaar wordt getoond.


De schilderijen van Jordaens, de welgestelde Antwerpenaar die het zonder leermeesterschap van Rubens aankon, zijn kleiner in aantal en vooral vies: de Hermitage staat er niet om bekend vergeeld vernis vaak te verwijderen.


Verder waaiert de tentoonstelling uit over alle genres, landschap, dierenschilderijen, jacht- en bloemstillevens, portretten, religieuze en mythologische werken. Het grote schilderij bij binnenkomst, De Vereniging van Aarde en Water (1618) van Rubens met Frans Snijders, vormt eigenlijk de kop en staart van de tentoonstelling. Het is Rubens in vol ornaat: mooie naakte lichamen, een compositie die ingewikkeld is, maar waar toch een gemak vanaf straalt zoals alleen iemand dat kan neerzetten die het vak écht beheerst, warme kleuren en een intelligente allegorie, die tegelijk getuigt van mythologische kennis en van een scherp gevoel voor de politieke actualiteit in die tijd.


Geïnspireerd door de wapenstilstand tussen Vlaanderen en Holland, staat de elegante dame voor Aarde (Cybele) en de man voor de Zee (Neptunus), die alleen door vereniging tot welvaart en vruchtbaarheid leiden. De Russische dichter Poesjkin antwoordde het schilderij met een gedicht. Zijn blik was pessimistischer dan die van Rubens: Het lot der mensheid is altoos gelijk: / Eén druppel welvaart en terstond / Verlichting of een tirannie ontstond.


Dit schilderij somt het eigenlijk allemaal op: de Vlaamse kwaliteit en diversiteit, en de historisch gegroeide band met Rusland. De rest is, vaak krachtig en soms wat meer willekeurig, illustratie van dit concept.


Niet in de tentoonstelling, wel goed vergelijkingsmateriaal; de Kruisafneming van Michelangelo uit circa 1550 die ook wel de Florence Pietà heet. Rubens woonde lange tijd in Italië en liet zich inspireren door de grote Italianen, zoals Michelangelo. In deze kruisafneming bezwijken de dragers bijna, niet alleen van verdriet, maar ook onder het fysieke gewicht van de dode Jezus. In Rubens' schilderij, hieronder, lijkt Jezus soepeltjes naar beneden te zweven. Foto: Museo dell'Opera del Duomo Firenze


Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden